id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 mei 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.158.655 Rolnummer: A. 171112/XII-4667 Zaak: Arrest 158655 - Overheidsopdrachten - 11/05/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-05-18 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 19:10 Fiche Arrest nr 158.655 van 11 mei 2006 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 158.655 van 11 mei 2006 in de zaak A. 171.112/XII-4667. In zake : Patria VEHICLES OY, vennootschap naar Fins recht, die woonplaats kiest bij advocaten W. Timmermans en Chr. Ronse, kantoor houdende te 1000 Brussel, Havenlaan 86 c, bus 414 tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Landsverdediging, die woonplaats kiest bij advocaten D. D'Hooghe, N. Cahen en L. Schellekens, kantoor houdende te 1060 Brussel, Henri Wafelaertsstraat 47-51, bus 1. tussenkomende partij : MOWAG GmbH, die woonplaats kiest bij advocaat P. Mallien, kantoor houdende te Antwerpen, Meir 24. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Patria Vehicles OY op 18 maart 2006 heeft ingediend om de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van “het besluit van de Ministerraad van 27 januari 2006, waarbij ingestemd wordt met het voorstel van de Minister van Landsverdediging tot toewijzing van de opdracht voor de levering van 242 AIV-voertuigen (bestek 4RP103 van het Ministerie van Landsverdediging) aan de onderneming Mowag, alsook van de voorbereidende handelingen voor deze beslissing, te weten (
- i)het besluit van de Minister van Landsverdediging van ongekende datum waarbij de offerte van Mowag regelmatig wordt verklaard (bestek 4RP103 va het Minister van Landsverdediging), voorzover dit bestaat, en (
- ii)het besluit van de Minister van Landsverdediging van ongekende datum waarbij wordt XII-4667-1/4 voorgesteld om de opdracht voor de levering van 242 AIV-voertuigen (bestek 4RP103 van het Ministerie van Landsverdediging) toe te kennen aan de onderneming Mowag”; Gezien het gelijktijdig ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoekende partij de nietigverklaring vordert van dezelfde beslissing; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgesteld door auditeur P. Barra; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 2 mei 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 9 mei 2006; Gezien het op 4 april 2006 ingediende verzoekschrift waarbij Mowag GmbH vraagt in het administratief geding te mogen tussenkomen; dat zij voordeel blijkt te halen uit de bestreden beslissing en erbij belang heeft dat de vordering wordt afgewezen; dat haar verzoek dienvolgens moet worden ingewilligd; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat M. Gelders, die verschijnt voor de verzoekende partij, van advocaat L. Schellekens, die verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat P. Mallien, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur P. Barra; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; XII-4667-2/4 Overwegende, wat de tweede voorwaarde betreft, dat de verzoekende partij betoogt dat het haar niet toewijzen van de in het geding zijnde opdracht van “ongeveer 700 miljoen euro” het verlies betekent van een belangrijke referentie met negatieve effecten op haar concurrentiële positie; dat zij klaarblijkelijk door de huidige procedure beoogt een nieuwe kans te scheppen om zelf de opdracht alsnog toegewezen te krijgen; Overwegende dat de gevraagde schorsing in het voorliggende geschil een beslissing heeft die betrekking heeft op een overheidsopdracht waaromtrent de overeenkomst reeds tot stand is gekomen; dat zulks door geen van de partijen wordt betwist en blijkt uit een aangetekende brief van 22 maart 2000, uitgaande van de verwerende partij; dat in die brief door de bevoegde minister kennis wordt gegeven aan de tussenkomende partij dat haar de opdracht is toegewezen; dat de gevraagde schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen niet de schorsing zou meebrengen van de tot stand gekomen overeenkomst aangezien het tot de uitsluitende bevoegdheid van de gewone rechtbanken behoort om de uitvoering van een overeenkomst te schorsen; Overwegende dat bijgevolg het nadeel waardoor de verzoekende partij aanvoert te zijn bedreigd, niet kan worden tenietgedaan of vermeden door een schorsingsarrest van de Raad van State aangezien zelfs bij een dergelijke schorsing het bestaan van de voormelde overeenkomst blijft verhinderen dat het de verzoekende partij is die de betrokken opdracht uitvoert; Overwegende dat aan de tweede van de door het vermelde artikel 17 gestelde voorwaarde niet is voldaan; dat die vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing te verwerpen, BESLUIT: Artikel 1. Het verzoek tot tussenkomst van Mowag GmbH in het administratief kort geding wordt ingewilligd. Artikel 2. De vordering tot schorsing wordt verworpen. XII-4667-3/4 Artikel 3. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op elf mei 2006, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-4667-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.158.655 Gerelateerde publicatie(
- s)gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2012:ARR.220.467 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div