id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 december 2006 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.165.781 Rolnummer: A. 135928/X-11400 Zaak: Arrest 165781 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 11/12/2006 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2006-12-22 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-07-01 11:28 Fiche Arrest nr 165.781 van 11 december 2006 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 165.781 van 11 december 2006 in de zaak A. 135.928/X-11.
- In zake :
- Danny VAN DE KERCKHOVE,
- Cecilia DE CLERCQ, die woonplaats kiezen bij Advocaat D. DE GROOF, kantoor houdende te 2800 MECHELEN, Electriciteitsstraat 35/2004 tegen : de gemeente MEISE. DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Danny VAN DE KERCKHOVE en Cecilia DE CLERCQ op 18 april 2003 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 10 februari 2003 van het College van burgemeester en schepenen van de gemeente Meise waarbij aan Luc POTOMS en Marina VAN DER AUWERA de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend tot "het slopen van bestaande berging (36m²) en het oprichten van een meergezinswoning in half-open verband met carport in de tuinzone", op een perceel gelegen te Meise, Nieuwenrodestraat, kadastraal bekend sectie A, nr. 2p2; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Eerste Auditeur- afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op de beschikking van 2 juni 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partijen op 14 juni 2006; X-11.400-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure hebben ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te hunnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-11.400-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op elf december 2006, door : de H. J. BOVIN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. J. CAMU, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CAMU. J. BOVIN. X-11.400-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.165.781 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div