← België

Arrest 167933 - Varia (justitie) - 16/02/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 februari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.933 Rolnummer: A. 169754/IX-5192 Zaak: Arrest 167933 - Varia (justitie) - 16/02/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-02-28 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 16:10 Fiche Arrest nr 167.933 van 16 februari 2007 Justitie - Varia (justitie) Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 167.933 van 16 februari 2007 in de zaak A. 169.754/IX-

  1. In zake : Daljit SINGH, die woonplaats kiest bij advocaat W. VAN STEENBRUGGE, kantoor houdende te GENT, Limburgstraat 122 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaten S. VERBOUWE en M. PELLEGRINI, kantoor houdende te BRUSSEL, Tervurenlaan
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Daljit SINGH op 25 januari 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 25 november 2005 van de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders waarbij zijn verzoek om een hulp onontvankelijk wordt verklaard ; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederant- woord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur R. VANDER ELSTRAETEN; Gelet op de beschikking van 11 oktober 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 17 oktober 2006; IX-5192-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzet- ting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  3. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. IX-5192-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zestien februari 2007, door : de H. P. LEMMENS, kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. P. LEMMENS. IX-5192-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.167.933 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.