id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 juni 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.160.764 Rolnummer: A. 71728/XII-2478 Zaak: Arrest 160764 - - 29/06/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-07-14 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-06-30 23:13 Fiche Arrest nr 160.764 van 29 juni 2006 - Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 160.764 van 29 juni 2006 in de zaak A. 71.728/XII-
- In zake : Anthony ABBELOOS, die woonplaats kiest bij advocaat G. Van Steenberge, kantoor houdende te Erpe-Mere, Opaaigem 15 tegen : de GEMEENTE HEMIKSEM. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Anthony Abbeloos op 23 oktober 1996 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing van de Gemeenteraad van de gemeente Hemiksem van 18 juni 1996 tot het invoeren van een nieuwe bepaling in het ‘reglement van orde’ (agendapunt 10), waardoor voortaan een bepaald soort aanvullende agendapunten, ingediend door gemeenteraadsleden, niet langer aan de agenda kan worden toegevoegd; en daarbij aansluitend, de beslissing tot toepassing van deze nieuwe bepaling tijdens dezelfde gemeenteraad van de gemeente Hemiksem van 18 juni 1996 waardoor het door verzoeker na nr. 14 aan de agenda toegevoegde aanvullende agendapunt van de agenda werd afgevoerd”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van Der Gucht; Gelet op de beschikking van 28 maart 2000 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 7 februari 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 21 maart 2006; XII-2478-1/6 Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat P. De Roo die verschijnt voor verzoeker; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van Der Gucht; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; De feiten
- Overwegende dat verzoeker, gemeenteraadslid te Hemiksem, met een brief van 9 juni 1996 aan het college van burgemeester en schepenen van Hemiksem vraagt het punt “Motie inzake de fusie van het Gemeentekrediet en Crédit Local de France” op de agenda van de gemeenteraadszitting van 18 juni 1995 te plaatsen; dat het punt aan de dagorde van de gemeenteraadszitting wordt toege- voegd, om na punt 14 te worden behandeld; Overwegende dat op die zitting, bij de bespreking van punt 10 van de dagorde, wordt beslist in het reglement van orde van de gemeenteraad een artikel 7bis in te lassen, dat luidt: “Moties waarbij de gemeenteraad verzocht wordt een standpunt in te nemen of aanbevelingen te doen inzake materies waarin de gemeenteraad geen rechtstreekse beslissingsbevoegdheid heeft, of waar het gemeentelijk belang niet vitaal geraakt wordt, zullen niet als punt op de dagorde van de gemeenteraad geplaatst worden. Dergelijke moties kunnen wel op initiatief van het schepencollege of van één of meerdere raadsleden ter ondertekening aan de leden van de gemeenteraad worden voorgelegd; Van elke motie die daartoe wordt ingediend, zal kopie worden overgemaakt aan elke fractieleider, samen met de dagorde van de gemeenteraad waarop deze motie ter ondertekening zal neergelegd worden. Op verzoek van één of meerdere raadsleden kan de ondertekening van de motie uitgesteld worden tot de volgende gemeenteraad, teneinde de fracties de mogelijkheid te bieden om de voorgelegde tekst verder te bespreken of eventueel een aangepaste tekst in te dienen. Een motie die door de meerderheid van de gemeenteraadsleden ondertekend werd, zal opgenomen worden in het verslag van de volgende gemeenteraad onder de rubriek mededelingen. Dergelijke motie zal door zorg van het schepencollege verstuurd worden naar de betrokken instanties. XII-2478-2/6 Een motie die niet door de meerderheid van de gemeenteraadsleden werd ondertekend, zal terug overgemaakt worden aan de indiener. De beslissing van de gemeenteraad, houdende vaststelling van het reglement van orde, zal met voormelde bepalingen worden aangevuld”; Overwegende dat vervolgens de gemeenteraad besluit het op vraag van verzoeker geagendeerde punt “te behandelen volgens het heden aangepast Reglement van Orde van de Gemeenteraad”; dat met een brief van 27 juni 1996 de ingediende motie aan verzoeker teruggestuurd wordt met de toelichting: “Gezien slechts drie raadsleden de motie hebben ondertekend, werd deze motie onontvan- kelijk verklaard”; Het voorwerp
- Overwegende dat verwerende partij in de memorie van antwoord tegenwerpt dat verzoeker “niet naar behoren” specificeert van welke “bestreden beslissing” de nietigverklaring wordt gevraagd en dat “niet duidelijk is wat nu juist voorwerp is van het verzoek tot Uw raad”;
- Overwegende dat de bewoordingen van het verzoekschrift er geen twijfel over laten dat verzoeker de nietigverklaring beoogt en vordert van én de gemeenteraadsbeslissing tot aanvulling van het reglement van orde én de beslissing om zijn motie volgens het aangevulde reglement te behandelen; dat de exceptie feitelijke grond mist; Het belang van verzoeker
- Overwegende dat volgens de memorie van antwoord verzoeker “het nodige vereiste functionele belang ontbeert” omdat hij wist dat de aanvulling van het reglement van orde op de dagorde van de raadszitting van 18 juni 1996 stond en hij niettemin niet aanwezig was, noch gevraagd heeft de behandeling van het punt uit te stellen;
- Overwegende dat het nieuwe artikel 7bis van het reglement van orde bepaalt dat de erin bedoelde moties niet meer op de dagorde van de gemeenteraad geplaatst worden; dat het aldus het initiatiefrecht van de gemeenteraadsleden om voorstellen aan de agenda te doen toevoegen, beperkt; dat het artikel derhalve van aard is hun situatie ongunstig te beïnvloeden; dat dit volstaat XII-2478-3/6 om verzoeker, gemeenteraadslid, in beginsel een voldoende belang bij het bestrijden van die bepaling toe te meten; Overwegende dat de omstandigheid dat verzoeker niet tegen de voorgenomen wijziging bezwaren heeft ingebracht, geen reden is om hem dit principiële belang te ontzeggen; dat het inzonderheid niet meebrengt dat daardoor de wijziging geacht zou kunnen worden aan zijn eigen toedoen te wijten te zijn; dat, overigens, verzoeker voor de gemeenteraadszitting van 18 juni 1996 als “verontschuldigd” staat genoteerd; dat hij zich kennelijk “midden in een examenperiode” bevond (stuk 1 van het administratief dossier); Overwegende dat de exceptie ongegrond is; De grond van de zaak
- Overwegende dat verzoeker een eerste middel afleidt uit de schending van artikel 97 van de nieuwe gemeentewet, doordat een bepaalde soort van aanvullende agendapunten onderworpen wordt aan een voorafgaande beoordeling door het gemeentebestuur, terwijl “het de gemeenteraad is die oordeelt over het al dan niet bevoegd zijn van de gemeenteraad en niet het College”;
- Overwegende dat de verwerende partij in de memorie van antwoord reageert dat de wijziging van het reglement van orde “gewoon praktisch” de werking van de raad wil vergemakkelijken en ook wil tegemoet komen aan de indieners van moties, dat de wijziging er toe strekt te vermijden dat moties quasi- automatisch niet-ontvankelijk verklaard worden om reden van partijpolitieke en andere motieven, dat zij aldus aan verzoeker in essentie meer mogelijkheden van haalbaarheid garandeert, dat de reden een afspraak is om “de raad niet te belasten en soms lastig te vallen met moties over vanalles en nog wat”, dat in ieder geval “op geen enkel ogenblik aan welkdanig raadslid dan ook de mogelijkheid wordt ontnomen om desondanks toch de behandeling van moties ‘te eisen’ via bijkomende agendapunten”, dat niemand kan beletten dat verzoeker “tot in den treure toe dit art. 7 bis negeert en de behandeling van moties via agendapunten blijft eisen”, en dat “nooit is gestemd dat de behandeling van moties niet kan via bijkomende agendapunten”; XII-2478-4/6
- Overwegende dat artikel 97, derde en vierde lid, van de nieuwe gemeentewet bepaalt : “Elk voorstel dat niet op de agenda voorkomt, moet uiterlijk vijf vrije dagen vóór de vergadering overhandigd worden aan de burgemeester of aan degene die hem vervangt; het moet vergezeld zijn van een verklarende nota of van elk document dat de raad kan voorlichten. Van deze mogelijkheid kan geen gebruik worden gemaakt door een lid van het college van burgemeester en schepenen. De burgemeester of degene die hem vervangt, deelt de aanvullende agendapunten onverwijld mee aan de leden van de raad”; Overwegende dat de gemeenteraadsbeslissing van 18 juni 1996 tot wijziging van het reglement van orde daarvan afdoet door voor te schrijven dat sommige moties tot het innemen van een standpunt of het doen van aanbevelingen “niet als punt op de dagorde van de gemeenteraad geplaatst worden”; dat het gaat om moties inzake materies waarin de gemeenteraad geen “rechtstreekse” beslissingsbevoegdheid heeft of die het gemeentelijk belang “niet vitaal” raken; dat evenwel de aangehaalde bepalingen van het artikel 97 inzake moties geen beperking bevatten van het initiatiefrecht van de gemeenteraadsleden om aanvullende punten te laten agenderen, tot alleen moties die verband houden met de “rechtstreekse” beslissingsbevoegdheid van de raad of het “vitaal” belang van de gemeente; Overwegende dat, anders dan verwerende partij in de memorie van antwoord wil doen geloven, in de eerste bestreden beslissing wel degelijk besloten wordt dat sommige moties niet via een voorstel als bedoeld in artikel 97, derde lid, van de gemeenteraad, en dus als een aanvullend agendapunt, in bespreking kunnen worden gebracht; dat de moties waarvan sprake in het nieuw ingevoegd artikel 7bis van het reglement van orde van de gemeenteraad in het beste geval -wanneer de meerderheid der gemeenteraadsleden ze ondertekenen- in het verslag van de gemeenteraad worden opgenomen onder de “mededelingen”; dat zij anders aan de indiener geretourneerd worden;
- Overwegende dat de onwettigheid van de beslissing tot wijziging van het reglement van orde niet alleen die beslissing zelf aantast, maar ook de daarop gevolgde beslissing om verzoekers motie inzake de fusie van het Gemeentekrediet en Crédit local de France volgens het aangepaste reglement van orde te behandelen; dat het besproken middel gegrond is en de vernietiging van de beide beslissingen meebrengt, XII-2478-5/6 BESLUIT: Artikel
- Vernietigd worden de beslissingen van 18 juni 1996 van de gemeenteraad van Hemiksem om het reglement van orde van de gemeenteraad met een artikel 7bis aan te vullen, respectievelijk om de motie “inzake de fusie van het Gemeentekrediet en Crédit Local de France” met toepassing van het aangepaste reglement te behandelen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig juni 2006, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-2478-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.160.764 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.