id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 februari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.859 Rolnummer: A. 145098/XIV-17941 Zaak: Arrest 167859 - Dienst Vreemdelingenzaken - 15/02/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-02-27 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 06:25 Fiche Arrest nr 167.859 van 15 februari 2007 Vreemdelingen - Dienst Vreemdelingenzaken Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 167.859 van 15 februari 2007 in de zaak A. 145.098/XIV-17.
- In zake : XXX, die woonplaats kiest bij Advocaat S. STEVENS, kantoor houdende te 2800 MECHELEN, Schuttersstraat 15-17 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken. ------------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXX, geboren in 1981 en van Marokkaanse nationaliteit, op 9 december 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de minister van Binnenlandse Zaken van 8 november 2003 tot weigering van vestiging, met bevel om het grondgebied te verlaten, aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 18 november 2003; Gelet op de beschikking van 13 januari 2004 waarbij aan de verzoekende partij het voordeel van de kosteloze rechtspleging wordt verleend; Gelet op het administratief dossier; Gezien de gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur M. STERCK, d.d. 17 oktober 2006 op grond van artikel 23 van het koninklijk besluit van 9 juli 2000 houdende bijzondere procedureregeling inzake geschillen over beslissingen betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gelet op het verzoek tot voortzetting teneinde te worden gehoord van de verzoekende partij; Gelet op de beschikking van 1 december 2006 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op woensdag 24 januari 2007 om 10.00 uur; Gehoord het verslag van Staatsraad Ch. BAMPS; XIV-17.941-1/4 Gehoord de opmerkingen van Advocaat S. STEVENS, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van Advocaat A. DE MEU, die loco Advocaat C. DECORDIER verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van Auditeur M. VAN LIMBERGEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Over de feitelijke gegevens van de zaak. 1.
- De verzoekende partij dient op 17 juni 2003 een aanvraag tot vestiging in. 1.
- Op 18 november 2003 neemt de minister van Binnenlandse Zaken een beslissing tot weigering van vestiging, met bevel om het grondgebied van het Rijk te verlaten. Dit is de bestreden beslissing, waarvan de motieven als volgt luiden: “(...) motivering in feite: In haar arrest van 24.4.1995 heeft de Raad van State gepreciseerd dat indien het zich gemeenschappelijk vestigen niet noodzakelijk een effectieve en duurzame vorm van samenwonen met zich meebrengt, dan veronderstelt het toch minstens de staat van echtgenoot, die eigenlijk niet als dusdanig kan erkend worden zonder het bestaan van een minimum aan relatie tussen de echtgenoten. De Raad van state oordeelt dat er minsten een ‘gezinscel’ moet bestaan, waarbij er een relatie moet bestaan tussen de echtgenoten; Er moet tussen de echtgenoten een reële, echtelijke band bestaan (levensgemeenschap) en dit, ook al is de verblijfplaats van de echtgenoten verscheiden. Uit het verslag van de politie van Mechelen dd. 04/09/2003 blijkt dat de echtgenoot van betrokkene zich in de gevangenis van Mechelen bevindt. De relatie tussen de echtgenoten kon dus niet gecontroleerd worden. Motivering in rechte: artikel 40 § 6 wet 15.12.1980 artikel 60 K.B. 8.10.1981, gewijzigd door K.B. 7.11.1988 en K.B. 12.6.
- (...)”. 1.
- De verzoekende partij diende bij de minister van Binnenlandse Zaken een verzoek tot herziening in tegen deze beslissing. Als gevolg van dit verzoek tot herziening werd aan de verzoekende partij een tijdelijk verblijfsdocument (bijlage 35) afgeleverd, waardoor zij gemachtigd is in het Rijk te verblijven in afwachting van een beslissing over dit verzoek tot herziening.
- Over de ontvankelijkheid. Overwegende dat artikel 69 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen (Vreemdelingenwet), als volgt luidt: XIV-17.941-2/4 “Een beroep tot nietigverklaring, dat onder de regeling valt van artikel 14 van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, kan worden ingesteld tegen een beslissing waarbij aanspraak op een bij deze wet bepaald recht geweigerd wordt. De indiening van een verzoek tot herziening verhindert niet dat rechtstreeks een beroep tot nietigverklaring wordt ingesteld tegen de beslissing waarvan de herziening wordt gevraagd. In dit geval wordt het onderzoek van het beroep tot nietigverklaring opgeschort totdat de minister of diens gemachtigde een beslissing heeft genomen over de ontvankelijkheid van de aanvraag.”; Overwegende dat de verzoekende partij een verzoek tot herziening heeft ingediend dat ontvankelijk werd verklaard, omdat de verzoekende partij een tijdelijk verblijfsdocument heeft ontvangen (bijlage 35); dat artikel 66, tweede lid, van de Vreemdelingenwet het volgende bepaalt: “Is het verzoek tot herziening ontvankelijk, dan moet de Minister het geval opnieuw onderzoeken en een nieuwe beslissing nemen, die in de plaats komt van die waartegen het verzoek werd gericht. De nieuwe belissing moet met redenen worden omkleed als zij de maatregel handhaaft.”; Overwegende dat de verzoekende partij geen belang meer heeft bij huidig beroep tot nietigverklaring; dat de bestreden beslissing immers zal worden vervangen door een nieuwe beslissing die in de plaats zal treden van de bestreden beslissing, waartegen opnieuw een beroep tot nietigverklaring mogelijk is; dat artikel 67 van de Vreemdelingenwet bovendien bepaalt dat tijdens de duur van het onderzoek van het verzoek tot herziening, geen enkele maatregel tot verwijdering van het grondgebied mag worden uitgevoerd en geen zodanige maatregel ten opzichte van de vreemdeling mag worden genomen wegens de feiten die aanleiding hebben gegeven tot de beslissing waartegen dat verzoek is ingediend; Overwegende dat ten slotte nog kan worden verwezen naar de memorie van toelichting bij het wetsontwerp tot wijziging van de Vreemdelingenwet, waarin wordt gesteld dat indien een verzoek tot herziening ontvankelijk wordt verklaard, “zal de beslissing over de gegrondheid van het verzoek tot herziening in de plaats komen van de aanvankelijke beslissing en is er geen reden voorhanden om de procedure bij de Raad van State nog langer op te schorten, aangezien het beroep tot nietigverklaring onmiddellijk doelloos kan worden verklaard” (Memorie van toelichting bij het wetsontwerp tot wijziging van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, Parl. St. Kamer, 1995-96, nr. 364/1, 142);
- Overwegende dat het beroep onontvankelijk is wegens gebrek aan belang; dat derhalve het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen, XIV-17.941-3/4 BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel, na beraad, uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijftien februari tweeduizend en zeven, door : Mevr. Ch. BAMPS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. DE SMET, griffier. De griffier, De voorzitter, A. DE SMET. Ch. BAMPS. XIV-17.941-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.859 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.