← België

Arrest 159006 - - 18/05/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 mei 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.006 Rolnummer: A. 93419/VII-22331 Zaak: Arrest 159006 - - 18/05/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-05-24 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-30 19:38 Fiche Arrest nr 159.006 van 18 mei 2006 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 159.006 van 18 mei 2006 in de zaak A. 93.419/VII-22.

  1. In zake : Peter SMEULDERS, die woonplaats kiest bij Advocaat R. VAN ROEYEN, kantoor houdende te BEVEREN, Grote Markt 34/b tegen : de bestendige deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Peter SMEULDERS op 10 juli 2000 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “het besluit van de Bestendige Deputatie van de provincie Antwerpen dd. 27.04.2000 (...) waarbij het hoger beroep -ingediend door de verzoeker tegen de beslissing van 20.12.1999 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Wuustwezel, waarbij een vergunning werd geweigerd- voor het exploiteren te 2990 Wuustwezel, Bredaan, (van) een inrichting voor paintbalshooting, werd afgewezen, en waarbij het besluit van het college van burgemeester en schepenen van Wuustwezel dd. 20.12.1999 waarbij vergunning werd geweigerd, werd bevestigd”; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de beschikking van 16 februari 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 23 februari 2006; VII-22.331-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij heeft aangekondigd geen verzoek tot voortzetting van de procedure te zullen indienen; dat krachtens het voormelde artikel 21, zesde lid, te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  2. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. VII-22.331-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achttien mei tweeduizend en zes, door : Mevr. M.-R. BRACKE, kamervoorzitter, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. M.-R. BRACKE. VII-22.331-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.006 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.