id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 februari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.168.094 Rolnummer: A. 170090/XII-4645 Zaak: Arrest 168094 - Bevolkingsregister - 22/02/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-03-05 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-29 06:26 Fiche Arrest nr 168.094 van 22 februari 2007 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Bevolkingsregister Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 168.094 van 22 februari 2007 in de zaak A. 170.090/XII-
- In zake :
- Jean-Claude DE VOS,
- Astrid HUBEAU, die woonplaats kiezen bij advocaat A. Deruyver, kantoor houdende te Ronse, Oude Vesten 27 tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Jean-Claude De Vos en Astrid Hubeau op 10 februari 2006 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 14 november 2005 van de gemachtigde van de minister van Binnenlandse Zaken dat “[d]e ambtshalve inschrijving van de heer en mevrouw Jean- Claude De Vos - Astrid Hubeau dd. 27 september 2004 in het bevolkingsregister van Ronse, Kapellestraat 200 dient te worden behouden”; Gelet op het arrest nr. 159.019 van 18 mei 2006 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan verzoekers op 1 juni 2006; Gelet op de kennisgeving aan verzoekers, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; XII-4645-1/3 Gelet op het schrijven van verzoekers van 8 september 2006, waarbij zij vragen om te worden gehoord; Gelet op de beschikking van 13 november 2006, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 28 november 2006; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat A. Deruyver, die verschijnt voor verzoekers, en van attaché F. Verduyn, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur B. Thys; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat bij de kennisgeving van het tussenarrest aan verzoekers de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van de tekst van voornoemd artikel 17, § 4ter, alsook van artikel 15ter, § 1, derde en vijfde lid, van het koninklijk besluit van 5 december 1991; Overwegende dat verzoekers geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging hebben ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennis- geving van het arrest waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing is verworpen; dat verzoekers ten onrechte overmacht daartoe aanvoeren; dat het arrest blijkt betekend op het adres van hun raadsman bij wie zij woonplaatskeuze deden en aan wie zij, volgens zijn eigen verklaring ter terechtzitting, ook opdracht hadden gegeven om een verzoek tot voortzetting in te dienen; dat dit verzoek niettemin is uitgebleven; dat ten aanzien van verzoekers een vermoeden van afstand van het geding geldt, XII-4645-2/3 BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van verzoekers, elk voor de helft. Artikel
- Het ten onrechte gekweten zegelrecht ten bedrage van 350 euro op het beroep tot nietigverklaring dient aan verzoekers te worden terugbetaald. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig februari 2007, door : de HH. J. LUST, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. J. LUST. XII-4645-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.168.094 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.019 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div