← België

Arrest 162496 - - 18/09/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 september 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.162.496 Rolnummer: A. 148575/IX-4769 Zaak: Arrest 162496 - - 18/09/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-09-25 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-07-01 04:05 Fiche Arrest nr 162.496 van 18 september 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 162.496 van 18 september 2006 in de zaak A. 148.575/IX-

  1. In zake : Kim MILANTS, die woonplaats kiest bij advocaat A. GOORIS, kantoor houdende te BRUSSEL, Jacques Sermonlaan 105 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Landsverdediging. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Kim MILANTS op 9 maart 2004 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van 7 november 2003 van de deliberatiecommissie van de Koninklijke School voor Onderofficieren Nr. 2 waarbij vastgesteld wordt dat zij definitief mislukt is wegens het bezit van onvoldoende professionele hoedanigheden; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door adjunct-auditeur St. DE TAEYE; Gelet op de beschikking van 3 februari 2005 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien het verzoek tot voortzetting van de procedure van de verzoekende partij; Gelet op de beschikking van 15 juni 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 11 september 2006; IX-4769-1/4 Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; Gehoord de opmerkingen van luitenant-kolonel militair administra- teur A. DE DECKER; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  2. Overwegende dat de gegevens van de zaak kunnen worden samengevat als volgt: 1.
  3. Verzoekster volgt in het jaar 2002-2003 het tweede jaar schoolvorming aan de Koninklijke School voor Onderofficieren nr.
  4. Op 17 juli 2002 beslist de deliberatiecommissie dat verzoekster de examens voor de vakken wiskunde, Engels en aardrijkskunde opnieuw moet afleggen. Verzoekster neemt niet deel aan de examens. Na verzoekster en haar raadsman op 23 oktober 2003 gehoord te hebben, beslist de deliberatie- commissie op 7 november 2003 dat zij definitief mislukt is en dat zij onvoldoende professionele hoedanigheden bezit. 1.
  5. De beslissing van 7 november 2003 van de deliberatiecommissie vormt het voorwerp van het onderhavige beroep. Deze beslissing wordt met een aangetekende brief van 7 november 2003 aan verzoekster en haar raadsman toegezonden. 1.
  6. Op 8 januari 2004 ondertekent verzoekster bij de diensten van de verwerende partij de bestreden beslissing voor kennisneming. Op 9 maart 2004 dient zij het onderhavig annulatieberoep in; 2.
  7. Overwegende dat de verwerende partij opwerpt dat het beroep laattijdig ingediend is; dat zij daarvoor verwijst naar de ontvangst van de brief van 7 november 2003, door de raadsman van verzoekster op 10 november 2003 en door IX-4769-2/4 verzoekster zelf vóór 28 november 2003, evenals naar de ondertekening door verzoekster van het bestreden besluit op 8 januari 2004; 2.
  8. Overwegende dat verzoekster repliceert dat zij op 9 januari 2004 kennis gekregen heeft van het bestreden besluit en dat het de verwerende partij toekomt om te bewijzen dat de beroepstermijn vroeger aangevangen is maar dat zij zulks niet doet, aangezien de feitelijke kennisneming van de beslissing door haar raadsman -die overigens niet bewezen wordt- nog niet aantoont dat zijzelf het besluit ontvangen heeft en aangezien zij ook niet bewijst dat verzoekster in kennis gesteld is van haar beroepsmogelijkheden zoals voorgeschreven door artikel 19, tweede lid van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; 2.3.
  9. Overwegende dat uit de stukken van het administratief dossier -inzonderheid stuk 13- blijkt dat verzoekster op 8 januari 2004 te Zedelgem kennis genomen heeft en een exemplaar ontvangen heeft van de beslissing van de deliberatie- commissie die zij bestrijdt; dat, vanaf die kennisneming gerekend -en daargelaten de vaststelling dat verzoekster en haar raadsman wel reeds met een aangetekende brief van 7 november 2003 in kennis waren gesteld van het besluit van 7 november 2003 en dat zij die brief ook ontvangen hebben- de beroepstermijn liep tot maandag 8 maart 2004; dat in tegenstelling tot wat verzoekster aanvoert, het stuk dat zij op 8 januari 2004 ondertekend heeft wel degelijk melding maakt van de beroepsmogelijk- heid bepaald in artikel 19, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; 2.3.
  10. Overwegende dat het beroep laattijdig ingediend is; dat het niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  11. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  12. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoekster. IX-4769-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achttien september 2000 en zes, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, L. HELLIN, staatsraad, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. J. DE BRABANDERE. IX-4769-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.162.496 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.