id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 januari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.136 Rolnummer: A. 166774/VII-34760 Zaak: Arrest 167136 - Varia (justitie) - 25/01/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-02-02 Raadplegingen: 48 - laatst gezien 2026-06-29 14:31 Fiche Arrest nr 167.136 van 25 januari 2007 Justitie - Varia (justitie) Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 167.136 van 25 januari 2007 in de zaak A. 166.774/VII-34.
- In zake : Fereydoun YARZADEH, vertegenwoordigd door zijn voogd Walter MOMMEN, die woonplaats kiest bij advocaat S. MOLENAERS, kantoor houdende te HASSELT, Mouterijstraat 21 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaat St. VERBOUWE, kantoor houdende te BRUSSEL, Tervurenlaan
- ---------------------------------------------------------------------------------------------------- --- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Fereydoun YARZADEH, vertegenwoordigd door zijn voogd Walter MOMMEN, op 11 oktober 2005 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van het Ministerie van Justitie, Dienst Voogdij, van 12 augustus 2005 waarbij de voogdij over hem van rechtswege wordt beeïndigd; Gelet op het arrest nr. 160.774 van 29 juni 2006 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan verzoeker op 17 juli 2006; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; VII-34.760-1/3 Gelet op de kennisgeving aan verzoeker, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij verzoeker binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoeker niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van verzoeker een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer hij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat het arrest nr. 160.774 van 29 juni 2006 de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit heeft verworpen; Overwegende dat verzoeker geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat te zijnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op175 euro, komen ten laste van verzoeker. VII-34.760-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijfentwintig januari tweeduizend en zeven, door : de H. E. BREWAEYS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. WIJNANTS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. WIJNANTS. E. BREWAEYS. VII-34.760-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.136 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.160.774 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.