id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 februari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.702 Rolnummer: A. 93478/X-9688 Zaak: Arrest 167702 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 12/02/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-02-26 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-29 15:41 Fiche Arrest nr 167.702 van 12 februari 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 167.702 van 12 februari 2007 in de zaak A. 93.478/X-
- In zake :
- Marc QUINTEYN,
- Wendy ANNÉ, die woonplaats kiezen bij advocaat L. LOOS, kantoor houdende te 9300 AALST, Majoor Claserstraat 8 tegen :
- de stad AALST,
- het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat J. HEYVAERT, kantoor houdende te 9200 DENDERMONDE, Gentsesteenweg 108-
- tussenkomende partij : de nv MOBISTAR, die woonplaats kiest bij advocaat P. MALLIEN, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Meir
- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Marc QUINTEYN en Wendy ANNÉ op 11 juli 2000 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 20 maart 2000 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Aalst, waarbij aan de n.v. MOBISTAR de bouwvergunning wordt verleend voor het oprichten van een zendstation voor mobiele communicatie en een technische kabine aan de Rozendreef te Aalst, op een perceel kadastraal bekend onder sectie E, nr. 87/e; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst op 12 december 2000 ingediend door de n.v. MOBISTAR; Gelet op de beschikking van 7 februari 2001 die de tussenkomst van de n.v. MOBISTAR toelaat; X-9688-1/6 Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de beschikking van 11 oktober 2004 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de eerste verwerende partij; Gelet op de beschikking van 21 december 2006 waarbij de terecht- zitting bepaald wordt op 26 januari 2007; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat N. HERPELINCK, die loco advocaat L. LOOS verschijnt voor de verzoekende partijen, van bestuurs- secretaris C. VAN MOLLE, die verschijnt voor de eerste verwerende partij, van advocaat K. BOSMANS, die loco advocaat J. HEYVAERT verschijnt voor de tweede verwerende partij, en van advocaat J. DE CONINCK, die loco advocaat P. MALLIEN verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat het bestreden besluit aan de tussenkomende partij de vergunning verleent tot het oprichten van een zendstation voor mobiele communicatie en een technische cabine aan de rand van een plaatselijk voetbal- en speelterrein op een perceel gelegen in een zone die door het gewestplan Aalst-Ninove-Geraardsbergen-Zottegem is bestemd tot gebied voor dagrecreatie; dat dit besluit voornamelijk stoelt op de volgende overwegingen: “Het college van burgemeester en schepenen heeft kennis genomen van het eensluidend advies van de Gemachtigde Ambtenaar, uitgebracht op 3 maart
- Het overwegende en het beschikkende gedeelte ervan luidt als volgt: X-9688-2/6 OVERWEGEND GEDEELTE Beknopte beschrijving van de aanvraag Het bouwen van een zendstation voor mobiele communicatie omvattend het vervangen van een bestaande lichtmast door een pyloon met een hoogte van 33 m het aanbrengen van antennes en het plaatsen van de bijhorende technische cabines aan de voet van de pyloon afgesloten door een draad omheining. Stedenbouwkundige basisgegevens uit plannen van aanleg Ligging volgens de plannen van aanleg + bijhorende voorschriften Het goed ligt in het gewestplan Aalst-Ninove-Geraardsbergen-Zottegem. (Koninklijk besluit van 30 mei 1978) De plaats van de voorgenomen werken ligt in een gebied voor dagrecreatie. De gebieden voor dagrecreatie bevatten enkel de recreatieve en toeristische accommodatie, bij uitsluiting van alle verblijfsaccommodatie (artikel 16 van het Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen). Bepaling van het plan dat van toepassing is op de aanvraag Het goed is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd plan van aanleg, noch binnen de omschrijving van een behoorlijk vergunde en niet vervallen verkaveling. Het blijft de bevoegdheid van de overheid de aanvraag te toetsen aan de gebruikelijke inzichten en noden betreffende een goede aanleg der plaats, gebaseerd op de eerder geciteerde voorschriften van het van kracht zijnde gewestplan. Overeenstemming met dit plan De aanvraag is principieel in strijd met het van kracht zijnde plan, meer bepaald omdat de installaties geen betrekking hebben op recreatieve of toeristische accommodaties. Afwijkingsbepalingen / Andere zoneringsgegevens van het goed / Externe adviezen Het college van burgemeester en schepenen bracht op 15/11/1999 een gunstig advies uit Het Openbaar Onderzoek Wettelijke bepalingen De aanvraag vereist geen openbaar onderzoek. Evaluatie van de procedure/aantal bezwaren / Evaluatie bezwaren / Richtlijnen en omzendbrieven / Historiek / Beschrijving van de bouwplaats, de omgeving en het project De aanvraag voorziet in de plaatsing van een pyloon met een hoogte van 33 m ter vervanging van een bestaande lichtmast van een voetbalterrein gelegen in een gebied voor dagrecreatie dat aansluit bij een woonomgeving. Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening Infrastructuur voor mobiele communicatie is een gemeenschapsvoorziening welke volgens de bepalingen van art. 20 van het K.B. van 28/12/1972 ook buiten de daartoe bestemde zones kan voorzien worden. Door het plaatsen van de pyloon ter vervanging van een bestaande verlichtingsmast van het voetbalterrein wordt de algemene bestemming van het recreatiegebied niet in het gedrang gebracht, en wordt de visuele impact op de X-9688-3/6 omgeving beperkt door de reeds aanwezige verticale elementen van de verlichtingsmasten en de omgevende bebouwing. De technische cabines worden voorzien aan de voet van de pyloon omgeven door een draadafsluiting zodat hierdoor ook de verdere aanleg van de omgeving niet in het gedrang wordt gebracht. Uit de bijgevoegde intentieverklaringen blijkt tevens dat de pyloon ook zal gebruikt worden door een andere operator zodat de aanvraag tevens voldoet aan de principes van duurzaam ruimtegebruik door het samenbrengen van deze installaties. Algemene conclusie De aanvraag is voor vergunning vatbaar. BESCHIKKEND GEDEELTE Advies GUNSTIG Voorwaarden / Het college van Burgemeester en Schepenen motiveert zijn standpunt als volgt: OPRICHTEN GSM-ZENDMAST: gunstig advies Het perceel is overeenkomstig de planologische voorzieningen van het bij KB d.d. 30-05-1978 vastgesteld Gewestplan Aalst-Ninove-Geraardsbergen- Zottegem gelegen in een gebied voor dagrecreatie waarvoor art. 16.5.1 van het KB d.d. 28-12-1972 van toepassing is. De aanvraag betreft het oprichten van een GSM-zendmast en technische cabine. Overwegende dat een GSM-zendmast als inrichting van openbaar nut kan beschouwd worden en aldus aanvaardbaar is onder de bepalingen van art. 20 van het KB van 28/12/1972; Overwegende dat de recreatieve bestemming van de omgeving niet in het gedrang wordt gebracht; gelet op het gunstig advies van de dienst Patrimonium; Overwegende dat de inplanting weinig visuele hinder voor de omgeving veroorzaakt, kan de aanvraag gunstig geadviseerd worden”;
- Overwegende dat de beide verwerende partijen het belang van de verzoekers bij de gevraagde vernietiging betwisten; dat de excepties niet worden aangenomen, nu uit de gegevens van de zaak blijkt dat de verzoekende partijen eigenaar en bewoner zijn van onroerende goederen gelegen in de onmiddellijke omgeving van het kwestieuze perceel; 3.
- Overwegende dat de verzoekende partijen in hun derde middel aanvoeren dat op onrechtmatige wijze toepassing werd gemaakt van artikel 20 van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen (het zgn. Inrichtings- besluit) ; dat zij in hun vierde middel stellen dat de Formele motiveringswet van 27 juli 1991 is geschonden, doordat uit de motivering van het college van burgemeester en schepenen niet blijkt dat de verenigbaarheid van de bouwwerken met de voorschriften van de plannen van aanleg en de bestemming van het gebied, X-9688-4/6 met de omgeving in de ruime zin en met de onmiddellijke omgeving, werd onderzocht ; dat zij daarbij erop wijzen dat het betrokken gebied voor dagrecreatie is omzoomd door een woon- en uitbreidingsgebied; Overwegende dat de verwerende en de tussenkomende partijen betogen dat een correcte toepassing werd gemaakt van de afwijkingsmogelijkheid geboden door artikel 20 van het Inrichtingsbesluit, en dat dit afdoende blijkt uit de bestreden beslissing; 3.
- Overwegende dat de kwestieuze bouwwerken, gelet op hun functie, te beschouwen zijn als een openbare nutsvoorziening; dat dergelijke bouwwerken op grond van artikel 20 van het Inrichtingsbesluit kunnen worden toegestaan buiten de daarvoor bestemde gebieden “voor zover ze verenigbaar zijn met de algemene bestemming en met het architectonisch karakter van het betrokken gebied”; dat uit de motivering van de bestreden beslissing moet blijken dat zorgvuldig werd onderzocht of aan deze voorwaarden is voldaan; dat uit de hierboven geciteerde overwegingen van die beslissing blijkt dat de gemachtigde ambtenaar enkel poneert, doch niet argumenteert dat “de algemene bestemming van het recreatiegebied niet in het gedrang gebracht wordt”; dat het college van burgemeester en schepenen dienaangaande ook niet verder komt dan de loutere verklaring “dat de recreatieve bestemming van de omgeving niet in het gedrang wordt gebracht”; dat de vaststelling door de gemachtigde ambtenaar dat de installatie geplaatst wordt “ter vervanging van een bestaande verlichtingsmast” ter zake niet afdoende is, gelet op de aard en de functie van het bouwwerk, zijnde een 33 m hoge pyloon waarop antennes worden geplaatst, en een technische cabine, afgesloten door een draadomheining; dat bovendien bij de evaluatie van de verenigbaarheid van de bouwwerken met de goede plaatselijke ordening ook rekening diende gehouden te worden met het omringende woongebied; dat uit de bestreden beslissing blijkt dat het college zich ertoe beperkt louter te poneren dat “de inplanting weinig visuele hinder voor de omgeving veroorzaakt”, zonder nader concreet in te gaan op de configuratie van het omringende woongebied en op de verschillen tussen de vergunde bouwwerken en de bestaande lichtmast; dat de Raad van State op grond van de geciteerde motieven niet vermag uit te maken op grond van welke concrete elementen de gemachtigde ambtenaar en het college tot het besluit zijn gekomen dat aan de voorwaarden van artikel 20 van het Inrichtingsbesluit is voldaan; dat de middelen in zoverre gegrond zijn, X-9688-5/6 BESLUIT: Artikel
- Vernietigd wordt het besluit van 20 maart 2000 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Aalst, waarbij aan de n.v. MOBISTAR de bouwvergunning wordt verleend voor het oprichten van een zendstation voor mobiele communicatie en een technische kabine aan de Rozendreef te Aalst, op een perceel kadastraal bekend onder sectie E, nr. 87/e. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verwerende partijen, ieder voor de helft. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 123,95 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twaalf februari 2007, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. BOVIN, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-9688-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.702 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div