← België

Arrest 163548 - - 13/10/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 oktober 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.548 Rolnummer: A. 169969/X-12690 Zaak: Arrest 163548 - - 13/10/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-10-24 Raadplegingen: 80 - laatst gezien 2026-07-01 06:41 Versie(s): Vertaling FR Vertaling samenvatting(

  1. en)DE Fiche Arrest nr 163.548 van 13 oktober 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 163.548 van 13 oktober 2006 in de zaak A. 169.969/X-12.690. In zake : de bvba THOMAS EQUIPMENT, die woonplaats kiest bij Advocaat P. VANDOOLAEGHE, kantoor houdende te 9200 DENDERMONDE, Noordlaan 82-84 tegen : de Bestendige Deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de bvba THOMAS EQUIPMENT op 6 februari 2006 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van de beslissing van 17 november 2005 van de Bestendige Deputatie van de provincieraad van Antwerpen, waarbij voorwaardelijk machtiging wordt verleend aan de bvba VERSTRAETEN AGRITECHNIEKEN tot het uitvoeren van buitengewone werken van wijziging aan de waterloop nr. 3 "Buyscher Meerenloop" van de oude atlas te Sint-Amands op een perceel gelegen te Sint-Amands, kadastraal bekend Sectie B, nr. 910/deel (lot 2); Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur P. DE SOMERE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 24 april 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 19 mei 2006; Gehoord het verslag van Staatsraad G. DEBERSAQUES; X-12.690-1/5 Gehoord de opmerkingen van Advocaat P. VANDOOLAEGHE die verschijnt voor de verzoekende partij, en van bestuurssecretaris M. HENDRICKX die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur P. DE SOMERE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de verzoekende partij luidens het verzoekschrift, eigenares is van een perceel gelegen te Sint-Amands, Provincialeweg, kadastraal bekend sectie B, nr. 917/e; dat uit de stukken kan worden afgeleid dat dit perceel klein is en onbebouwd is; dat bij besluit van 17 november 2005 van de Bestendige Deputatie van de provincieraad van Antwerpen aan de bvba Verstraeten Agritechnie- ken, die eigenares is van de achterliggende percelen kadastraal bekend nrs. 910/deel en 908, voorwaardelijk machtiging wordt verleend tot het uitvoeren van buiten- gewone werken van wijziging (verlegging) aan de waterloop nr. 3 "Buyscher Meerenloop" van de oude atlas te Sint-Amands; dat dit het thans bestreden besluit is; Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; Overwegende, wat het moeilijk te herstellen ernstig nadeel betreft, de verzoekende partij in de vordering tot schorsing doet gelden wat volgt : "10. Verzoekster kan door de bestreden beslissing worden geconfronteerd met twee moeilijk te herstellen nadelen, m.n. - het risico op overstromingsgevaar en - de uitvoering van de bestreden beslissing zal de samenvoeging van het perceel 917 / e van verzoekster met het perceel 910 onmogelijk maken, zodat een goede ruimtelijke ordening in het gedrang komt. Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel ontstaat uit de aard van de werken en het hiermee gepaard gaande overstromingsgevaar. X-12.690-2/5 Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel vloeit in eerste instantie voort uit het feit dat het herleggen van de 'Buysscher Meerenloop onmogelijk met de goede plaatselijke ordening kan worden verzoend: 'Volgens een vaste rechtspraak van de Raad van State staat het risico op een moeilijk te herstellen ernstig nadeel dat zou voortvloeien uit de onmiddellijke tenuitvoerlegging van een vergunningsbesluit in verband met de uitbreiding of de bouw van een inrichting vast, wanneer het betwiste bouwwerk van aard is de kwaliteit van het leven van de verzoekende partij en diens naaste buren ernstig te verstoren. Dit laatste is het geval wanner vastgesteld wordt dat het optrekken in een bepaald gebied van een gebouw niet overeenstemt met de bestemming van die zone en waarvan niet vaststaat dat het verenigbaar is met de onmiddellijke omgeving(...)' Het verleggen van een waterloop is van dien aard dat hiermee op zich reeds zeer ernstige risico's gepaard gaan dewelke de kwaliteit de ordening van de omgeving zeer ernstig kunnen aantasten zodat in hoofde van verzoekster en de aangelanden onherstelbare waterschade dreigt (...). Het gevaar op onherstelbare waterschade is des te meer aanwezig nu geen watertoets werd doorgevoerd (...). 11. Het verleggen van de Buysscher Meerenloop zal het water in watergevoelig gebied (...), over een lengte van meer dan 76 meter naar het perceel 917/e van verzoekster stuwen om dan vervolgens een bocht van 90/ te maken (...). Verzoekster heeft door het ontbreken van een watertoets geen enkele garantie dat het verleggen van de Buysscher Meerenloop haar voor waterellende zal sparen. Integendeel, door het gebruik van hoeken van 90/ (...), - zonder onderzoek van het effect van het gebruik van dergelijke afgeronde hoeken - en dit nadat het water in watergevoelig gebied over een lengte van meer dan 76 meter heeft gestroomd ontstaat op zich reeds een moeilijk te herstellen ernstig nadeel. Indien het perceel 917/e overstroomt kan het ook niet langer voor bebouwing in aanmerking komen. Ten overvloede, wordt het perceel van verzoekster de facto belast omdat 1,5 m erfdienstbaarheidszone voor het vervullen van de ex. artikel 17, § 1 van de wet van 28 december 1967 op de onbevaarbare waterlopen voortvloeiende verplichtingen niet volstaan omdat grote graafmachines e.d. meer manoeuvreer- ruimte vereisen. De uitvoering van de bestreden beslissing zal de samenvoeging van het perceel 917/e van verzoekster met het perceel 910 onmogelijk maken, zodat een goede ruimtelijke ordening in het gedrang komt. 12. De Heer en Mevrouw - Groulez, wensten onder de opschortende voor- waarde dat zij een bouwvergunning zouden kunnen bekomen het perceel 917/e te kopen. Zij hebben een bouwaanvraag ingediend. Uit het advies van het Bestuur van de Stedebouw en de Ruimtelijke ordening bij de bouwaanvraag blijkt dat een goede ruimtelijke ordening vereist dat het kleine perceel 917/e van verzoekster en het bovenliggend perceel 910 zouden worden samengevoegd: 'Het blijft de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg der plaats, gebaseerd op de eerder geciteerde bestemming van het gebied. Het advies van 17-04-2003 van het college van burgemeester en schepenen is ongunstig (in het advies van 17-04-2003 van het college van burgemeester en schepenen wordt gemeld dat het achterliggend perceel, ondanks de geformuleerde bezwaren van het college van burgemeester en schepenen d.d. 01-10-2001 in twee werd gesplitst. Dit advies kan worden bijgetreden: door bebouwing op het voor- liggend relatief klein perceel wordt de toekomstige eventuele bebouwing op het achterliggend perceel in het gedrang gebracht (in het advies van 17-04-2003 van X-12.690-3/5 het college van burgemeester en schepenen wordt gemeld dat het achterliggend perceel, ondanks de geformuleerde bezwaren van het college van burgemeester en schepenen d.d. 01-10-2001, in twee delen gesplitst). Dergelijk klein perceel komt in aanmerking om gevoegd te worden bij de achtergelegen percelen (...).' Door het hertraceren van de Buysscher Meerenloop zal het perceel 917/e van verzoekster niet meer met het perceel 910 kunnen worden samengevoegd zodat de goede ruimtelijke ordening (cfr. bezwaar van de gemeente SINT-AMANDS (...) en advies van het Bestuur van de Stedebouw en Ruimtelijke ordening (...) in het gedrang komen zodat voor verzoekster een moeilijk te herstellen ernstig nadeel ontstaat. Dat gelet op de grote omvang van de bouwwerken niet geredelijk kan betwist worden dat niet zomaar kan worden overgegaan worden tot herstel in de oorspronkelijke toestand. De moeilijkheden die op dat vlak kunnen bestaan, dienen (...) bij de beoordeling van de moeilijke herstelbaarheid van het aan- gevoerde nadeel in ogenschouw te worden genomen" Overwegende dat - daargelaten de vraag of het thans bestreden besluit wel toelaat daadwerkelijk tot de uitvoering van de werken waarvoor machtiging is verleend over te gaan - de verzoekende partij een rechtspersoon is; dat niet valt in te zien, noch wordt uiteengezet hoe de in algemene bewoordingen aangevoerde aantasting van de kwaliteit van de plaatselijke ruimtelijke ordening door haar als zodanig kan worden ervaren; dat in zoverre zij zich beroept op het in algemene bewoordingen uiteengezette "gevaar op onherstelbare waterschade", dit te dezen in hoofde van een rechtspersoon in wezen neerkomt op een financieel nadeel; dat een financieel nadeel in beginsel niet moeilijk te herstellen is; dat de verzoekende partij geen concrete en precieze gegevens bijbrengt waaruit zou kunnen blijken dat dit in casu wel het geval zal zijn; dat wat de bewering betreft dat de facto haar perceel zal belast zijn omdat de opgelegde erfdienstbaarheidszone niet zal volstaan, allereerst dient te worden opgemerkt dat de verzoekende partij zich ter zake beperkt tot een loutere bewering die niet door enig gegeven is onderschraagd, en dit los van de vraag of de door haar aangehaalde bepaling wel van toepassing is op de voorliggende waterloop die op het eerste gezicht een niet-geklasseerde onbevaarbare waterloop lijkt te zijn; dat, tweedens, ook dit nadeel in wezen van financiële aard is zodat geldt wat hiervoor is gesteld; dat wat het tweede aangevoerde nadeel betreft, dit niet alleen zuiver aleatoir en hypothetisch is daar het afhangt van een toekomstige onzekere gebeurtenis, maar bovendien in wezen een financieel nadeel is; dat ter zake wordt verwezen naar hetgeen hiervoor is gesteld; dat de verzoekende partij derhalve niet aannemelijk maakt dat de uitvoering van het bestreden besluit aanleiding zal geven tot een ernstig en moeilijk te herstellen nadeel, in de zin van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; X-12.690-4/5 Overwegende dat niet is voldaan aan een van de bij artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te kunnen bevelen; dat die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen; BESLUIT: Artikel 1. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel 2. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien oktober 2006, door : de H. G. DEBERSAQUES, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. G. DEBERSAQUES. X-12.690-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.548 Gerelateerde publicatie(
  2. s)gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.175.129 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.