← België

Arrest 161900 - - 21/08/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 augustus 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.900 Rolnummer: A. 114652/IX-3164 Zaak: Arrest 161900 - - 21/08/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-08-29 Raadplegingen: 53 - laatst gezien 2026-07-01 02:09 Fiche Arrest nr 161.900 van 21 augustus 2006 - Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 161.900 van 21 augustus 2006 in de zaak A. 114.652/IX-

  1. In zake :
  2. de VZW Beroepsvereniging van de Mengvoederfabrikanten (BEMEFA),
  3. de NV PRECONEX, die woonplaats kiezen bij advocaat P. PEETERS, kantoor houdende te BRUSSEL, Terhulpsesteenweg 177 bus
  4. tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Volksgezondheid. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de VZW Beroepsvereniging van de Mengvoederfabrikanten en de NV Preconex op 29 december 2001 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 23 oktober 2001 tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 augustus 1998 tot vaststelling van de retributies en bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de Grondstoffen; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur W. WEYMEERSCH; Gelet op de beschikking van 20 februari 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partijen op 2 maart 2006; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; IX-3164-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzet- ting van de procedure hebben ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te hunnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  5. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  6. De kosten van het beroep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. IX-3164-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op eenentwintig augustus 2000 en zes, door : de H. A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. A. VANDENDRIESSCHE. IX-3164-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.161.900 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.