← België

Arrest 159049 - - 22/05/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 mei 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.049 Rolnummer: A. 63466/IX-538 Zaak: Arrest 159049 - - 22/05/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-06-01 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-06-30 19:52 Fiche Arrest nr 159.049 van 22 mei 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 159.049 van 22 mei 2006 in de zaak A. 63.466/IX-

  1. In zake : Ivo MARX, wonende te KURINGEN, Dormaalstraat 14/1 tegen : de Rijksdienst voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV). --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het “bezwaarschrift” dat Ivo MARX op 12 april 1995 heeft ingediend tegen de “vaststelling van en tegen de gegeven informatie over de erelonen der zelfstandige kinesitherapeuten in 1995”; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur J. STEVENS; Gelet op de beschikking van 14 januari 1997 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien het verzoek tot voortzetting van de verzoekende partij en de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 27 maart 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 8 mei 2006; Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; Gehoord de opmerkingen van verzoeker, en van attaché M. SMITS, die verschijnt voor de verwerende partij; IX-538-1/3 Gehoord het eensluidend advies van auditeur D. MAREEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  2. Overwegende dat het verzoekschrift ertoe strekt de nietig- verklaring te verkrijgen van de vastgestelde tarieven van de erelonen van de kinesitherapeuten voor het jaar 1995; dat daarnaast aan de Raad van State ook gevraagd wordt vooreerst vast te stellen dat de volledige omvang van de prijsdaling in de omzendbrief aan de kinesitherapeuten uiteengezet moet worden, vervolgens de prijs van de prestaties voor 1995 zelf vast te stellen en tenslotte elke toekomstige toepassing van het koninklijk besluit van 8 juni 1967 preventief te annuleren zolang de omzendbrieven aan de kinesitherapeuten geen melding geven van alle prijsdalingen sinds 1966;
  3. Overwegende dat de verwerende partij het beroep om drie redenen niet ontvankelijk vindt; dat zij betoogt dat het voorwerp van het beroep tegen de vaststelling van de tarieven onduidelijk aangegeven is, dat het verzoekschrift geen vermelding bevat van de geschonden rechtsregels en dat de Raad van State niet bevoegd is om zich uit te spreken over de vaststelling van de tarieven;
  4. Overwegende dat de Raad van State als administratief rechts- college uitspraak doet over vragen tot nietigverklaring van beslissingen van administratieve overheden; dat hij niet bevoegd is om in de plaats van het bestuur beslissingen te nemen of om het bestuur te verplichten bepaalde beslissingen te nemen of bepaalde handelingen te stellen; dat, vanuit dat oogpunt, het beroep enkel ontvankelijk kan zijn waar het gericht is op de nietigverklaring van de erelonen voor 1995 voor de kinesitherapeuten; Overwegende, wat betreft de vraag tot nietigverklaring van de vastgestelde erelonen voor 1995, dat het verzoekschrift op geen enkele wijze aanduidt welke rechtsregel de verwerende partij bij de vaststelling van de erelonen voor het jaar 1995 zou geschonden hebben; dat, afgezien van de vraag naar de bevoegdheid van de Raad van State, het beroep in elk geval om die reden verworpen moet worden, IX-538-2/3 BESLUIT: Artikel
  5. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  6. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van verzoeker. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig mei 2000 en zes, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, L. HELLIN, staatsraad, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. J. DE BRABANDERE. IX-538-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.049 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.