id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 31 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.171.674 Rolnummer: A. 173646/X-12862 Zaak: Arrest 171674 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 31/05/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-06-19 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 20:08 Fiche Arrest nr 171.674 van 31 mei 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 171.674 van 31 mei 2007 in de zaak A.173.646/X-12.
- In zake :
- Marie-Rose SCHEPMANS,
- Willy UYTTERSPROT,
- Aline WILLEMS, die woonplaats kiezen bij advocaat N. VAN CAMPENHOUT, kantoor houdende te 1081 BRUSSEL, Jetselaan 32/3 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat Ph. DECLERCQ, kantoor houdende te 3010 LEUVEN, Tiensesteenweg
- tussenkomende partij : de b.v.b.a. VERHAEREN BETON EN ASFALT, die woonplaats kiest bij advocaat C. GYSEN, kantoor houdende te 2800 MECHELEN, Antwerpsesteenweg
- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Marie-Rose SCHEPMANS, Willy UYTTERSPROT en Aline WILLEMS op 26 juni 2006 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 28 april 2006 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening waarbij aan de b.v.b.a. VERHAEREN BETON EN ASFALT de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een asfaltcentrale aan de Fabrieksweg te Grimbergen, op een perceel kadastraal bekend, sectie I, nr. 49/l3 “op voorwaarde dat plan 7/7 ‘plan toegangsweg’ wordt nageleefd”; Gelet op het arrest nr. 160.264 van 16 juni 2006 waarbij de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; X-12.862-1/3 Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst, op 1 augustus 2006 ingediend door de b.v.b.a. VERHAEREN BETON EN ASFALT; Gelet op de beschikking van 25 augustus 2006 die de tussenkomst van de b.v.b.a. VERHAEREN BETON EN ASFALT toelaat; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partijen op 8 september 2006; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij de Hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie hebben toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt; dat, op grond van artikel 14bis, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat het beroep niet ontvankelijk is, X-12.862-2/3 BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, bepaald op 525 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor een derde. De kosten van het beroep, bepaald op 525 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor een derde. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op eenendertig mei 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-12.862-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.171.674 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.160.246 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div