← België

Arrest 159795 - - 08/06/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 juni 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.795 Rolnummer: A. 170708/VII-35592 Zaak: Arrest 159795 - - 08/06/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-06-19 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-30 21:23 Fiche Arrest nr 159.795 van 8 juni 2006 - Beslissing : heropening debatten Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 159.795 van 8 juni 2006 in de zaak A. 170.708/VII-35.

  1. In zake :
  2. Bart DENDOOVEN,
  3. Robert WITTEVRONGEL, die woonplaats kiezen bij Advocaat F. CORYN, kantoor houdende te GENT, Casinoplein 19 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij Advocaat J. BERGÉ, kantoor houdende te LEUVEN, Naamsestraat
  4. tussenkomende partij : de landbouwvennootschap STAVANO-VAN OVERBEKE, die woonplaats kiest bij Advocaat W. DE CUYPER, kantoor houdende te SINT-NIKLAAS, Vijfstraten
  5. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Bart DENDOOVEN en Robert WITTEVRONGEL op 3 maart 2006 hebben ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur van 5 december 2005 houdende uitspraak over het beroep aangetekend tegen de beslissing van de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 4 mei 2005, houdende het gedeeltelijk verlenen van de vergunning aan Daniël GERIS, om een pluimveehouderij te exploiteren, gekoppeld aan de verplaatsing van een gemengde veeteeltinrichting, gelegen te Aalter, Hageland 4; Gezien het verzoekschrift dat dezelfde partijen op dezelfde datum hebben ingediend om de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van hetzelfde besluit; VII-35.592-1/6 Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur G. DE BLEECKERE, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, waarin tevens wordt geconcludeerd over de vordering tot schorsing; Gelet op de beschikking van 6 april 2006, houdende bevel tot neerlegging van het verslag en oproeping van de partijen om te verschijnen op 4 mei 2006; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van Staatsraad E. BREWAEYS; Gehoord de opmerkingen van Advocaat P. STEENHAUT die, loco Advocaat F. CORYN verschijnt voor verzoekers, van Advocaat J. BERGÉ, die verschijnt voor de verwerende partij, en van Advocaat E. RENTMEESTERS die, loco Advocaat W. DE CUYPER verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het advies van Auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de Raad van State de zaak als volgt beoordeelt:
  6. De tussenkomst Met een verzoekschrift van respectievelijk 16 maart 2006 en 25 april 2006 heeft de landbouwvennootschap STAVANO-VAN OVERBEKE gevraagd om in het administratief kort geding en het annulatieberoep te mogen tussenkomen. Aangezien zij houder is van de kwestieuze vergunning, kan haar verzoek worden ingewilligd. VII-35.592-2/6
  7. De feiten De vergunde inrichting is gelegen te Aalter, Hageland 4, in landschappelijk waardevol agrarisch gebied volgens het bij koninklijk besluit van 24 september 1978 vastgestelde gewestplan "Eeklo-Aalter". De inrichting werd overgenomen door tussenkomende partij, die de eigenaar is van de betrokken percelen. Van die overname werd akte genomen door de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen bij besluit van 27 oktober
  8. Eerste verzoeker is de eigenaar en bewoner van de hoeve gelegen Hageland 5, aan de overkant van de straat diagonaal tegenover het perceel waarvoor de bestreden vergunning werd verleend op een 150-tal meter. Tweede verzoeker is de eigenaar van een hoeve gelegen Hageland 3, ten oosten van het perceel waarvoor de bestreden vergunning werd verleend, op een afstand van minder dan 100 meter. Met de thans bestreden beslissing wordt een uitbreiding met plaatsen voor 8.438 leghennen (door samenvoeging met een bedrijf uit Peer en verplaatsing) vergund zodat de inrichting voortaan plaatsen voor 31.128 leghennen zou omvatten. De bestreden milieuvergunning is gekoppeld aan een stedenbouwkundige vergunning, verleend op 17 oktober 2005, die door de Raad van State werd geschorst bij arrest nr. 150.910 van 3 november 2005 omdat de visuele impact van de op te richten kippenstal op het landschap, en dus de mate van verenigbaarheid ervan met de schoonheidswaarde van het landschap, blijkens de motivering van de bestreden beslissing kennelijk geminimaliseerd wordt. De thans bestreden beslissing hangt samen met de beslissing van de verwerende partij van 10 oktober 2005 waartegen de verzoekers eveneens een verzoek tot schorsing hadden ingediend. Bij die beslissing werd aan de tussenkomende partij (na overname) vergunning verleend voor het exploiteren van een pluimveehouderij gelegen te Aalter, Hageland 4 (gekoppeld aan de verplaatsing van een veeteeltinrichting), omvattende onder meer stallen met plaatsen voor 22.690 leghennen. In zijn arrest nr. 156.448 van 16 maart 2006 heeft de Raad van State prima facie geoordeeld dat deze milieuvergunning ingevolge de intrekking van de gekoppelde stedenbouwkundige vergunning van rechtswege vervallen is, aangezien deze intrekking gelijkgesteld moet worden met de in artikel 5, § 2, derde lid, van het milieuvergunningsdecreet bedoelde weigering van de bouwvergunning in laatste aanleg. De Raad besloot dienvolgens dat de vordering zonder voorwerp was geworden en verworpen diende te worden. VII-35.592-3/6 De tussenkomende partij legt thans een integraal afschrift over van het besluit dat op 12 december 2005 door het schepencollege van de gemeente Aalter werd genomen, genaamd "intrekkingsbesluit van" en dat als volgt luidt : "Gelet op de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 17 oktober 2005 betreffende het verlenen van de stedenbouwkundige vergunning aan de heer en mevrouw Staelens, Hageland 6 te Aalter voor het bouwen van een kippenstal Hageland 4; dat deze beslissing door het College van burgemeester en schepenen uitvoerig gemotiveerd werd rekening houdende met het planologische criterium en het esthetische criterium; Gelet op het verzoekschrift tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en verzoekschrift tot nietigverklaring ingediend op 27 oktober 2005 door de heer Bart Dendooven Hageland 5 te Aalter en de heer Robert WITTEVRONGEL, Zuidleiestraat 10a te Knesselare tegen de stedenbouwkundige vergunning van 17 oktober 2005 verleend aan de heer en mevrouw Adriaan Staelens, Hageland 6 te Aalter voor het bouwen van een kippenstal te Aalter, Hageland 4; Gelet op het arrest van de Raad van State van 3 november 2005 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen wordt van de stedenbouwkundige vergunning verleend op 17 oktober 2005 aan de heer en mevrouw Adriaan Staelens, Hageland 6 te Aalter voor het bouwen van een kippenstal te Aalter, Hageland 4; Overwegende dat het Gemeentebestuur binnen de dertig dagen na kennisgeving van het arrest een verzoek tot voortzetting van de procedure kan indienen bij de Raad van State; Gelet op de beslissing van het College van burgemeester en schepenen van 21 november 2005 waarbij beslist wordt de procedure ten gronde te voeren bij de Raad van State; Gelet op het rapport 'Studie integratie nieuwe pluimveestal op het bedrijf van de heer en mevrouw Adriaan Staelens, Hageland 6 te Aalter voor het bouwen van een kippenstal Hageland 4, kadastraal bekend als 3de afdeling, sectie E, 206d opgemaakt door het Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek van de Wetenschappelijke Instelling van de Vlaamse Gemeenschap; Overwegende dat dit rapport gebaseerd is op het plaatsbezoek van 28 november 2005; Overwegende dat dit rapport een nieuw licht werpt op de noodzaak tot het bouwen van de kippenstal Hageland 4; Gelet op het Decreet van 18 mei 1999 betreffende de organisatie van de Ruimtelijke Ordening. Besluit Artikel 1 de stedenbouwkundige vergunning van 17 oktober 2005 verleend aan de heer en mevrouw Adriaan Staelens, Hageland 6 te Aalter voor het bouwen van een kippenstal te Aalter, Hageland 4, sectie E, 206c, wordt ingetrokken. Artikel 2 afschrift van de intrekkingsbeslissing wordt gestuurd aan de Raad van State, de Gemachtigde ambtenaar van de Afdeling ROHM, de heer Jo Sucaet, Lostraat 85 te Aalter en aan de Lokale Politie Aalter-Knesselare. Artikel 3 de aanvraag stedenbouwkundige vergunning op naam van de heer en mevrouw Adriaan Staelens, Hageland 6 te Aalter voor het bouwen van een kippenstal te Aalter, Hageland 4, sectie E, 206c wordt voor advies doorgestuurd aan de Gemachtigde ambtenaar van de Afdeling ROHM van de Cel Monumenten en Landschappen van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap". VII-35.592-4/6
  9. Beoordeling Uit het dictum van dit besluit blijkt dat het schepencollege de bedoeling had om later, na kennis te hebben genomen van de vereiste adviezen, een nieuwe beslissing te nemen over de aanvraag om stedenbouwkundige vergunning. Gelet op de in deze zaak naar voren gebrachte gegevens kan niet, in het kader van een verkorte procedure, zomaar worden gesteld dat de milieuvergunning ingevolge het besluit van het schepencollege van 12 december 2005 moet worden beschouwd als "vervallen" ingevolge een weigering in laatste aanleg van de stedenbouwkundige vergunning. Er is dus aanleiding tot het bevelen van een onderzoek van de vordering tot schorsing. BESLUIT: Artikel
  10. Het verzoek tot tussenkomst van de landbouwvennootschap STAVANO-VAN OVERBEKE wordt ingewilligd. Artikel
  11. Het annulatieberoep is niet kennelijk onontvankelijk. Artikel
  12. De debatten worden heropend. Artikel
  13. Het door de Auditeur-generaal aangewezen lid van het Auditoraat wordt gelast met het onderzoek van de ontvankelijkheid en gegrondheid van de vordering tot schorsing. VII-35.592-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op acht juni tweeduizend en zes, door : de H., E. BREWAEYS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. E. BREWAEYS. VII-35.592-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.795 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.162.586 ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.191.928 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.