id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 01 augustus 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.584 Rolnummer: A. 165858/X-12476 Zaak: Arrest 161584 - - 01/08/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-08-04 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-07-01 01:56 Fiche Arrest nr 161.584 van 1 augustus 2006 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 161.584 van 1 augustus 2006 in de zaak A. 165.858/X-12.
- In zake :
- Diederik PEETERS, wonende te 2610 WILRIJK, Bist 11, bus 2,
- Betty PEETERS, wonende te 2050 ANTWERPEN, Paul van Ostayenlaan 39 tegen : het VLAAMSE GEWEST, dat woonplaats kiest bij Advocaten B. STEEGEN, E. SCHELLINGEN en A. GERKENS, kantoor houdende te 3740 BILZEN, Demerlaan 21, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Diederik PEETERS en Betty PEETERS op 8 september 2005 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 12 juli 2005 van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur, Stedenbeleid, Wonen en Inburgering houdende uitspraak in de beroepsprocedure ingesteld tegen het registratieattest voor de panden gelegen te Boom, Guido Gezellestraat 17-19; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur J. STEVENS; Gelet op de beschikking van 16 maart 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de eerste verzoekende partij op 30 maart 2006 en aan de tweede verzoekende partij op 29 maart 2006; X-12.476-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure hebben ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te hunnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-12.476-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op een augustus 2006, door : de H. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, mevr. J. CAMU, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CAMU. J. BOVIN. X-12.476-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.584 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.