id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 november 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.164.527 Rolnummer: A. 171160/XII-4670 Zaak: Arrest 164527 - Overheidsopdrachten - 09/11/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-11-14 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-07-01 08:13 Fiche Arrest nr 164.527 van 9 november 2006 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 164.527 van 9 november 2006 in de zaak A. 171.160/XII-4670. In zake : de NV CH CLEANING SERVICES, die woonplaats kiest bij advocaten K. Ronse en V. Petitat, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149, bus 20 tegen : het UNIVERSITAIR ZIEKENHUIS GENT, dat woonplaats kiest bij advocaat I. Cooreman, kantoor houdende te 1070 Brussel, Ninoofsesteenweg 643. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de NV CH Cleaning Services op 3 mei 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de “(
- i)beslissing s.d. van het UZ Gent waarbij werd beslist de offerte ingediend door verzoekster voor de opdracht ‘schoonmaken van de lokalen Medisch Technische Diensten (MTD)’, gekend onder het dossiernummer EOPAB/UZG/CA/2005-534526, ‘uit te sluiten’ op grond van artikel 4 van deel II van het bijzonder bestek en artikel 110 § 2 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996, en (
- ii)daarmee samenhangend van de beslissing van evenzeer ongekende datum de opdracht te gunnen aan een andere inschrijver, en bijgevolg (...) de impliciete weigeringsbeslissing de opdracht te gunnen aan verzoekster”; Gelet op het arrest nr. 157.418 van 6 april 2006 waarbij de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de eerste en tweede bestreden beslissing werd bevolen; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; XII-4670-1/3 Gezien het verslag opgesteld door auditeur L. Vermeire, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 5 oktober 2006, houdende bevel tot neerlegging van het verslag en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 24 oktober 2006; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat R. Van Melsen, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat K. Phlips, die loco advocaat I. Cooreman verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur L. Vermeire; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de verwerende partij op 24 april 2006 besliste tot niet-gunning van de in het geding zijnde opdracht; dat uit die beslissing voortvloeit dat de toewijzingsbeslissing van 20 februari 2006 en de daaraan verbonden beslissing om de offerte voor de verzoekende partij onregelmatig te verklaren als ingetrokken dienen te worden beschouwd en aldus de impliciete weigering om de opdracht niet aan de verzoekende partij toe te kennen, evenmin nog voorhanden is; dat dienvolgens het beroep zonder voorwerp is, hetgeen de partijen overigens niet betwisten; Overwegende dat het passend is, gelet op de omstandigheden van de zaak, de kosten ten laste te leggen van de verwerende partij; dat immers de beslissing van niet-gunning reeds dagtekent van 24 april 2006 en -zoals de verwerende partij stelt in haar memorie van antwoord- deze pas bij brief van 4 mei 2006 aan de verzoekende partij werd ter kennis gebracht, zijnde nadat deze op 3 mei 2006 reeds het verzoekschrift tot nietigverklaring had ingediend; dat de verwerende XII-4670-2/3 partij vruchteloos verwijs naar haar faxbericht van 26 april 2006, aangezien daarin slechts wordt aangekondigd dat de verwerende partij “zal” afzien van gunning, BESLUIT: Artikel 1. Het beroep wordt verworpen. Artikel 2. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negen november 2006, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-4670-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.164.527 Gerelateerde publicatie(
- s)voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.157.418 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div