← België

Arrest 163203 - - 05/10/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 05 oktober 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.203 Rolnummer: A. 166218/IX-5076 Zaak: Arrest 163203 - - 05/10/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-10-13 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-07-01 05:49 Fiche Arrest nr 163.203 van 5 oktober 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 163.203 van 5 oktober 2006 in de zaak A. 166.218/IX-

  1. In zake : Tom BOLLEKENS, wonende te RANST, Vaartstraat 45 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaat I. DE VROE, kantoor houdende te GENT, Begijnhoflaan
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Tom BOLLEKENS op 31 augustus 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 25 juli 2005 van de minister van Justitie houdende weigering van verzoekers vraag tot naamsverandering van Bollekens naar D'Aes; Gelet op de beschikking van 5 januari 2006 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 6 april 2006; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij één van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; IX-5076-1/3 Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord naar de verzoekende partij de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie heeft toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  3. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro komen ten laste van de verzoekende partij. IX-5076-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijf oktober 2000 en zes, door : de H. D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. D. MOONS. IX-5076-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.203 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.