id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 november 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.164.342 Rolnummer: A. 103364/IX-2813 Zaak: Arrest 164342 - - 06/11/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-11-23 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-07-01 07:56 Fiche Arrest nr 164.342 van 6 november 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 164.342 van 6 november 2006 in de zaak A. 103.364/IX-
- In zake : de Christelijke Centrale voor de Openbare Diensten, thans het ACV-Openbare Diensten, gevestigd te BRUSSEL, Helihavenlaan 21 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door:
- de minister van Binnenlandse Zaken, die woonplaats kiest bij de Federale politie Algemeen Commando DGP/DPS, gevestigd te BRUSSEL, Fritz Toussaintstraat 47
- de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaat P. HOFSTRÖSSLER, kantoor houdende te BRUSSEL, Louizalaan 99 tussenkomende partij : de VZW Nationaal Syndicaat van Politie- en Veiligheidspersoneel (NSPV), die woonplaats kiest bij advocaat C. FLAMEND, kantoor houdende te MEISE, Vilvoordsesteenweg
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Eddy BRANCKAUTE namens de Christelijke Centrale voor de Openbare Diensten (de CCOD) op 13 april 2001 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de artikelen 67, 68 en 69 van het koninklijk besluit van 8 februari 2001 tot uitvoering van de wet van 24 maart 1999 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakverenigingen van het personeel van de politiediensten; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van de VZW Nationaal Syndicaat van Politie en Veiligheidspersoneel; IX-2813-1/5 Gelet op de beschikking van 3 juli 2001 die de tussenkomst van de VZW Nationaal Syndicaat van Politie en Veiligheidspersoneel toelaat; Gelet op de memorie van de tussenkomende partij; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op de beschikking van 14 april 2005 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 6 september 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 9 oktober 2006; Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; Gehoord de opmerkingen van adviseur E. VAN ROSSEM, die verschijnt voor de eerste vertegenwoordiger van de verwerende partij, en van advocaat E. VANLOO die, loco advocaat P. HOFSTRÖSSLER verschijnt voor de tweede vertegenwoordiger van de verwerende partij, en van advocaat C. FLAMEND, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat de bestreden bepalingen betrekking hebben op de verdere financiering, na 1 januari 2001, van het syndicaal opleidingsverlof door IX-2813-2/5 de representatieve syndicale organisaties; dat volgens de verzoekende partij die bepalingen onderworpen zijn aan het verplicht syndicaal overleg;
- Overwegende dat het verzoekschrift ingediend is door de Christelijke Centrale voor de Openbare Diensten, “voor wie optreedt de heer Eddy BRANCKAUTE, secretaris”, die het verzoekschrift ook ondertekend heeft; 2.
- Overwegende dat de tussenkomende partij opwerpt dat het beroep niet ontvankelijk ingediend is; dat zij betoogt dat een secretaris van een syndicale organisatie niet de hoedanigheid heeft om de vereniging te vertegenwoordigen, terwijl de organisatie geen beslissing voorlegt van het bevoegd orgaan dat die persoon gelast zou hebben met het indienen van het beroep; 2.
- Overwegende dat de verzoekende partij desgevraagd aan de auditeur-verslaggever verduidelijkt heeft dat het verzoekschrift uitgaat van de CCOD, die er belang bij heeft dat het syndicaal statuut wordt nageleefd, maar die een feitelijke vereniging is die zich moet laten vertegenwoordigen; dat volgens haar die vertegenwoordiging rechtsgeldig gebeurt door haar secretaris Eddy BRANCKAUTE die gelegitimeerd is als vakbondsafgevaardigde door de Diensten van de Eerste Minister en die aldus de functionele hoedanigheid bezit om de hem bij wet toegekende prerogatieven geëerbiedigd te zien en de eerbiediging ervan in rechte af te dwingen; dat zij te dien aanzien verduidelijkt dat haar secretaris lid is van het onderhandelingscomité, dat hij in die hoedanigheid een rechtstreeks en functioneel belang bezit en dat het bijgevolg niet nodig is dat zij een beslissing zou voorleggen van een orgaan van haar organisatie; dat zij besluit dat in dit geval de CCOD optreedt als verzoekende partij maar dat zij vertegenwoordigd wordt door een secretaris wiens functioneel belang geschonden werd; 2.3.
- Overwegende dat de verzoekende partij in haar laatste memorie nog herhaalt dat zij als feitelijke vereniging die door de overheid betrokken is bij de werking van de openbare dienst en die er belang bij heeft dat het syndicaal statuut wordt nageleefd, vertegenwoordigd kan worden door de secretaris die zijn wettelijk toegekende prerogatieven geschonden acht en dat die secretaris het bewijs niet moet leveren dat de organisatie, die hij in de syndicale raad van advies vertegenwoordigt, hem gemachtigd heeft om een annulatieberoep in te dienen; IX-2813-3/5 2.3.
- Overwegende dat de laatste memorie ingediend is door J. ADAM, aangestelde van de verzoekende partij die ook gelegitimeerd is als vakbondsafgevaardigde; dat de beoordeling van de ontvankelijkheid van deze memorie samenvalt met de bespreking van de ontvankelijkheid van het annulatieberoep; 2.4.
- Overwegende dat de Raad van State aanvaardt dat een vereniging zonder rechtspersoonlijkheid een annulatieberoep kan indienen in de aangelegenheden waarin zij door de overheid zelf bij de werking van de overheidsdienst betrokken wordt en voor zover het beroep ertoe strekt de voordelen en bevoegdheden die de overheid aan de vereniging heeft willen verlenen, te verkrijgen of te behouden; dat in dat geval de verzoekende feitelijke vereniging het beroep moet indienen overeenkomstig de bepalingen van haar statuten; dat zij het bewijs moet leveren dat het statutair bevoegde orgaan van de vereniging tijdig besloten heeft het annulatieberoep in te dienen en dat zij voor de aanwijzing van de persoon die haar in rechte zal vertegenwoordigen de voorschriften van haar statuten gevolgd heeft; dat, wanneer de verzoekende partij stelt dat zij in rechte vertegenwoordigd kan worden door een aangestelde die door de overheid aangewezen is als lid van een syndicaal overlegorgaan, zij het functioneel belang van die aangestelde -dat een persoonlijk belang is waarvoor hij zelf moet opkomen- verwart met de voorschriften aangaande de wijze waarop zij zelf een proces kan aanspannen; dat het functioneel belang van Eddy BRANCKAUTE, dat hem toelaat persoonlijk op te komen tegen de schending van zijn prerogatieven, hem niet toelaat een annulatieberoep in te dienen ten name van de CCOD; 2.4.
- Overwegende dat de verzoekende partij het bewijs niet overlegt noch van het feit dat haar statutair bevoegd orgaan tijdig besloten heeft het onderhavig annulatieberoep in te dienen, noch van het feit dat dit orgaan Eddy BRANCKAUTE, secretaris, regelmatig heeft kunnen aanwijzen om de vereniging in rechte te vertegenwoordigen; dat het beroep niet ontvankelijk is ratione personae, BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. IX-2813-4/5 Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 123,95 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes november 2000 en zes, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, L. HELLIN, staatsraad, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. J. DE BRABANDERE. IX-2813-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.164.342 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.