← België

Arrest 172694 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 25/06/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.172.694 Rolnummer: A. 148165/IX-4077 Zaak: Arrest 172694 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 25/06/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-07-03 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 21:05 Fiche Arrest nr 172.694 van 25 juni 2007 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 172.694 van 25 juni 2007 in de zaak A. 148.165/IX-

  1. In zake : Marc AMEYE, wonende te ROESELARE, Wilgenstraat 11/9 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door
  2. de Beroepscommissie inzake beroepsongeschiktheid van het rijkspersoneel,
  3. de minister van Financiën. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Marc AMEYE op 10 februari 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 16 december 2003 van de Beroepscommissie inzake beroepsongeschiktheid van het rijkspersoneel aangaande de afdanking van verzoeker wegens beroepsongeschikt- heid; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederant- woord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur B. THYS; Gelet op de beschikking van 12 januari 2007, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 20 februari 2007; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; IX-4077-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzet- ting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  4. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  5. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. IX-4077-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 25 juni 2007, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. L. HELLIN. IX-4077-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.172.694 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.