id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 juli 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.018 Rolnummer: A. 62688/IX-735 Zaak: Arrest 161018 - - 05/07/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-08-01 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-01 00:03 Fiche Arrest nr 161.018 van 5 juli 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 161.018 van 5 juli 2006 in de zaak A. 62.688/IX-
- In zake : Roland DE VUYST, wonende te EEKLO, Zandstraat 61 tegen : de vaste wervingssecretaris, thans het Selectiebureau van de Federale Overheid (SELOR), vertegenwoordigd door de afgevaardigd bestuurder. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Roland DE VUYST op 10 maart 1995 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 30 december 1994 van de examencommissie van het Vast Wervingssecretariaat waarbij hij niet geslaagd wordt verklaard voor het vergelijkend overgangsexamen van inspecteur bij De Post; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur M. LEFEVER; Gelet op de beschikking van 26 november 1997 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partij; Gelet op de beschikking van 17 mei 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 26 juni 2006; Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; IX-735-1/3 Gehoord de opmerkingen van advocaat A. FAYT die, loco advocaat J. DE BRABANTER verschijnt voor de verzoekende partij, en van adviseur-generaal J. MOMMENS die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd M. LEFEVER; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat de gegevens van de zaak kunnen worden samengevat als volgt: 1.1 Verzoeker is bureauchef bij De Post en neemt deel aan het vergelijkend overgangsexamen BFND93101A voor de graad van inspecteur bij De Post dat in de loop van 1993-1994 wordt ingericht door het Vast Wervingssecreta- riaat. 1.2 Hij behaalt voor de praktische oefening 10 punten op 20 en dus niet het vereiste minimum van 12 punten op
- 1.3 Op 16 januari 1995 wordt hem medegedeeld dat hij niet geslaagd is voor het examen. 2.1 Overwegende dat met een brief van 8 februari 2006 aan verzoeker gevraagd wordt of hij nog belangstelling heeft voor de gewone afhandeling van de zaak en om desgevallend de redenen mede te delen die hem een actueel belang verlenen bij de vernietiging van de bestreden beslissing; dat verzoeker daar op 3 maart 2006 op geantwoord heeft dat hij nog steeds belangstelling heeft en dat de bestreden beslissing “ongetwijfeld een invloed heeft op (zijn) verdere loopbaan”; 2.2 Overwegende, ambtshalve, dat het beroep gericht is tegen de beslissing waarbij verzoeker niet geslaagd wordt verklaard voor een vergelijkend examen dat hem moest toelaten over te gaan naar niveau 1 bij De Post; dat de vernietiging van de examenuitslag van verzoeker tot gevolg zal hebben dat hij het examen kan overdoen en aldus een nieuwe kans verkrijgt om naar niveau 1 over te IX-735-2/3 gaan; dat verzoeker evenwel geen enkele uitleg geeft over de concrete mogelijkheden - zo statutair als persoonlijk - die hij thans ingeval van welslagen meent te kunnen benutten; dat, rekening houdend met het grote tijdsverloop sinds de bestreden beslissing en het feit dat verzoeker de Raad van State ook nooit gewezen heeft op het teloorgaan van carrièremogelijkheden bij langer uitblijven van een annulatiearrest, de algemene stijlformule waarmee verzoeker zijn actueel belang adstrueert dan ook geenszins voldoende is om de zaak ten gronde te behandelen; dat verzoeker ter terechtzitting ook mondeling geen nadere verduidelijking gegeven heeft; dat het actueel belang van verzoeker niet terdege aangetoond is, BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijf juli 2000 en zes, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. L. HELLIN, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. L. HELLIN. IX-735-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.018 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.