id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 juli 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.075 Rolnummer: A. 74875/XII-59 Zaak: Arrest 161075 - - 07/07/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-07-20 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-07-01 00:15 Fiche Arrest nr 161.075 van 7 juli 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 161.075 van 7 juli 2006 in de zaak A. 74.875/XII-
- In zake :
- de NV CLOSE,
- de NV BORZEE,
- de NV TYTGAT,
- de NV GROFFY,
- de NV CTT,
- de NV CLOSE LUXEMBOURG, die woonplaats kiezen bij advocaat A. Delvaux, kantoor houdende te Luik, Place des Nations Unies 7 tegen : de NV BERLAYMONT 2000, die woonplaats kiest bij advocaat L. Van Hout, kantoor houdende te Berlaar, Markt
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de NV Close, de NV Borzee, de NV Tytgat, de NV Groffy, de NV CTT en de NV Close Luxembourg op 4 juli 1997 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing genomen op 23 april 1997 en hen ter kennis gebracht bij brief van 13 mei 1997 uitgaande van de n.v. Berlaymont 2000, [...], waarbij hun kandidatuur niet werd weerhouden voor de beperkte offerteaanvraag met als voorwerp de installatiewerken H.V.A.C. uit te voeren in het gebouw Berlaymont, gelegen te 1040 Brussel, Wetstraat 200”; Gelet op het arrest nr. 156.750 van 23 maart 2006 waarbij de afstand van het geding door de eerste verzoekende partij werd vastgesteld, de debatten werden heropend en de zaak werd vastgesteld op de terechtzitting van 25 april 2006; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; XII-59-1/3 Gehoord de opmerkingen van advocaat L. Van Hout, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur L. Vermeire; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het voormelde arrest nr. 156.750 werd overwogen hetgeen volgt : “Overwegende dat de eerste verzoekende partij, zoals aangekondigd, niet ter terechtzitting verschijnt noch vertegenwoordigd is; dat echter de andere zes verzoekende partijen evenmin verschijnen noch vertegenwoordigd zijn; dat ook die partijen wel woonplaats hebben gekozen bij de voormelde raadsman, die aldus de enige was aan wie voor de verzoekende partijen de oproeping ter terechtzitting is gezonden; dat hetgeen voorafgaat vragen doet rijzen naar de blijvende woonplaatskeuze van de tweede tot en met de zevende verzoekende partij en naar hun behoorlijke oproeping ter terechtzitting, eensdeels; dat het anderdeels ook de vraag oproept of zij nog belangstelling hebben voor het beroep; dat het in de gegeven omstandigheden die verzoekende partijen toekomt over hun actueel belang uitleg te verschaffen waartoe zij en hun raadslieden afzonderlijk worden uitgenodigd op een terechtzitting; dat daartoe de debatten moeten worden heropend”; Overwegende dat na het voormelde arrest advocaat A. Delvaux zich aan de Raad van State opgeeft als raadsman van de tweede tot en met de zevende verzoekende partij en meedeelt dat zij woonstkeuze doen op zijn kantoor- adres; dat ter terechtzitting van 25 april 2006 deze partijen niet verschijnen en niet vertegenwoordigd zijn; Overwegende dat uit het voormelde arrest blijkt dat de oorspronkelijk tweede tot zevende verzoekende partijen uitdrukkelijk ter terechtzitting werden opgeroepen om hun actueel belang waarover twijfel was gerezen te verduidelijken; dat zij ondanks deze bijzondere omstandigheid zulks niet hebben gedaan zodat zij hun belangstelling bij hun beroep niet meer blijken vol te houden; dat zij dan ook geacht moeten worden hun belang te hebben verloren, XII-59-2/3 BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, in zoverre het is ingesteld door de NV Close, de NV Borzee, de NV Tytgat, de NV Groffy, de NV CTT en de NV Close Luxembourg, bepaald op 2082,36 euro, komen te hunnen laste, elk ten belope van 347,06 euro. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zeven juli 2006, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-59-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.075 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:1997:ARR.69.919 ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.156.750 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.