← België

Arrest 159986 - Politie - 13/06/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 juni 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.986 Rolnummer: A. 169752/XII-4631 Zaak: Arrest 159986 - Politie - 13/06/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-06-23 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-30 21:49 Fiche Arrest nr 159.986 van 13 juni 2006 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Politie Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 159.986 van 13 juni 2006 in de zaak A. 169.752/XII-

  1. In zake : Myriam JANS, die woonplaats kiest bij advocaat S. Vanbesien, kantoor houdende te Itegem, St. Guibertusplein 18 tegen : de BURGEMEESTER VAN DE GEMEENTE MEERHOUT. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Myriam Jans op 24 januari 2006 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van de beslissing van 23 november 2005 van de burgemeester van Meerhout om, eensdeels, twee honden in beslag te nemen en definitief over te dragen aan Veeweyde en, anderdeels, haar te verbieden “nu en in de toekomst nog honden te bezitten”; Gelet op de beschikking van 9 februari 2006 waarbij aan verzoekster het voordeel van de kosteloze rechtspleging gedeeltelijk wordt verleend voor wat de schorsingsprocedure betreft; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgesteld door auditeur P. De Somere; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 3 mei 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 23 mei 2006; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; XII-4631-1/5 Gehoord de opmerkingen van advocaat S. Vanbesien, die verschijnt voor verzoekster, en van advocaat M. Janssens, die loco advocaat P. Gielis verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het andersluidend advies van auditeur P. De Somere; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de bestreden beslissing voluit luidt : “De burgemeester - Gelet op de artikelen 133 en 135, §2, 6/ van de Nieuwe Gemeentewet; - Gelet op de artikelen 24 en 30 van de Wet op het Politieambt van 5 augustus 1992; - Gelet op artikel 9, §4 van de Wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren; - Gelet op de gebeurtenissen die op verschillende tijdstippen plaatsvonden, met name : 17-05-2003 Doodbijten van een kat - benadeelde : bewoonster Turkenhof 32 Meerhout. 10-09-2003 Gevecht met een andere hond in de tuin van de woning Turkenhof 34 Meerhout. 03-06-2005 Honden vallen een kat aan eigendom van de bewoonster van Turkenhof 18 Meerhout. 31-10-2005 Honden bijten een schaap dood. 17-11-2005 Honden vallen hondje aan, eigendom van bewoonster Turkenhof 32 Meerhout. Hierbij beloofde eigenares van de honden dat zij een aantal honden zou wegdoen. 20-11-2005 Buurt maakt zijn beklag dat de honden niet zijn weggedaan en minstens worden vastgehouden zoals was afgesproken na de feiten van 17-11-
  2. De honden lopen weerom los en terroriseren de buurt. 20-11-2005 Opeenvolging van feiten. Verschillende meldingen dat de honden weerom loslopen en de buurt beginnen te terroriseren. De honden vallen een andere hond aan in diens afgesloten hok in de tuin van de woning te Meerhout, St. Barbarastraat
  3. Hierbij vervormen de aanvallende honden de tralies van de kooi om in het hondenhok te geraken. De Mechelse scheper die in het hok zit wordt lelijk toegetakeld en dient later te worden afgemaakt. Mensen die met hun voertuig naar de plaats rijden worden geconfronteerd met de beide honden die nu de auto, die met ontstoken lichten komt aangereden, aanvallen. De man springt uit de auto en de vrouw rijdt met de auto verder zodat de auto niet beschadigd wordt. Nu wordt de man aangevallen, die gaat lopen en kan net op tijd aan een paal springen en zich optrekken zodat de honden hem niet kunnen bereiken. De honden geven pas op na een tweetal minuten onder de paal te hebben gezeten. XII-4631-2/5 - Gelet op het bovenstaande, waaruit duidelijk blijkt dat de feiten stelselmatig verergeren en ook steeds frequenter voorvallen; - Gelet op het feit dat de aanvallen zich nu ook lijken te richten naar de bevolking; - Gelet op het feit dat de wijk Turkenhof duidelijk geterroriseerd wordt door deze honden en de eigenares duidelijk niet bij machte is en onwillig lijkt om aan [d]e toestand te verhelpen. Beslist : Artikel 1 Gezien de zware feiten, de honden zonder registratienummer met volgende beschrijving :
  4. Reu, zwart met witte borstvlek en een weinig wit aan de rechter voorpoot;
  5. Teef, gestroomd bruin met witte borstvlek en 4 witte sokjes eigendom van Jans Myriam, geboren te Geel 13/9/1963, woonachtig te Meerhout, Turkenhof 38; worden in beslag genomen en worden definitief overgedragen aan Veeweyde die een gepaste oplossing zal zoeken. Artikel 2 Verbod wordt opgelegd aan Jans Myriam om nu en in de toekomst nog honden te bezitten. De overige honden in haar bezit zal zij onverwijld wegdoen”; Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; Overwegende, met betrekking tot de tweede voorwaarde, dat verzoekster in essentie doet gelden dat zij “altijd al” huisdieren heeft gehad, “meestal” honden, dat de honden deel uitmaken van haar gezin, dat zij er een affectieve en emotionele band mee heeft, dat de honden van haar zullen vervreemden, dat zij en haar dochter lijden onder het verlies, dat de beslissing inhoudt dat zij “geen huisdieren meer zou mogen houden”, dat er sprake is van een feitelijke onteigening en dat haar privacy en gezinsleven geschonden worden; Overwegende dat de bestreden beslissing tot gevolg heeft dat verzoekster twee honden aan Veeweyde moet afstaan en dat zij zich ook van haar “overige” honden moet ontdoen; dat verzoekster niet nader verduidelijkt om hoeveel en welke “overige” honden het gaat; dat zij zich, voorts, vergist wanneer ze meent dat “[u]itvoering van deze beslissing wil zeggen dat zij in tussentijd geen huisdieren meer zou mogen houden”; dat de bestreden beslissing zich alleen over het bezit van honden uitspreekt; dat zij verzoekster niet verbiedt andere huisdieren te houden; dat, XII-4631-3/5 wat specifiek de genegenheidsband betreft met de honden die verzoekster ten tijde van de aangevochten beslissing in haar bezit had, die band danig gerelativeerd lijkt te moeten worden; dat blijkens het administratief dossier (het niet-gedateerd administratief verslag van hoofdinspecteur Leysen) verschillende honden, pups, reeds verkocht waren en nog alleen door de kopers moesten worden opgehaald; dat tevens verzoekster al op 17 november 2005 toezegde en van plan was “haar dieren weg te doen”, waarbij zij “eerst [ging] proberen via een vriendin” (fiche van de interventie 5159/2005 van de politie zone Geel); dat ten slotte, op zich beschouwd, de argumenten van de feitelijke onteigening en van de schending van de privacy en het gezinsleven niet zozeer de tweede grondvoorwaarde voor de schorsing betreffen, maar de eerste grondvoorwaarde, in verband met de wettigheid van het aangevochten burgemeestersbesluit; Overwegende dat gelet op de beschikbare gegevens niet wordt aangenomen dat verzoekster in afwachting van een eventuele nietigverklaring van de bestreden beslissing een nadeel dreigt te lijden dat als ernstig te beschouwen is in de zin van artikel 17, § 2, eerste lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; dat niet aan de tweede grondvoorwaarde voor een schorsing voldaan is; dat deze vaststelling volstaat om de vordering te verwerpen, BESLUIT: Artikel
  6. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  7. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. XII-4631-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien juni 2006, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4631-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.986 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.212.710 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.