← België

Arrest 163087 - - 03/10/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 03 oktober 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.087 Rolnummer: A. 135348/X-11387 Zaak: Arrest 163087 - - 03/10/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-10-17 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-07-01 05:30 Fiche Arrest nr 163.087 van 3 oktober 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 163.087 van 3 oktober 2006 in de zaak A. 135.348/X-11.

  1. In zake :
  2. André DE BRABANTER,
  3. Mariska GHIJSELS, die woonplaats kiezen bij Advocaat D. VAN DEN EYNDE, kantoor houdende te 9300 AALST, Priester Daensplein 4 tegen :
  4. de gemeente HAALTERT,
  5. de Bestendige Deputatie van de provincieraad van OOST-VLAANDEREN. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat André DE BRABANTER en Mariska GHIJSELS op 27 maart 2003 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 14 oktober 2002 van het College van burgemeester en schepenen van de gemeente Haaltert waarbij hen de regularisatievergunning wordt geweigerd voor het oprichten van een tuinhuis, houten schutsels en voortuinmuurtje op een perceel gelegen te Denderhoutem (Haaltert), Dries(DE) 58, kadastraal bekend sectie C, nr. 0915b; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord van de tweede verwerende partij aan de verzoekende partijen op 30 maart 2006; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord van de tweede verwerende partij aan de verzoekende partijen X-11.387-1/3 de Hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie hebben toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt; dat, op grond van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat het beroep niet ontvankelijk is; BESLUIT: Artikel
  6. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  7. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-11.387-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drie oktober 2006, door : de H. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. J. CAMU, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CAMU. J. BOVIN. X-11.387-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.087 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.