← België

Arrest 171257 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 15/05/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.171.257 Rolnummer: A. 180454/X-13160 Zaak: Arrest 171257 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 15/05/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-06-06 Raadplegingen: 49 - laatst gezien 2026-06-29 06:42 Fiche Arrest nr 171.257 van 15 mei 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 171.257 van 15 mei 2007 in de zaak A. 180.454/X-13.

  1. In zake : De n.v. LA GRANGE, die woonplaats kiest bij advocaat M. RYELANDT, kantoor houdende te 8000 BRUGGE, Filips De Goedelaan 11 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat B. BRONDERS, kantoor houdende te 8400 OOSTENDE, E. Beernaertstraat
  2. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. LA GRANGE op 22 januari 2007 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 22 november 2006 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening, houdende inwilliging van het beroep van de gemachtigde ambtenaar ingesteld tegen het besluit van 11 mei 2006 van de bestendige deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen waarbij aan de n.v. La Grange de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het wijzigen van de functie van een pand van drukkerij naar elektrotechnische groothandel te Oostkamp, Kanaalstraat 1, op een perceel kadastraal bekend sectie I, nr. 19/p; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 8 maart 2007 waarbij de terecht- zitting bepaald wordt op 30 maart 2007; X-13.160-1/6 Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat M. RYELANDT, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat F. TEMMERMAN, die loco advocaat B. BRONDERS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  3. Feiten Overwegende dat de feitelijke gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat: 1.
  4. De verzoekende partij baat een elektrotechnische groothandel uit. Zij heeft een vestiging te Brugge aan de Maalse Steenweg 137, maar stelt dat de ruimte aldaar te klein werd, reden waarom zij is beginnen uitkijken naar een nieuwe locatie in het Brugse. 1.
  5. Zij laat haar oog vallen op een vrijkomend pand aan de Kanaalstraat te Oostkamp, dat gebruikt werd door een drukkerij, en dat voor haar “instapklaar” zou zijn. Het gebouw is volgens de bestemmingsvoorschriften van het bij koninklijk besluit van 7 april 1977 vastgestelde gewestplan Brugge-Oostkust gelegen in een gebied voor ambachtelijke, kleine en middelgrote ondernemingen. Ter plaatse is geen bijzonder plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan van kracht, noch zijn er verkavelingsvoorschriften. 1.
  6. In maart 2004 dient de verzoekende partij bij het gemeentebestuur van Oostkamp een aanvraag in tot het verkrijgen van een stedenbouwkundig attest nr. 2, teneinde in de gebouwen een elektrotechnische groothandel en een studiebureau inzake verlichting in te richten. X-13.160-2/6 Op 23 augustus 2004 verleent het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Oostkamp een ongunstig attest, o.m. overwegende dat de gevraagde functiewijziging een aantasting van de bestemming van het gebied zou inhouden. 1.
  7. De verzoekende partij dient vervolgens bij het gemeentebestuur van Oostkamp een stedenbouwkundige aanvraag in om de beoogde functiewijziging te realiseren. Met een besluit van 6 februari 2006 weigert het college van burgemeester en schepenen van Oostkamp de vergunning te verlenen, mede gelet op het ongunstig advies van de gemachtigde ambtenaar. In de weigeringsbeslissing wordt overwogen dat de aanvraag niet verenigbaar is met de gewestplanvoorschriften en dat evenmin een afwijking volgens de criteria van artikel 6 van het besluit van de Vlaamse regering van 28 november 2003 kan worden verleend. 1.
  8. De verzoekende partij stelt op 3 maart 2006 een beroep in tegen deze weigeringsbeslissing bij de bestendige deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen. Op 11 mei 2006 willigt deze het beroep in. De deputatie oordeelt dat de gevraagde groothandel niet strijdig is met de gewestplanbestemming. 1.
  9. Op 9 juni 2006 stelt de gemachtigde ambtenaar beroep in tegen het voormeld besluit bij de bevoegde Vlaamse minister. Overeenkomstig artikel 53, §2, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996, schorst dit beroep de door de deputatie verleende vergunning, hetgeen uitdrukkelijk wordt vermeld in het beroepsschrift van de gemachtigde ambtenaar, waarvan een afschrift werd gericht aan de verzoekende partij. X-13.160-3/6 1.
  10. Op 31 augustus 2006 vindt een hoorzitting plaats, ter gelegenheid waarvan de advocaat van de verzoekende partij een schriftelijke verdedigingsnota neerlegt. Naar eigen zeggen heeft de verzoekende partij kort daarop, “in september 2006”, haar intrek genomen in de gebouwen. 1.
  11. Op 14 november 2006 richt de advocaat van de verzoekende partij een aangetekende rappelbrief tot de minister. Met het bestreden ministerieel besluit van 22 november 2006 wordt het door de gemachtigde ambtenaar ingestelde beroep ingewilligd, en wordt de vergunning geweigerd;
  12. Ontvankelijkheid van het beroep Overwegende dat de verwerende partij opwerpt dat de vordering niet ontvankelijk is; dat er vooralsnog geen noodzaak bestaat om over de opgeworpen exceptie uitspraak te doen; dat een onderzoek van en een uitspraak over die exceptie zich slechts zouden opdringen indien zou blijken dat de grondvoorwaarden voor schorsing vervuld zijn;
  13. Ten gronde 3.
  14. Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; 3.
  15. Overwegende, wat de tweede schorsingsvoorwaarde betreft, dat de verzoekende partij in haar verzoekschrift het volgende aanvoert : “De weigering van de stedenbouwkundige vergunning voor de vestiging van verzoekster te Oostkamp, Kanaalstraat 1, betekent dat de uitbating zal moeten stopgezet worden, de vestigingsplaats, die speciaal voor de voorgenomen activiteiten werd aangekocht, zal moeten sluiten, wat uiteraard een zwaar X-13.160-4/6 financieel verlies zal betekenen. Dit impliceert desgevallend een gedwongen doorverkoop van het onroerend goed, kosten voor het overbrengen van de vestiging naar een andere locatie, de onmogelijkheid van uitbating gedurende een langere periode (gezien sluiting, geplande verhuis, noodzakelijke zoektocht naar een ander pand en locatie, hetwelk toch een bepaalde termijn in beslag neemt) De omzet voor de vestiging te Oostkamp bedroeg in 2006 2,8 mio euro, wat 37 % vertegenwoordigd van de totale omzet van de NV LA GRANGE alsdusdanig. De inrichtingskosten voor de vestiging te Oostkamp bedroegen om en bij de 100.000 euro. In geval van sluiting van de vestiging te Oostkamp, zullen de inrichtingskosten als verloren dienen te worden beschouwd en zal er voor de NV LA GRANGE een belangrijke omzetdaling zijn, in die zin zelfs dat de financiele leefbaarheid van de vennootschap in het gedrang komt. Door de weigering in beroep komt verzoekster in een rechtsonzekere situatie in afwachting van de behandeling van de vordering in nietigverklaring, aangezien reëel de dreiging aanwezig is dat de bevoegde diensten van Stedenbouw PV's van overtreding komen vaststellen, sluiting bevelen administratieve sancties volgen, enz.”; 3.
  16. Overwegende dat de verwerende partij in haar nota op goede gronden repliceert dat de verzoekende partij zelf aan de oorzaak ligt van het ingeroepen nadeel door hangende de beroepsprocedure de gevraagde functiewijziging in de praktijk door te voeren en de gebouwen in Oostkamp in gebruik te nemen; dat overeenkomstig artikel 53, § 2, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996, het beroep van de gemachtigde ambtenaar bij de minister een schorsende werking heeft; dat dit overigens nog eens werd onderstreept in een als “belangrijk” aangemerkte mededeling op het beroepsschrift van de gemachtigde ambtenaar, dat ook aan de verzoekende partij werd betekend; dat de verzoekende partij derhalve een van rechtswege geschorste en dus niet uitvoerbare vergunning heeft ten uitvoer gelegd; dat het door de verzoekende partij ingeroepen nadeel zijn oorzaak vindt in het eigengereide handelen van de verzoekende partij zelf, die, zonder vergunning, de door haar gevraagde functiewijziging heeft doorgevoerd en de gebouwen in gebruik heeft genomen; dat zij bijgevolg niet aantoont dat de aangevoerde nadelen voortvloeien uit de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit; dat die vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing af te wijzen, X-13.160-5/6 BESLUIT: Artikel
  17. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  18. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijftien mei 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.160-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.171.257 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.262 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.