id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 mei 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.125 Rolnummer: A. 165553/XII-4525 Zaak: Arrest 159125 - - 23/05/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-05-31 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-30 19:58 Fiche Arrest nr 159.125 van 23 mei 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 159.125 van 23 mei 2006 in de zaak A. 165.553/XII-
- In zake : Robert STIJNEN, wonende te Sint-Truiden, Roosebeekstraat 9 tegen : het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door de Scholengroep 15 Limburg Noord. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Robert Stijnen op 26 augustus 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing d.d. 22.06.2005 van de Scholengroep 15 Limburg Noord”; Gelet op de kennisgeving aan verzoeker op 9 december 2005 van het feit dat de verwerende partij verzuimd heeft een memorie van antwoord in te dienen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; XII-4525-1/2 Overwegende dat bij het kennis geven aan verzoeker van het verzuim van het indienen van een memorie van antwoord de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat verzoeker binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 8, samengelezen met artikel 7 van voornoemd besluit van de Regent, geen toelichtende memorie aan de griffie heeft laten geworden; dat krachtens voormeld artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoeker. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig mei 2006, door : de HH. G. VAN HAEGENDOREN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. G. VAN HAEGENDOREN. XII-4525-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.125 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.