← België

Arrest 170042 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 16/04/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 april 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.042 Rolnummer: A. 172551/IX-5302 Zaak: Arrest 170042 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 16/04/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-04-30 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 19:37 Fiche Arrest nr 170.042 van 16 april 2007 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 170.042 van 16 april 2007 in de zaak A. 172.551/IX-

  1. In zake : Daniël COUCKUYT die woonplaats kiest bij advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te BRUGGE, Stockhouderskasteel, Gerard Davidstraat 46 bus 1 tegen : de NV DE POST, die woonplaats kiest bij advocaat C. VAN OLMEN, kantoor houdende te BRUSSEL, Louizalaan
  2. ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Daniël COUCKUYT op 2 mei 2006 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de Chief Human Resources Officer van de NV DE POST waarbij Dirk BOESMANS het mandaat nr. 0495 van manager administratieve loopbaan wordt toegewezen; Gezien het gelijktijdig ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoekende partij de schorsing van de tenuitvoerlegging vordert van dezelfde beslissing; Gezien het verslag over het beroep tot nietigverklaring opgemaakt door auditeur D. MAREEN, op grond van artikel 94 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administra- tie van de Raad van State; Gezien het verslag over de vordering tot schorsing opgemaakt door auditeur D. MAREEN; IX-5302-1/5 Gelet op de beschikkingen van 26 september 2006, houdende bevel tot neerlegging van het verslag over het beroep tot nietigverklaring en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 20 november 2006; Gelet op de kennisgeving van de verslagen aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad L. HELLIN; Gehoord de opmerkingen van advocaat B. STAELENS die verschijnt voor verzoeker, en van advocaat S. FIORELLI die, loco advocaat C. VAN OLMEN verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur D. MAREEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  3. Over de gegevens van de zaak. Overwegende dat de gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat: Op 30 november 2005 wordt de functie van manager Administra- tieve Loopbaan vacant verklaard. Verzoeker is één van de acht kandidaten voor die betrekking en wordt samen met Dirk BOESMANS geselecteerd op basis van zijn curriculum vitae. De dienst selectie van De Post geeft vervolgens over Dirk BOESMANS het volgende advies: “Positief advies voor een functie als manager, maar rekening houdend met de aandachtspunten die uit deze evaluatie voortvloeien. Wij adviseren om zijn kandidatuur in overweging te nemen voor de functie van “Manager Administra- tie Loopbaan”. Voor verzoeker luidt het advies als volgt: “Goed profiel maar ons eindadvies is gematigd positief. Daniël COUCKUYT beschikt over interessante en nuttige competenties om deze uitdaging aan te gaan. Er kan zeker op hem gesteund worden voor alles wat met de administratieve loopbaan te maken heeft. Desalniettemin, vergeleken met de IX-5302-2/5 functiebeschrijving, mist hij kennis inzake de reglementering voor baremieke contractuele personeelsleden van De Post. Het is dus best mogelijk dat andere kandidaten die wel over deze kennis beschikken het onderscheid maken. Hij profileert zich als een zeer goede nummer 2 voor het betrokken departement, iemand op wie men kan vertrouwen en aan wie men verantwoordelijkheden kan toevertrouwen.” Bij brief van 20 december 2005 laat de selectieconsulente aan Dirk BOESMANS weten dat hij geselecteerd werd voor de functie van Manager Administratie Loopbaan. Gemeld wordt : “De verantwoordelijke van de unit zal, indien dit nog niet gebeurd is, weldra contact met u opnemen teneinde de mogelijkheid van een aanstelling te onderzoeken. Wij wensen u hierbij te feliciteren en te bedanken voor uw deelname aan deze procedure”. Bij brief van 9 februari 2006 verkrijgt verzoeker de “feedback Departement selectie Manager administratieve loopbaan”. Op dat document wordt vermeld: “Interview datum: 13 december 2005". Een lijst van 10 maart 2006 “Toegekende mandaten” vermeldt onder meer dat aan Dirk BOESMANS het mandaat is toegekend. Verzoeker dient op dezelfde datum een bezwaarschrift in bij de Chief Human Resources Officer van de NV De Post in de volgende bewoordingen: “Mijn kandidatuur werd op basis van mijn CV weerhouden en ik nam met gunstig resultaat deel aan de selectieproeven. (13.12 .2005) Op 21.12.2005, om l0u00, werd ik verwacht bij de heer F. Hebbelynck voor een laatste selectiefase. Reeds de dag voordien werd ik door collega*s ingelicht dat de job was toegewezen aan de heer Dirk Boesmans. Op 21.12.2005 om 9u30 werd mij dit door een andere collega bevestigd. Dit was hem persoonlijk door de heer F. Hebbelynk medegedeeld tijdens een gesprek dat net daarvoor plaatsgevonden had. Om 9u39 bracht ik, omtrent deze gang van zaken, mijn onmiddellijke chef, Guy Van Melckebeke, per mail, op de hoogte. Om l0u00 had ik toch een onderhoud met de heer F. Hebbelynck waarbij me terstond werd medegedeeld dat de job was toegekend aan de heer Dirk Boesmans. Er heeft dus, voor wat mijn kandidatuur betreft, geen laatste fase plaats gevonden. Ik kon mijn kansen dus niet naar behoren verdedigen. Nochtans is het doel van voormelde functie ‘instaan voor de operationele leiding van het departement Administratieve Loopbaan en voor het uitvoeren van alle taken die nodig zijn voor het beheer van deze mobiliteitsprocessen voor de statutaire en contractuele personeelsleden, van de aanwerving tot het vertrek’. IX-5302-3/5 Sedert 1992 ben ik werkzaam bij ‘Kaders & Mobiliteit’ waar in hoofdzaak ‘mobiliteitsprocessen’ tot de bevoegdheden behoren. De heer D. Boesmans is sedert 1996 enkel in het departement ‘Payroll’ werkzaam geweest. Bovendien is mijn statutaire rangschikking gunstiger dan deze van de beer D. Boesmans. Teneinde mijn rechten te vrijwaren dien ik dan ook bezwaar in tegen deze aanstelling die gepubliceerd werd met lijst 3.2.3./24 van 10.03.2006”. De Chief Human Resources Officer meldt aan verzoeker op 20 maart 2006 dat hij “op de eerste plaats zelf een analyse zal maken van het gevoerde proces” en dat een gesprek mogelijk is. Op 30 mei 2006 schrijft de selectieconsulente aan verzoeker wat volgt: “Naar aanleiding van uw procedure Raad van State waaruit uw vraag blijkt voor een selectie-interview met het lijnmanagement met betrekking tot de functie van ‘Manager Administratie Loopbaan’, wordt de desbetreffende selectieprocedure deels hernomen en wens ik u graag uit te nodigen voor een selectie-interview met de verantwoordelijke van het departement op woensdag 7 juni 2006". Verzoeker antwoordt hierop op 2 juni 2006 bij monde van zijn raadsman dat het evident is dat hij vragende partij is geweest voor een selectie- interview met het lijnmanagement. Hij vervolgt : “U geeft aan dat de selectieprocedure deels wordt hernomen. Ik constateer dat u er dus mee akkoord gaat dat er in de selectieprocedure een fout is begaan en ik neem akte van deze erkenning. U geeft aan dat de selectieprocedure wordt hernomen. Moet er daaruit afgeleid worden dat de toekenning van het mandaat die wordt betwist in de procedure voor de Raad van State wordt ingetrokken en dat U de procedure herneemt vanaf het ogenblik van ontsporing ? Kunt u mij desgevallend een kopie bezorgen van de beslissing van intrekking ? Dank. Als de toekenning van het mandaat aan de heer Boesmans niet zou zijn ingetrokken, zou ik u wel willen vragen mij expliciet mede te delen wat de zin nog zou kunnen zijn van het deels overdoen van de selectie”. Op 6 juni 2006 schrijft verzoeker aan de selectieconsulente dat “zijn schrijven van 2 juni onbeantwoord is gebleven, ...” dat hij zich zal “... aanbieden op het selectie-interview met het lijnmanagement, dus nadat een beslissing is getroffen die niet is ingetrokken”. IX-5302-4/5 Diezelfde dag wordt verzoeker medegedeeld dat het geplande onderhoud geen doorgang kan vinden en hij te gepasten tijde opnieuw zal worden gecontacteerd.
  4. Over de ontvankelijkheid van de vorderingen. Overwegende dat blijkens ‘s Raads arrest nr. 170.041 van 16 april 2007 de in deze bestreden beslissing door de verwerende partij is ingetrokken en dat verzoeker hiervan bij brief van 3 juli 2006 in kennis werd gesteld; dat de vorderingen bijgevolg doelloos zijn geworden, BESLUIT: Artikel
  5. Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen. Artikel
  6. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  7. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 16 april 2007, door : de HH. L. HELLIN, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. L. HELLIN. IX-5302-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.042 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.