← België

Arrest 161589 - - 01/08/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 01 augustus 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.589 Rolnummer: A. 168387/X-12602 Zaak: Arrest 161589 - - 01/08/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-08-03 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-07-01 01:57 Fiche Arrest nr 161.589 van 1 augustus 2006 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 161.589 van 1 augustus 2006 in de zaak A. 168.387/X-12.

  1. In zake :
  2. Paul DENECKER,
  3. Odette CRETEN, die woonplaats kiezen bij Advocaat E. MICHIELS, kantoor houdende te 3520 ZONHOVEN, Spierhoofseweg 3 tegen : de Bestendige Deputatie van de provincieraad van LIMBURG. -------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Paul DENECKER en Odette CRETEN op 6 december 2005 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 6 oktober 2005 van de Bestendige Deputatie van de provincieraad van Limburg houdende afgifte van de voorwaardelijke stedenbouwkundige vergunning aan Luc SCHOOFS voor het regulariseren van een overdekte standplaats voor automaten en aanhorigheden gelegen te Zonhoven, Heuvenstraat 17, op een perceel kadastraal bekend sectie E, nr. 83x; Gelet op het arrest nr. 157.584 van 14 april 2006 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partijen op 24 april 2006; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging X-12.602-1/3 van het bestreden besluit, aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter, ten aanzien van de verzoekende partijen een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indienen binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat de verzoekende partijrn geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging hebben ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord; BESLUIT: Artikel
  4. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  5. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-12.602-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op een augustus 2006, door : de H. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. J. CAMU, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CAMU. J. BOVIN. X-12.602-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.589 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.157.584 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.