← België

Arrest 169106 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/03/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 maart 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.169.106 Rolnummer: A. 175956/X-12987 Zaak: Arrest 169106 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/03/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-04-16 Raadplegingen: 50 - laatst gezien 2026-06-29 18:00 Fiche Arrest nr 169.106 van 19 maart 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE.nr. 169.106 van 19 maart 2007 in de zaak A. 175.956/X-12.

  1. In zake :
  2. Simonne DE VOS,
  3. Suzanne DE MEIRSMAN, die woonplaats kiezen bij advocaten E. VAN DER MUSSELE en Y. VANDEN BOSCH, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Stoopstraat 1/10 tegen : de deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Simonne DE VOS en Suzanne DE MEIRSMAN op 19 augustus 2006 hebben ingediend om de nietigverklaring van de tenuitvoerlegging te vorderen van :
  4. de beslissing van 30 maart 2006 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente STABROEK waarbij aan de n.v. HOMING COMPANY de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend tot het bouwen van twaalf appartementen, één woning en elf garages op een perceel gelegen te Stabroek, Sint Catharinastraat 67-69-71-73, kadastraal bekend sectie C, nrs. 354/f4, 354/l3 en 354/m3;
  5. het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen van 8 juni 2006 waarbij aan de nv HOMING COMPANY de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend tot het bouwen van twaalf appartementen, één woning en elf garages op een perceel gelegen te Stabroek, Sint Catharinastraat 67-69-71- 73, kadastraal bekend sectie C, nrs. 354/f4, 354/l3 en 354/m3; Gelet op het arrest nr. 165.608 van 6 december 2006 waarbij het verzoek tot tussenkomst van de n.v. HOMING COMPANY wordt ingewilligd, de gemeente STABROEK buiten de zaak wordt gesteld, de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen van 8 juni 2006 waarbij aan de n.v. HOMING COMPANY de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend tot het bouwen van twaalf X-12.987-1/4 appartementen, één woning en elf garages op een perceel gelegen te Stabroek, Sint Catharinastraat 67-69-71-73, kadastraal bekend sectie C, nrs. 354/f4, 354/l3 en 354/m3 wordt bevolen en de vordering tot schorsing voor het overige wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verwerende partij en aan de partij die belang heeft bij de beslechting van de zaak op 12 december 2006; Gelet op de kennisgeving aan de verwerende partij en aan de partij die belang heeft bij de beslechting van de zaak, op grond van artikel 15bis, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende schorsing van de tenuitvoerlegging van het tweede bestreden besluit aan de verwerende partij en aan degene die belang heeft bij de beslechting van de zaak melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4bis, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973 en van artikel 15bis, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4bis, de Raad van State de akte of het reglement kan nietig verklaren waarvan de schorsing gevorderd wordt indien, binnen dertig dagen te rekenen van de kennisgeving van het arrest waarbij de schorsing wordt bevolen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging is ingediend door de verwerende partij of degene die belang heeft bij de beslechting van de zaak; Overwegende dat noch de verwerende partij, noch de partij die belang heeft bij de beslechting van de zaak binnen de termijn van dertig dagen een X-12.987-2/4 verzoek tot voortzetting van de rechtspleging hebben ingediend; dat, op grond van artikel 15bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer uitspraak zal doen over de vernietiging van de beslissing waarvan de schorsing is bevolen, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het eerste bestreden besluit, aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter, ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat de verzoekende partijen geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging hebben ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; dat er reden is om de beslissing waarvan de schorsing van de tenuitvoerlegging is bevolen nietig te verklaren, X-12.987-3/4 BESLUIT: Artikel
  6. Vernietigd wordt het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen van 8 juni 2006 waarbij aan de n.v. HOMING COMPANY de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend tot het bouwen van twaalf appartementen, één woning en elf garages op een perceel gelegen te Stabroek, Sint Catharinastraat 67-69-71-73, kadastraal bekend sectie C, nrs. 354/f4, 354/l3 en 354/m
  7. Artikel 2 De afstand van het geding wordt vastgesteld, wat het eerste bestreden besluit betreft. Artikel
  8. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van het Vlaamse Gewest. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 19 maart 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-12.987-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.169.106 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.165.608 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.