← België

Arrest 165193 - - 28/11/2006

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 november 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.165.193 Rolnummer: A. 139575/IX-3880 Zaak: Arrest 165193 - - 28/11/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-12-11 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-07-01 10:24 Fiche Arrest nr 165.193 van 28 november 2006 - Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 165.193 van 28 november 2006 in de zaak A. 139.575/IX-

  1. In zake :
  2. Asher DORON, die woonplaats kiest bij advocaat H. RIEDER, kantoor houdende te GENT, Recolettenlei 39-40
  3. de NV BERIC’S (in faling), vertegenwoordigd door haar curator advocaat F. DE ROY, kantoor houdende te ANTWERPEN, Paleisstraat 47 tegen : de Belgische staat, vertegenwoordigd door de minister van Financi- en. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Asher DORON en de NV BERIC’S op 24 juli 2003 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 28 mei 2003 van de Gewestelijke Directeur van de Administratie van de Bijzondere Belastinginspectie van de Federale Overheidsdienst Financiën waarbij na heroverweging wordt geweigerd inzage te verlenen in het fiscale dossier van de NV BERIC’S; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd P. DE WOLF; IX-3880-1/4 Gelet op de beschikking van 3 februari 2005 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partijen; Gelet op de beschikking van 19 september 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 30 oktober 2006; Gehoord het verslag van staatsraad L. HELLIN; Gehoord de opmerkingen van advocaat F. DE ROY, curator, die verschijnt voor de tweede verzoekende partij, en van inspecteur J. DE VLEESCHOUWER, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van adjunct-auditeur-generaal P. DE WOLF; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Over de ontvankelijkheid van de vordering.
  4. Overwegende dat namens de NV BERIC’S op 20 maart 1993 aan de administratie van de Bijzondere Belastingsinspectie (hierna : BBI) te Mechelen en aan de Centrale Eenheid voor administratieve samenwerking met de andere EEG- lidstaten op het gebied van BTW, inzage en afschrift is gevraagd van het administratief dossier; dat bij aangetekende brief van 22 april 2003 de gewestelijke directeur bij de administratie van de BBI aan de raadsman van de verzoekende partijen mededeelt dat met toepassing van de wet van 11 april 1994 betreffende de openbaarheid van bestuur, geen inzage van het administratief dossier wordt toege- staan; dat de raadsman van de verzoekende partijen op 29 april 2003 een verzoek tot IX-3880-2/4 heroverweging heeft ingediend; dat de gewestelijke directeur bij de BBI te Antwerpen op 20 mei 2003 de heroverweging afwijst; Overwegende dat uit het administratief dossier blijkt dat eerste verzoeker geen aanvraag tot inzage en afschrift heeft ingediend; dat hij bijgevolg niet beschikt over de rechtens vereiste hoedanigheid om een annulatieberoep in te stellen tegen de bestreden beslissing en dat het dienvolgens door haar ingestelde beroep onontvankelijk is;
  5. Overwegende dat de tweede verzoekende partij bij vonnis van de Rechtbank van Koophandel te Antwerpen op 13 januari 2005 failliet verklaard is; dat de aangestelde curator bij brief van 21 april 2005 is uitgenodigd om gebeurlijk het geding te hervatten; dat inmiddels geen akte tot gedinghervatting werd neergelegd; dat de redelijke termijn om zulks alsnog te doen ruimschoots is overschreden; dat de vordering ingesteld door de tweede verzoekende partij bijgevolg niet meer ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  6. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  7. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen voor de helft ten laste van de eerste verzoekende partij en voor de helft ten laste van de failliete boedel. IX-3880-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achtentwintig november 2000 en zes, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. J. DE BRABANDERE, voorzitter van de Raad van State, L. HELLIN, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. J. DE BRABANDERE. IX-3880-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.165.193 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.