id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 april 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.120 Rolnummer: A. 59269/X-10118 Zaak: Arrest 170120 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/04/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-05-08 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 06:37 Fiche Arrest nr 170.120 van 19 april 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 170.120 van 19 april 2007 in de zaak A. 59.269/X-10.
- In zake : de GEMEENTE SINT-MARTENS-LATEM tegen : het VLAAMSE GEWEST, dat woonplaats kiest bij advocaten P. Vandecasteele en R. Backaert, kantoor houdende te Harelbeke, Noordstraat
- tussenkomende partij : Madeleine DE CONINCK, die woonplaats kiest bij advocaat J. Ghysels, kantoor houdende te Brussel, Terhulpsesteenweg
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de gemeente Sint-Martens-Latem op 5 augustus 1994 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 3 juni 1993 van de gemachtigde ambtenaar van het bestuur Ruimtelijke Ordening van de provincie Oost-Vlaanderen, waarbij aan Madeleine Deconinck de bouwvergunning wordt verleend voor het optrekken van een woning op een perceel gelegen te Sint-Martens-Latem, Buizenbergstraat, Sectie A, nr. 283d; Gelet op het arrest nr. 54.118 van 29 juni 1995 waarbij het verzoek tot tussenkomst van Madeleine De Coninck in het administratief kort geding wordt ingewilligd en de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 9 december 1995 van Madeleine De Coninck; Gelet op de beschikking van 8 januari 1996 die de tussenkomst van Madeleine De Coninck toelaat; X-10.118-1/3 Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien de memorie van de tussenkomende partij; Gezien het verslag opgesteld door adjunct-auditeur A. Van Mingeroet; Gelet op de beschikking van 7 februari 2001, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 16 oktober 2006; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat bovendien verzoekster bij brief van 19 december 2006 afstand doet van het geding, X-10.118-2/3 BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 74,37 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negentien april 2007, door : de HH. G. VAN HAEGENDOREN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. G. VAN HAEGENDOREN. X-10.118-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.120 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div