id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.964 Rolnummer: A. 182790/X-13262 Zaak: Arrest 170964 - Wegenwezen - 09/05/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-05-15 Raadplegingen: 49 - laatst gezien 2026-06-29 06:41 Fiche Arrest nr 170.964 van 9 mei 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Wegenwezen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 170.964 van 9 mei 2007 in de zaak A. 182.790/X-13.
- In zake : Nathalie PAREDES - CELIS, die woonplaats kiest bij advocaten D. LAGASSE en K. ROELANDT, kantoor houdende te 1170 BRUSSEL, Terhulpsesteenweg 187 tegen : de gemeente WEZEMBEEK-OPPEM, die woonplaats kiest bij advocaat J. SOHIER, kantoor houdende te 1000 BRUSSEL, Emile De Motlaan
- DE WND. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Nathalie PAREDES - CELIS op 27 april 2007 heeft ingediend om bij uiterst dringende noodzakelijkheid de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 3 juli 2006 van de gemeenteraad van de gemeente Wezembeek-Oppem houdende goedkeuring tracé straat bouwaanvraag KABBAJ, Nieuwelaan; Gelet op de beschikking van 27 april 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 3 mei 2007; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. ROELANDT die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat K. LARDENOIT, die loco advocaat J. SOHIER verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; X-13.262-1/3 Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat krachtens artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid kan worden besloten onder de drievoudige voorwaarde dat uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is, dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen, en dat een ernstig middel wordt aangevoerd dat de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kan verantwoorden; Overwegende dat wat de eerste voorwaarde van voornoemd artikel 17, §§ 1 en 2, betreft de verzoekster het volgende uiteenzet : “
- Verzoekster heeft ontegensprekelijk op diligente wijze gehandeld. Verzoekster heeft op 19 april 2007 kennis genomen van de aanvang van de werkzaamheden. Onderhavig verzoekschrift werd op 27 april 2007 aangetekend verstuurd aan de Raad van State.
- Bovendien kan niet geredelijk worden betwist dat de vergunde handelingen en werken op het ogenblik van een uitspraak over een vordering tot schorsing volgens de gewone procedure reeds dermate zouden zijn verwezenlijkt dat deze onmiskenbaar te laat zou komen om de door verzoekers aangevoerde nadelen te voorkomen. Immers, de Nieuwelaan wordt maar over een zeer beperkte lengte doorgetrokken, zodat zonder enige twijfel de werkzaamheden, en de eruit voortvloeiende nadelen, volledig zullen voltooid zijn op het ogenblik dat er een arrest wordt gevel(d) in de gewone schorsingsprocedure”; Overwegende dat ter staving van haar verklaringen, de verzoekster verwijst naar stuk nr. 9/1 van haar dossier, dat het gaat om een foto, waarop een toestel te zien is dat op het terrein staat en dat wellicht dient om grondsonderingen uit te voeren; dat een dergelijk stuk niet overtuigt en dat de verzoekster bijgevolg niet aantoont dat werd voldaan aan de eerste cumulatieve voorwaarde van voornoemd artikel 17, §§ 1 en 2 om de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid te kunnen bevelen; dat die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen, X-13.262-2/3 BESLUIT: Artikel
- De vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekster. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negen mei 2007, door : de H. D. MOONS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. D. MOONS. X-13.262-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.964 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div