id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.172.625 Rolnummer: A. 179101/X-13100 Zaak: Arrest 172625 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 22/06/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-06-29 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-29 21:00 Fiche Arrest nr 172.625 van 22 juni 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 172.625 van 22 juni 2007 in de zaak A. 179.101/X-13.100. In zake : Tommy VAN DEN BROECK, die woonplaats kiest bij advocaat J. GHYSELS, kantoor houdende te 1170 BRUSSEL, Terhulpsesteenweg 187 tegen : 1. de gemeente MERKSPLAS, die woonplaats kiest bij advocaat H. SEBREGHTS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg 27, 2. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat J. CLAES, kantoor houdende te 2550 KONTICH, Mechelsesteenweg 160. tussenkomende partij : Raf VERHEYEN, die woonplaats kiest bij advocaat J. SURMONT, kantoor houdende te 2300 TURNHOUT, de Merodelei 112. DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Tommy VAN DEN BROECK op 4 december 2006 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van 5 september 2006 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Merksplas waarbij aan Raf VERHEYEN de vergunning werd verleend voor het oprichten van twee kalverstallen, inclusief bedrijfswoning aan de Steenweg op Turnhout 150 B te Merksplas, op een perceel kadastraal bekend sectie E, nrs. 235/a en 236/a; Gezien de nota’s van de verwerende partijen; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur A. EYLENBOSCH; X-13.100-1/9 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 8 februari 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 9 maart 2007; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van advocaat Y. SACREAS, die loco advocaat J. GHYSELS verschijnt voor de verzoekende partij, van advocaat H. SEBREGHTS die verschijnt voor de eerste verwerende partij, van advocaat H. LAMON, die loco advocaat J. CLAES verschijnt voor de tweede verwerende partij, en van advocaat N. THYSSEN, die loco advocaat J. SURMONT verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; 1. Overwegende dat Raf VERHEYEN met een verzoekschrift van 20 december 2006 heeft gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen; dat er grond is om het verzoek in te willigen; 2. Overwegende dat de feitelijke gegevens van de zaak zich op dit ogenblik als volgt aandienen: 2.1. Op 12 december 2005 dient Louis ANTHONISSEN een milieuvergunningsaanvraag in voor de wijziging van een inrichting voor runderen naar een inrichting voor vleeskalveren tezamen met de verplaatsing van de inrichting van de Kerkstraat 2 in Kalmthout naar de Steenweg op Turnhout 150B, te Merksplas. Bij besluit van 21 maart 2006 verleent het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Merksplas de milieuvergunning. X-13.100-2/9 Als bijzondere voorwaarde wordt opgelegd dat “de stal dient opgesplitst te worden in twee (kortere) stallen, zoals opgenomen in de bijkomende nota van de aanvrager”. Tegen deze beslissing wordt onder meer door de verzoeker beroep ingesteld. Bij beslissing van 13 juli 2006 verklaart de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen de beroepen ongegrond. Laatstbedoelde beslissing wordt door de verzoeker bij de Raad van State aangevochten met een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing. Deze zaak is gekend onder het rolnummer G/A 177.539/VII-36.635. Op 15 februari 2007 spreekt de Raad van State in deze zaak een arrest uit, gekend onder het nummer 167.888 waardoor de vordering tot schorsing wordt verworpen. Inmiddels wordt op 12 mei 2006 door de tussenkomende partij een melding van overname van de vergunning van de inrichting, gelegen Steenweg op Turnhout 150B, gedaan. Van deze melding wordt akte genomen door voornoemd college van burgemeester en schepenen op 26 september 2006. 2.2. Op 21 april 2006 dient de tussenkomende partij bij het gemeentebestuur van Merksplas een aanvraag in om stedenbouwkundige vergunning voor het oprichten van twee kalverstallen, inclusief bedrijfswoning op voornoemd terrein gelegen te Merksplas, aan de Steenweg op Turnhout, 150B. 2.3. Naar aanleiding van het openbaar onderzoek, waarbij ook de verzoeker werd aangeschreven, worden geen bezwaren ingediend. De Afdeling Land adviseert de aanvraag voorwaardelijk gunstig op 9 mei 2006. X-13.100-3/9 2.4. Op 23 augustus 2006 brengt de gemachtigde ambtenaar een voorwaardelijk gunstig advies uit dat als volgt luidt: “(...) Voor (het) perceel werd op 16 november 2005 een stedenbouwkundig attest (...) afgeleverd voor het bouwen van een stal met bedrijfswoning. De huidige aanvraag betreft het bouwen van twee kleinere stallen, met noodwoning. De aanvraag is gelegen aan een met steenslag verharde servitudewegenis. Deze wegenis komt uit op de Steenweg op Turnhout. De aanvraag betreft het oprichten van een nieuw agrarisch bedrijf, gelegen achter een bestaand agrarisch bedrijf. De aanvraag behelst het bouwen van twee stallen voor mestvee. De eerste stal heeft een breedte van 28.40 meter en een lengte van 89.70 meter, een kroonlijsthoogte van 3.60 meter en een nokhoogte van 9.05 meter. De tweede stal heeft een breedte van 28.40 meter en een lengte van 70.00 meter, met dezelfde kroonlijst- en nokhoogte. Het inplantingsplan toont ook een later te bouwen woning. De woning maakt geen deel uit van deze aanvraag. De gevels van de stallen worden bekleed met betonpanelen die het uitzicht hebben van rode baksteen. De kopgevels worden deels bekleed met groene aluminiumsandwichpanelen. De dakbedekking (bestaat uit) uit zwarte vezelcementplaten. De voorgestelde materialen zijn stedenbouwkundig te verantwoorden. Volgens het advies van de afdeling Land gaat het om de bouw van een nieuw volwaardig agrarisch bedrijf. Het bouwperceel is aan de rand van het agrarisch gebied gelegen, nabij woongebied met landelijk karakter. Op de voorgestelde inplantingsplaats kan vanuit landbouwkundig standpunt een intensief veebedrijf verantwoord worden. Het advies stelt als voorwaarde: Een eventuele bedrijfswoning kan slechts opgericht worden na oprichting en ingebruikname van de mestkalverenstallen als volwaardig agrarisch bedrijf. Naast de gegevens van landbouwkundige aard dient ook rekening gehouden met planologische beschouwingen en stedenbouwkundige bepalingen. Artikel 11 Koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen stelt: Gebouwen bestemd voor niet aan de grond gebonden agrarische bedrijven met industrieel karakter of voor intensieve veeteelt, mogen slechts opgericht worden op ten minste 300m van een woongebied. De aanvraag voldoet hieraan. De gekozen locatie voor het oprichten van een nieuw agrarisch bedrijf, kan verantwoord worden vanuit het standpunt van een goede ruimtelijke ordening: het perceel sluit aan bij een bestaand volwaardig agrarisch bedrijf. De positionering van de nieuwe stallen in de nabijheid van het bestaande agrarisch bedrijf zorgt ervoor dat het homogeen karakter van het landbouwgebied niet geschonden wordt en niet leidt tot versnippering van de open ruimte. De aanvraag is stedenbouwkundig aanvaardbaar. Aangezien de bouw van een exploitatiewoning volgens het advies van Land enkel mogelijk is na ingebruikname van de mestkalverenstallen als volwaardig agrarisch bedrijf, kan enkel een tijdelijke woongelegenheid vergund worden. Een stedenbouwkundige vergunning voor een vrijstaande exploitatiewoning kan afgeleverd worden na ingebruikname van de mestkalverenstallen als volwaardig agrarisch bedrijf, zoals opgelegd in het stedenbouwkundig attest. (...)”. 2.5. Het schepencollege treedt het advies van de gemachtigde ambtenaar bij en geeft de vergunning af op 5 september 2006. X-13.100-4/9 Dit is het bestreden besluit. 2.6. De verzoeker woont op het kadastrale perceel sectie E, nr. 237/n, palende aan de Steenweg op Turnhout. De verzoeker verklaart kennis te hebben genomen van het bestreden besluit “via een afschrift dat hem door de gemeentediensten ter beschikking werd gesteld op 5 oktober 2006”; 3. Overwegende dat zowel de verwerende als de tussenkomende partij het belang van de verzoeker bij de schorsingsprocedure betwisten; Overwegende dat er vooralsnog geen noodzaak bestaat om over de opgeworpen excepties uitspraak te doen; dat een onderzoek van en een uitspraak over die excepties zich slechts zou opdringen indien zou blijken dat de grond- voorwaarden voor schorsing vervuld zijn; 4.1. Overwegende dat krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging kan worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen; 4.2.1. Overwegende, wat de tweede voorwaarde betreft, dat de verzoeker het volgende aanvoert: “De inrichting waarvoor een bouwvergunning is verleend is gelegen vlak achter het perceel van de verzoeker (perceel 237
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.