id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 oktober 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.154 Rolnummer: A. 173605/X-12867 Zaak: Arrest 163154 - - 04/10/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-10-09 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-07-01 05:41 Fiche Arrest nr 163.154 van 4 oktober 2006 - Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 163.154 van 4 oktober 2006 in de zaak A. 173.605/X-12.
- In zake : Ludo VERBOVEN, die woonplaats kiest bij Advocaat F. JUDO, kantoor houdende te 1000 BRUSSEL, Keizerslaan 3 tegen : de stad GEEL. tussenkomende partij : Ludo VANREUSEL, wonende te 2440 GEEL, Stelensehulst
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Ludo VERBOVEN op 2 juni 2006 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 13 maart 2006 van het College van burgemeester en schepenen van de stad Geel waarbij aan de erfgenamen LAVRIJSEN-JANSSENS de stedenbouwkundige vergunning is verleend tot het slopen van een woonhuis met bijgebouwen aan de Eindhoutseweg 37 te Geel, kadastraal gekend onder Geel, 5de afdeling, sectie N, nr. 356 l (lees : nrs. 357 b 2, 357 a, 356 m, 356 l, 316/3 en 359 e); Gezien het administratief dossier van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 25 augustus 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 29 september 2006; Gehoord het verslag van Kamervoorzitter P. LEMMENS; X-12.867-1/6 Gehoord de opmerkingen van Advocaat F. JUDO die verschijnt voor de verzoekende partij, en van Advocaat M. VANDEVELDE die loco Advocaat T. VANDECRUYS verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat de heer Ludo VANREUSEL met een op 27 juni 2006 ter post aangetekend verzoekschrift vraagt om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen; dat er grond is om het verzoek in te willigen;
- Overwegende dat de verzoeker met een schrijven van 28 september 2006, daags vóór de terechtzitting, een stuk heeft toegevoegd aan het dossier; dat dit stuk niet bedoeld is als een antwoord op vragen gesteld in het auditoraatsverslag, en dat uit niets blijkt dat het niet eerder kon worden voorgelegd; dat het dan ook ambtshalve uit de debatten wordt geweerd;
- Overwegende dat de verzoeker verklaart samen met een twintigtal familieleden, erfgenamen LAVRIJSEN-JANSSENS, mede-eigenaar te zijn van de voormalige watermolen bij het thans verdwenen kasteel van Oosterlo, en van het aanpalende molenaarshuis en de aangebouwde zagerij, alle gelegen te Geel, aan de Eindhoutseweg 37, kadastraal gekend onder Geel, 5de afdeling, sectie N, nrs. 357 b 2, 357 a, 356 m, 356 l, 316/3 en 359 e; dat een aantal mede-eigenaars, doch niet de verzoeker, op 4 maart 2004 een eerste aanvraag hebben ingediend, strekkende tot het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning voor het slopen van de genoemde gebouwen; dat het College van burgemeester en schepen van de stad Geel de gevraagde vergunning bij besluit van 6 september 2004 heeft geweigerd, op grond dat de voormalige watermolen, het molenaarshuis, de houtzagerij en een deel van het tracé van de waterloop bij ministerieel besluit van 11 juni 2004 waren opgenomen op het ontwerp van lijst van voor bescherming vatbare monumenten en stads- en dorpsgezichten; Overwegende dat de beschermingsprocedure niet is voortgezet, en het genoemde ministerieel besluit zijn rechtsgevolgen op 22 juli 2005 heeft verloren; dat de genoemde mede-eigenaars een nieuwe, identieke aanvraag hebben ingediend, X-12.867-2/6 ontvangen op 8 maart 2006; dat het college van burgemeester en schepenen bij besluit van 13 maart 2006 de gevraagde vergunning verleent; dat dit besluit het voorwerp vormt van de voorliggende vordering;
- Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen;
- Overwegende dat de verzoeker een enig middel aanvoert, afgeleid uit de schending van de algemene beginselen van zorgvuldigheid en materiële motivering, en van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, doordat, eerste onderdeel, de bestreden beslissing op geen enkele wijze rekening houdt met de historische en industrieel-archeologische waarde van de gebouwen die worden vrijgegeven voor sloping, terwijl uit de stukken van het dossier blijkt dat deze waarde reëel is en daarenboven een centrale rol speelt in de plaatselijke ruimtelijke ordening, en doordat, tweede onderdeel, de bestreden beslissing klakkeloos de motivatie van de aanvraag overneemt met betrekking tot het bouwvallig karakter van de te slopen gebouwen, terwijl deze motivatie in feite enkel betrekking heeft op een beperkt aantal gebreken, die hetzij de stabiliteit van het gebouw en de veiligheid geenszins in het gedrang brengen, hetzij enkel betrekking hebben op een schuurtje en bijgebouwen; Overwegende, wat betreft het eerste onderdeel, dat het bestreden besluit o.m. de volgende overwegingen bevat: "Overwegende dat het ontwerp het slopen voorstelt van verschillende gebouwen; Overwegende dat het college van burgemeester en schepenen in zitting van 6 september 2004 een weigeringsbesluit verleende voor het slopen van de gebouwen omdat het gebouw werd opgenomen op de voorlopige lijst tot bescherming; Overwegende dat de voorlopige bescherming van de watermolen van rechtswege is opgeheven; Overwegende dat de Minister de beschermingsprocedure niet wenst verder te zetten; X-12.867-3/6 Overwegende dat de gebouwen dienen gesloopt omwille van de bouwvalligheid; Overwegende dat het gebouw sinds 2000 onbewoond is en helemaal in verval is; Gelet op de openbare veiligheid; Overwegende dat de vroegere watermolen sinds meer dan 30 jaar geen waterrad meer heeft; Overwegende dat de vroegere waterloop zelfs niet meer aanwezig is"; Overwegende dat uit die overwegingen blijkt dat het college van burgemeester en schepenen, na vastgesteld te hebben dat de voor sloping voorgestelde gebouwen niet meer beschermd zijn op grond van de regelgeving inzake monumenten en stads- en dorpsgezichten, van oordeel is dat het gebouw in een staat van verval verkeert, dat de watermolen geen waterrad meer heeft, en dat de waterloop verdwenen is; dat de verweerster aldus, in strijd met wat de verzoeker aanvoert, wel degelijk aandacht heeft voor de vraag of de gebouwen nog verder beschermd moeten worden; dat de verzoeker tegenover de beoordeling door het college van burgemeester en schepenen weliswaar zijn eigen, afwijkende beoordeling stelt, doch dat hij, onder voorbehoud van het onderzoek hierna van de grief inzake de vaststelling van de bouwvalligheid van de betrokken gebouwen (tweede onderdeel), niet aannemelijk maakt dat de beoordeling door de verweerster van de mate waarin die gebouwen nog verder beschermd moeten worden, steunt op in feite onjuiste gegevens, of dat die beoordeling kennelijk onredelijk zou zijn; dat het onderdeel in de huidige stand van de rechtspleging niet lijkt te kunnen worden aangenomen; Overwegende, wat betreft het tweede onderdeel, dat zich in het administratief dossier een verslag bevindt, opgesteld door de technische dienst van de verweerster op 5 februari 2004, waarin vermeld wordt dat de gebouwen zich op dat ogenblik in een slechte toestand bevonden; dat in dat verslag ook melding gemaakt wordt van een plaatsbezoek op 2 februari 2004 door het college van burgemeester en schepenen, in aanwezigheid van de verzoeker; dat het college van burgemeester en schepenen dus niet enkel op de door de aanvragers voorgelegde gegevens steunt, maar ook op een verslag van de technische dienst en op eigen waarnemingen; dat voorshands niet blijkt dat de verweerster onzorgvuldig zou hebben gehandeld; dat de verzoeker voorts tegenover de beoordeling door het college van burgemeester en schepenen van de staat van "de gebouwen", en in het bijzonder van "het gebouw", d.i. het molenaarshuis, weliswaar zijn eigen, afwijkende beoordeling stelt, doch dat hij geen concrete gegevens aanvoert die aannemelijk kunnen maken dat de beoordeling door de verweerster steunt op in feite onjuiste X-12.867-4/6 gegevens, of dat die beoordeling kennelijk onredelijk zou zijn; dat het onderdeel in de huidige stand van de rechtspleging niet lijkt te kunnen worden aangenomen; Overwegende dat het middel in geen van zijn onderdelen ernstig is;
- Overwegende dat niet is voldaan aan een van de bij artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing te kunnen bevelen; dat die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen; BESLUIT: Artikel
- Het verzoek tot tussenkomst van Ludo VANREUSEL in het administratief kort geding wordt ingewilligd. Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. X-12.867-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vier oktober 2006, door : de H. P. LEMMENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. P. LEMMENS. X-12.867-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.154 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.825 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.