← België

Arrest 172624 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 22/06/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.172.624 Rolnummer: A. 179630/X-13113 Zaak: Arrest 172624 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 22/06/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-06-29 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-29 06:50 Fiche Arrest nr 172.624 van 22 juni 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 172.624 van 22 juni 2007 in de zaak A. 179.630/X-13.

  1. In zake : Christophe VAN ROMPAEY, die woonplaats kiest bij advocaten J. DURNEZ en E. GOFFIN, kantoor houdende te 3050 OUD-HEVERLEE, Waversebaan 134 a tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat P. DECLERCQ, kantoor houdende te 3010 LEUVEN-KESSEL-LO, Tiensesteenweg
  2. tussenkomende partij : de n.v. BASE, die woonplaats kiest bij advocaat P. EVERAERT, kantoor houdende te 1932 ZAVENTEM, Leuvensesteenweg
  3. DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Christophe VAN ROMPAEY op 21 december 2006 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 23 oktober 2006 van de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar waarbij aan de n.v. BASE de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend om een nieuwe zendinstallatie te plaatsen aan de Testeltsesteenweg te Aarschot op een perceel kadastraal bekend sectie C, nr. 138/m; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; X-13.113-1/5 Gelet op de beschikking van 13 februari 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 9 maart 2007; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van advocaat E. GOFFIN die verschijnt voor de verzoekende partij, van advocaat P. DECLERCQ die verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat G. L’HEUREUX, die loco advocaat P. EVERAERT verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  4. Overwegende dat de n.v. BASE met een verzoekschrift van 19 januari 2007 heeft gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen; dat er grond is om het verzoek in te willigen;
  5. Overwegende dat de verzoeker op 5 maart 2007 bijkomende stukken heeft neergelegd; dat de mogelijkheid tot het neerleggen van bijkomende stukken niet is voorzien in de procedure; dat zij uit de debatten worden geweerd;
  6. Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; 3.
  7. Overwegende dat wat de tweede voorwaarde betreft de verzoeker het volgende aanvoert: “Aangezien verzoeker ingevolge de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel dreigt te lijden. Dat in geval van uitvoering van de bestreden beslissing hij uitzicht zal hebben op een monumentale GSM-mast van meer dan 30 meter, en dit op nauwelijks enkele meters van de perceelsafscheiding en zijn woning; Dat zulks zondermeer een visuele stoornis uitmaakt; X-13.113-2/5 Dat in het arrest nr. 106.155 van 29 april 2002 Uw Raad terzake het volgende heeft overwogen: ‘Overwegende dat de verzoekende partijen, wat het moeilijk te herstellen ernstig nadeel betreft, onder meer stellen dat de inplanting van een 20 m hoge mast het uitzicht van de Laanvallei, negatief zal beïnvloeden en een onherstelbare esthetische landschapsbeeldverontreiniging tot gevolg zal hebben; dat, steeds volgens de verzoekende partijen, de geplande constructie monumentaler zal overkomen dan de bestaande straatverlichting; dat de verwerende partij stelt dat het hier zou gaan om de vervanging van een bestaande lichtmast door een GSM-mast; dat echter geen concrete en onmiddellijk duidelijke gegevens worden aangebracht die duidelijk maken dat de GSM-mast niet hoger zou zijn dan de bestaande, te vervangen, verlichtingspaal. Overwegende dat de verzoekende partijen in hun uiteenzetting voldoende concrete gegevens aanbrengen waaruit blijkt dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; dat zij hun beweringen staven met een eenzijdig verslag opgesteld door de heer SCHOUKENS, deskundige. Welnu, de verzoekende partij brengt enkele foto's bij waarop de GSM-mast wordt gesimuleerd. Hieruit blijkt dat het litigieuze perceel onmiddellijk paalt aan de eigendom van de verzoekende partij. Daar waar de naastgelegen parking wordt afgescheiden door een immer groene haag (niet zolang geleden aangeplant), dreigt de verzoekende partij thans uitzicht te krijgen op een zéér hoge GSM-mast. Zulks maakt een ernstig nadeel uit (..)’; Aangezien Uw Raad gelijkaardig heeft geoordeeld in het arrest 118.573, dd.24 april 2003 (zaak 131.375/X-11.237); Aangezien verzoeker tevens voldoende concrete gegevens naar voren heeft gebracht die aannemelijk maken dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; (...)”; 3.
  8. Overwegende dat de verwerende partij in haar nota repliceert dat de verzoeker niet verduidelijkt in welke mate hij en de klanten van zijn horecazaak, die gelegen is op hetzelfde adres als zijn woonplaats, een belangrijke zichtschade lijden wegens de inplanting van de mast; dat de verwerende partij daaraan toevoegt dat uit de bijgebrachte foto’s eerder blijkt dat de mast amper zichtbaar zal zijn vanop het terras van de horecazaak; 3.
  9. Overwegende dat de tussenkomende partij in essentie betoogt dat uit de foto’s die de verzoeker voegt bij zijn verzoekschrift niet kan worden afgeleid dat de tenuitvoerlegging van de verleende stedenbouwkundige vergunning een moeilijk te herstellen ernstig nadeel zal berokkenen, omdat “als het ware door de mast heen gekeken (zal kunnen) worden”, en dat de mast desgevallend ook snel weer zal kunnen worden afgebroken; X-13.113-3/5 3.
  10. Overwegende dat de uiteenzetting van het moeilijk te herstellen ernstig nadeel door de verzoeker niet overtuigt, omdat zij niet precies is, niet wordt geconcretiseerd en vaag blijft, zowel wat de aard van het nadeel betreft, als wat de afstand van de op te richten pyloon tot de horecazaak en de woonplaats van de verzoeker betreft; dat de verzoeker in dit verband enkel poneert dat de nieuwe mast “op nauwelijks enkele meters” van zijn woning en etablissement zal komen en dat hij er zich verder toe beperkt te verwijzen naar twee arresten van de Raad van State in schorsingsprocedures; dat de verzoeker voorts in zijn dossier drie foto’s voegt waarop het terras van zijn zaak en de bestaande mast van de NMBS te zien zijn, die zal worden vervangen door de nieuwe mast; Overwegende dat de verzoeker niet verduidelijkt hoe en vanuit welke vertrekken in zijn woning hij zal worden geconfronteerd met de aanwezigheid van de op te richten mast; dat ook wat het uitzicht vanop het terras van zijn horecazaak (een “Irish Pub”) betreft, het betoog van de verzoeker niet overtuigt; dat uit de neergelegde foto’s, die dan nog in de winterperiode werden genomen, blijkt dat het zicht vanop het terras van de horecazaak in de richting van de zendmast benomen wordt door bomen en groen, zodat de bestaande mast van de NMBS amper zichtbaar is; dat verzoekers uiteenzetting geen concrete en precieze gegevens bevat betreffende het moeilijk te herstellen ernstig nadeel; Overwegende dat niet is voldaan aan de tweede cumulatieve voorwaarde van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; dat deze vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te verwerpen, BESLUIT: Artikel
  11. Het verzoek tot tussenkomst van de n.v. BASE in het administratief kort geding wordt ingewilligd. Artikel
  12. De vordering tot schorsing wordt verworpen. X-13.113-4/5 Artikel
  13. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig juni 2007, door : de H. D. MOONS. wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. G. SCHEVENEELS toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. D. MOONS. X-13.113-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.172.624 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.062 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.