← België

Arrest 169118 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 20/03/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 maart 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.169.118 Rolnummer: A. 174265/X-12906 Zaak: Arrest 169118 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 20/03/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-03-26 Raadplegingen: 48 - laatst gezien 2026-06-29 18:03 Fiche Arrest nr 169.118 van 20 maart 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 169.118 van 20 maart 2007 in de zaak A. 174.265/X-12.

  1. In zake : Marcel BLEUS, die woonplaats kiest bij advocaat G. MULLENS, kantoor houdende te 3740 BILZEN, Sint-Lambertuslaan 26 tegen : de stad BORGLOON. tussenkomende partijen :
  2. André GIJBELS,
  3. Erica LAGAEYSSE, die woonplaats kiezen bij advocaat G. KINDERMANS, kantoor houdende te 3870 HEERS, Steenweg
  4. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Marcel BLEUS op 23 juni 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 29 maart 2006 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Borgloon waarbij aan André GIJBELS en Erica LAGAEYSSE de verkavelingsvergunning wordt verleend met betrekking tot het terrein te Borgloon, Daalhofstraat, kadastraal gekend onder sectie C, nrs. 387/n en 388/n; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst op 27 juli 2006 ingediend door André GIJBELS en Erica LAGAEYSSE; Gelet op de beschikking van 25 augustus 2006 die de tussenkomst van André GIJBELS en Erica LAGAEYSSE toelaat; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij op 9 oktober 2006 van het feit dat de verwerende partij verzuimd heeft een memorie van antwoord in te dienen; X-12.906-1/3 Gezien de memorie van de tussenkomende partij; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat bij het kennis geven aan de verzoekende partij van het verzuim van het indienen van een memorie van antwoord de Hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 8, samengelezen met artikel 7 van voornoemd besluit van de Regent, geen toelichtende memorie aan de griffie heeft laten geworden; dat krachtens voormeld artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt, BESLUIT: Artikel
  5. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  6. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-12.906-2/3 De kosten van de tussenkomst, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, ieder voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twintig maart 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-12.906-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.169.118 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.