id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 31 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.171.664 Rolnummer: A. 57043/X-8756 Zaak: Arrest 171664 - Monumenten en Landschappen - 31/05/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-06-19 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 20:05 Fiche Arrest nr 171.664 van 31 mei 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Monumenten en Landschappen Beslissing : Vernietiging bekendmaking Kantmelding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 171.664 van 31 mei 2007 in de zaak A. 57.043/X-
- In zake : de n.v. NICOV, die woonplaats kiest bij advocaat M. DENYS, kantoor houdende te 1560 HOEILAART, de Quirinilaan 2 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat K. VAN HOOREBEKE, kantoor houdende te 9000 GENT, Coupure Rechts
- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. NICOV op 21 maart 1994 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 30 december 1993 van de Vlaamse minister van Verkeer, Buitenlandse Handel en Staats- hervorming houdende rangschikking als landschap overeenkomstig de bepalingen van de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen om reden van historische, wetenschappelijke en esthetische waarde, van de “Antitankgracht” te Antwerpen, Stabroek, Kapellen, Brasschaat, Brecht, Schoten, Schilde en Ranst, in zoverre het betrekking heeft op het eigendom van de verzoekende partij gelegen te Kapellen, Venuslei, kadastraal bekend sectie K, nr. 71/d; Gelet op het arrest nr. 86.534 van 4 april 2000 waarbij de debatten worden heropend en het door de auditeur-generaal aangeduide lid van het auditoraat wordt gelast met het aanvullend onderzoek; Gelet op het arrest nr. 121.050 van 26 juni 2003 waarbij de debatten worden heropend en het door de auditeur-generaal aangewezen lid van het auditoraat wordt gelast met het aanvullend onderzoek; X-8756-1/6 Gezien het tweede aanvullend verslag opgemaakt door auditeur P. BARRA; Gelet op de beschikking van 1 december 2005 die de neerlegging ter griffie van het tweede aanvullend verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het tweede aanvullend verslag aan de partijen en gezien de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 6 februari 2007 waarbij de terecht- zitting bepaald wordt op 2 maart 2007; Gehoord het verslag van staatsraad J. BOVIN; Gehoord de opmerkingen van advocaat B. VANDEN BERGHE, die loco advocaat M. DENYS verschijnt voor de verzoekster, en van advocaat J. JOOS, die loco advocaat K. VAN HOOREBEKE verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het gedeeltelijk eensluidend advies van auditeur P. BARRA; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat uit de door de verzoekende partij neergelegde stukken blijkt dat het beroep tot nietigverklaring is ingeschreven op de kant der overschrijving van het besluit waarvan de vernietiging wordt gevorderd; dat is voldaan aan het vereiste in artikel 3 van de Hypotheekwet; Overwegende dat ambtshalve dient te worden nagegaan of het bestreden besluit niet is aangetast door de onbevoegdheid van de steller ervan; Overwegende dat naar luid van artikel 2, §1, 1/, van het besluit van de Vlaamse regering van 20 oktober 1992 tot delegatie van de beslissings- bevoegdheden aan de leden van de Vlaamse regering, zoals gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 20 januari 1993 en van 7 oktober 1993, de X-8756-2/6 leden delegatie hebben voor “het nemen van beslissingen, rekening houdend met de bevoegdheidsverdeling, voor de toepassing van de wetten, decreten, koninklijke besluiten, ministeriële besluiten, verordeningen en besluiten van de Vlaamse regering”; dat, op grond van artikel 2, §2, van hetzelfde besluit, die delegatie ook geldt “voor beslissingen die door de bevoegde leden van de Vlaamse regering gezamenlijk moeten genomen worden.”; Overwegende dat het bestreden besluit is genomen op grond van de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen, zoals gewijzigd door het decreet van 14 juli 1993, door de Vlaamse minister van Verkeer, Buitenlandse Handel en Staatshervorming, Johan SAUWENS, die overeenkomstig artikel 9 van het besluit van de Vlaamse regering van 20 oktober 1992 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse regering, zoals gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 7 april 1993 en van 7 oktober 1993, op het ogenblik van het nemen van het bestreden besluit bevoegd was voor o.m. “de monumenten en de landschappen, zoals vermeld in artikel 6, § 1, I, 7/, van de bijzondere wet”; Overwegende dat artikel 2 van het bestreden besluit “voor de behartiging van het nationaal belang” een aantal beperkingen stelt aan de rechten van de eigenaars; zo is onder meer verboden: “
- Het oprichten van een gebouw of een constructie of het plaatsen van een inrichting, zelfs uit niet duurzame materialen, die in de grond is ingebouwd, aan de grond is bevestigd of op de grond steun vindt ten behoeve van de stabiliteit en bestemd is om ter plaatse te blijven staan, ook al kan zij uit elkaar genomen worden. In de zones voor recreatie van de bij koninklijke besluiten van 30 september 1979 en 3 oktober 1979 vastgelegde gewestplannen Turnhout en Antwerpen blijven deze werken toegelaten mits toelating vanwege de Vlaamse minister of zijn gemachtigde.
- Het plaatsen van één of meer verplaatsbare inrichtingen die al dan niet voor bewoning kunnen worden gebruikt, zoals woonwagens, kampeerwagens en afgedankte voertuigen. In de voornoemde zones voor recreatie blijft het plaatsen van kampeer- wagens toegelaten.
- Het achterlaten van afgedankte voertuigen of schroot, evenals het aanleggen van een opslagplaats voor dergelijke produkten. Het achterlaten van slib. (...)
- Het aanbrengen van reclame-panelen of gelijk welke publiciteit. (...)”; X-8756-3/6 Overwegende dat onder meer de aangehaalde verbodsbepalingen betrekking hebben op de op het ogenblik van het bestreden besluit aan de Vlaamse minister bevoegd voor ruimtelijke ordening toegewezen bevoegdheden; dat overeenkomstig artikel 6 van het besluit van de Vlaamse regering van 20 oktober 1992 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse regering, zoals gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse regering van 7 april 1993 en van 7 oktober 1993, de bevoegdheid inzake de stedenbouw en de ruimtelijke ordening, zoals vermeld in artikel 6, § 1, I, 1/, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, op het ogenblik van het bestreden besluit toekwam aan de Vlaamse minister van Openbare Werken, Ruimtelijke Ordening en Binnenlandse Aangelegenheden, Theo KELCHTERMANS; dat, in tegenstelling tot hetgeen de verwerende partij in haar laatste memorie betoogt, niet is vereist dat het betrokken besluit “daadwerkelijk een impact (heeft) op de ruimtelijke ordening of het leefmilieu” en die partij ook ten onrechte betoogt dat “een louter theoretische betrokken bevoegdheid (...) derhalve niet (volstaat)”; dat de Vlaamse minister van Verkeer, Buitenlandse Handel en Staatshervorming niet bevoegd was om het bestreden besluit alleen te nemen; dat ambtshalve dient te worden vastgesteld dat het bestreden besluit is aangetast door bevoegdheidsoverschrijding; Overwegende dat de verzoekende partij haar beroep heeft beperkt tot de vernietiging van het bestreden beschermingsbesluit wat haar eigendom betreft, zijnde een perceel grond gelegen te Kapellen, Venuslei, kadastraal bekend sectie K, nr. 71/d; Overwegende dat een besluit houdende bescherming als landschap in beginsel één ondeelbaar geheel uitmaakt; dat een gedeeltelijke vernietiging evenwel mogelijk is indien niet blijkt dat de bevoegde overheid het landschap zonder het perceel van de verzoekende partij niet zou hebben beschermd; dat het in voorkomend geval aan de verwerende partij toekomt hieromtrent de nodige verduidelijking te verschaffen; Overwegende dat de verwerende partij zelf in haar laatste memorie voorhoudt dat het behoud van de bescherming als landschap van de overige percelen zeker zinvol is; dat om deze redenen de vernietiging van het bestreden besluit wordt beperkt tot het perceel van de verzoekende partij, X-8756-4/6 BESLUIT: Artikel
- Vernietigd wordt het besluit van 30 december 1993 van de Vlaamse minister van Verkeer, Buitenlandse Handel en Staatshervorming houdende rangschikking als landschap overeenkomstig de bepalingen van de wet van 7 augustus 1931 op het behoud van monumenten en landschappen om reden van historische, wetenschappelijke en esthetische waarde, van de “Antitankgracht” te Antwerpen, Stabroek, Kapellen, Brasschaat, Brecht, Schoten, Schilde en Ranst, in zoverre dit het perceel grond betreft, gelegen te Kapellen, Venuslei, kadastraal bekend sectie K, nr. 71/d. Artikel
- Dit arrest zal worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het gedeeltelijk vernietigde besluit. Artikel
- De kantmelding wordt bevolen van dit arrest op de kant van de overschrijving van het rangschikkingsbesluit in de registers van het tweede hypotheekkantoor te Antwerpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de in artikel 3 van dit arrest vermelde kantmelding komen eveneens ten laste van de verwerende partij. X-8756-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op eenendertig mei 2007, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. BOVIN, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-8756-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.171.664 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2000:ARR.86.534 ECLI:BE:RVSCE:2003:ARR.121.050 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div