id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 juli 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.406 Rolnummer: A. 96139/VII-23066 Zaak: Arrest 173406 - Milieuvergunningen - 12/07/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-08-02 Raadplegingen: 51 - laatst gezien 2026-06-29 22:47 Fiche Arrest nr 173.406 van 12 juli 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Vernietiging bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 173.406 van 12 juli 2007 in de zaak A. 96.139/VII-23.
- In zake : Jo SMOLDERS, die woonplaats kiest bij advocaat B. DELTOUR, kantoor houdende te BRUSSEL, Keizerslaan 3 tegen : de deputatie van de provincie VLAAMS-BRABANT, die woonplaats kiest bij advocaat K. VAN ALSENOY, kantoor houdende te BRUSSEL, A. Dansaertstraat
- tussenkomende partij : de n.v. MAFRANS, die woonplaats kiest bij advocaat A. VLEMINCKX, kantoor houdende te LEUVEN, Vital Decosterstraat 46, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, VIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Jo SMOLDERS op 2 oktober 2000 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant van 29 juni 2000 waarbij het beroep dat Ivo STORMS had ingesteld tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Haacht van 23 juni 1997, houdende het verlenen aan de n.v. MAFRANS van de vergunning, bij wege van aktename, voor het veranderen van een vergunde drukkerij, gelegen aan de Grote Baan 276 te Haacht, niet wordt ingewilligd en de beroepen beslissing wordt bevestigd; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 2 februari 2001; Gelet op de beschikking van 7 februari 2001 die de tussenkomst van de n.v. MAFRANS toelaat; VII-23.066-1/9 Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur P. SOURBRON; Gelet op de beschikking van 11 juli 2006 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 7 mei 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 7 juni 2007; Gehoord het verslag van staatsraad E. BREWAEYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. VERHAEGEN die, loco advocaat B. DELTOUR verschijnt voor verzoeker, van advocaat K. LARDENOIT die, loco advocaat K. VAN ALSENOY verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat A. VLEMINCKX, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur P. SOURBRON; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- De feiten 1.
- De n.v. MAFRANS, tussenkomende partij, exploiteert een drukkerij gelegen aan de Grote Baan 276 te Haacht, die gespecialiseerd is in het bedrukken en vervaardigen van verpakkingsmaterialen voor allerhande voedings- middelen. 1.
- Volgens het bij koninklijk besluit van 7 april 1995 vastgestelde gewestplan Leuven, is de inrichting gelegen in industriegebied. VII-23.066-2/9 1.
- Met betrekking tot de inrichting zijn verschillende beroepen bij de Raad van State aanhangig gemaakt. 1.
- Op 14 april 1997 deelt de tussenkomende partij aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Haacht mee dat een heliodruk- machine zal worden vervangen door een flexodrukmachine "Amber". 1.
- Op 9 juni 1997 neemt het college van burgemeester en schepenen hiervan akte. Tegelijk hiermee wordt de verzegeling bevolen van de vervangen heliodrukmachine. 1.
- Op 23 juni 1997 neemt het college van burgemeester en schepenen akte van het bezwaar van de tussenkomende partij, alsook van de vervanging van de drukmachine. 1.
- Op 29 februari 2000 stelt derde-belanghebbende Ivo STORMS, mede namens "diverse omwonenden" tegen voornoemde beslissing beroep in bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant. 1.
- Na het inwinnen van de nodige adviezen, neemt de verwerende partij op 29 juni 2000 het thans bestreden besluit, waarbij het beroep van Ivo STORMS wordt verworpen en de beroepen beslissing wordt bevestigd. In het bestreden besluit wordt onder andere het volgende uiteengezet : "Aanspraken van het beroepschrift (samengevat) :
- (...)
- De aangevraagde verandering kon niet vergund worden bij wege van aktename. (...) Evaluatie van het beroepschrift en verslag van het onderzoek.
- (...)
- Zoals boven toegelicht gaat het om een kleine verandering. De drijfkracht vermeerdert met minder dan 50 %. De reden waarom pas nu ontvankelijk beroep werd aangetekend ligt in het feit dat de bekendmaking van de vergunning bij aktename niet helemaal correct is verlopen. De beslissing diende cf. de omzendbrief nr. 93/01 bekend gemaakt te worden op dezelfde wijze als een gewone klasse 2-vergunning (cf. art. 36.5/ van Vlarem I). Uit het bij de provincie beschikbare dossier blijkt dat de aktename binnen de 14 dagen nà de beslissing aan de overheden (AMV, ASV, gouverneur) bekendgemaakt werd maar dat niet tot aanplakking van de beslissing werd overgegaan, zodat de omwonenden geen kennis konden krijgen van de beslissing om er eventueel beroep tegen aan te tekenen. VII-23.066-3/9 Om één of andere reden besliste het CBS pas tot aanplakking op 24/01/2000 en geschiedde de aanplakking daadwerkelijk van 31/01/00 tot 29/02/
- Voor de volledigheid : de procedure voor kleine veranderingen uit bovengenoemde omzendbrief werd (nagenoeg ongewijzigd) overgenomen in de gewijzigde Vlarem I, art. 6bis, ter en quater in voege sinds 01/05/1999 (...)".
- De ontvankelijkheid 2.1.
- In een eerste exceptie in de memorie van antwoord werpt de verwerende partij op dat verzoeker het beroep laattijdig heeft ingediend, omdat hij reeds op de hoogte zou zijn geweest van het bestreden besluit vóór de aanplakking ervan, nu zowel Ivo STORMS als verzoeker dezelfde raadsman hebben en het bestreden besluit aan Ivo STORMS op 13 juli 2000 werd betekend, terwijl onderhavig beroep pas op 2 oktober 2000 werd ingesteld. 2.1.
- In zijn memorie van wederantwoord stelt verzoeker dat de exceptie van de verwerende partij niet opgaat omdat te dezen de termijn om beroep in te stellen is ingegaan met de voorgeschreven bekendmaking van de bestreden akte en niet met de feitelijke kennisname ervan. Volgens verzoeker zou de individuele kennisgeving van de uitspraak over het administratief beroep aan Ivo STORMS, de beroepstermijn ten overstaan van hem niet hebben doen aanvangen. 2.1.
- Luidens artikel 50, 4/, b), van Vlarem I, samengelezen met artikel 31 van hetzelfde besluit, moet het besluit van de bestendige deputatie over een beroep tegen een beslissing van het college van burgemeester en schepenen waarbij akte wordt genomen van de verandering van een vergunde inrichting door aanplakking worden bekendgemaakt. Te dezen was verzoeker voor de kennisname van het bestreden besluit aangewezen op de bekendmaking ervan door aanplakking. Voor verzoeker is de termijn voor het instellen van een annulatieberoep dus maar pas ingegaan vanaf de voorgeschreven bekendmaking. De tijdigheid van het annulatieberoep moet dan ook niet beoordeeld worden in het licht van de beweerde feitelijke kennisname van het bestreden besluit. Bovendien toont de verwerende partij niet aan dat het bestreden besluit aan verzoeker zou zijn betekend. Het is niet omdat dergelijke individuele kennisgeving wel heeft plaatsgevonden aan Ivo STORMS als indiener van het administratief beroep, dat deze kennisgeving ook geacht moet worden te zijn gebeurd aan verzoeker. Het feit dat verzoeker dezelfde raadsman heeft als Ivo STORMS, verandert niets aan deze vaststelling. VII-23.066-4/9 De exceptie wordt verworpen. 2.2.
- In een tweede exceptie stelt de verwerende partij dat het belang van verzoeker bij onderhavig beroep tot nietigverklaring "in vraag" moet worden gesteld, nu aan de tussenkomende partij een vergunning werd verleend voor het exploiteren van een klasse 1- inrichting. 2.2.
- Verzoeker wijst er in zijn memorie van wederantwoord op dat het ministerieel besluit van 20 januari 1999 waarbij aan de tussenkomende partij een vergunning voor de exploitatie van een klasse 1-inrichting werd verleend, door de Raad van State werd geschorst en daarna werd vernietigd. 2.2.
- Zoals verzoeker terecht opmerkt, werd het besluit van 20 januari 1999 van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling door de Raad van State vernietigd bij arrest nr. 93.320 van 15 februari
- Door deze vernietiging wordt de bedoelde vergunning geacht nooit te hebben bestaan, zodat het beweerde gebrek aan belang in hoofde van verzoeker niet op het verlenen van de bedoelde milieuvergunning kan worden gestoeld. De exceptie wordt verworpen. 2.3.
- In haar laatste memorie stelt de verwerende partij dat verzoeker geen actueel belang heeft bij onderhavig beroep, omdat op 13 december 2004 aan de tussenkomende partij opnieuw een vergunning tot uitbreiding werd verleend waardoor de betrokken drukkerij een inrichting van klasse 1 is geworden. 2.3.
- Het argument dat de verwerende partij aanhaalt in haar laatste memorie gaat niet op omdat de voornoemde vergunning nog het voorwerp uitmaakt van een hangend annulatieberoep bij de Raad van State, gekend onder het nummer A. 160.475/VII-33.615, zodat deze vergunning - hoewel ze thans ten uitvoer kan worden gelegd - niet definitief is. Het annulatieberoep is bijgevolg ontvankelijk.
- Ten gronde 3.
- In een tweede middel wordt de schending ingeroepen van "artikel 27, §2, laatste lid van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de VII-23.066-5/9 milieuvergunning, de schending van de Motiveringswet en (...) van artikel 5, §1, 2/, b) van het Vlarem I (zoals van kracht op het ogenblik van de aanvraag)". Verzoeker stelt dat de verwerende partij de verandering bij wege van aktename had moeten weigeren en dat zij geen enkele appreciatie deed om te oordelen of een bijkomend risico op grotere hinder mogelijk was door de exploitatie van de kwestieuze inrichting. Bovendien zou de verwerende partij de criteria van de omzendbrief Vlarem 93/01 betreffende het besluit van de Vlaamse regering van 28 oktober 1992 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 6 februari 1991 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning, hebben gehanteerd om vast te stellen dat de verandering van de inrichting een "kleine" verandering betrof en geen verhoging van de drijfkracht met meer dan 50 % zou meebrengen, terwijl deze omzendbrief volgens verzoeker onwettig is. Bovendien zou de verwerende partij met het bestreden besluit niet hebben onderzocht, noch in het bestreden besluit hebben gemotiveerd, dat de kwestieuze milieuvergunningsaanvraag een bijkomend risico of hinder zou kunnen teweegbrengen. 3.
- In haar memorie van antwoord repliceert de verwerende partij dat artikel 27, §2, van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning (milieuvergunningsdecreet) niet op haar van toepassing is, maar wel op het college van burgemeester en schepenen. Voorts stelt zij dat in de omzendbrief nr. 93/01 "geen afwijkende regelen [sic] of toevoegingen te vinden (zijn) aan artikel 27 van het milieuvergunningsdecreet nu het duidelijk is dat het onderzoek naar de bijkomende hinder of risico verband zal houden met al dan niet verhoging van de capaciteit of naargelang van de historiek van de vroegere aanvragen". Ten slotte stelt zij dat het bestreden besluit wel degelijk is gemotiveerd. 3.
- In de memorie van wederantwoord repliceert verzoeker dat het verweer van de verwerende partij neerkomt op het louter ontkennen van hetgeen wordt aangevoerd. Verzoeker wijst er tevens op dat de zaakvoerder van de tussenkomende partij bij vonnis van 29 november 1999 van de correctionele rechtbank te Leuven veroordeeld werd voor inbreuken op de milieuwetgeving, waaronder het veranderen van een inrichting zonder vergunning en het ongezuiverd lozen van afvalgassen via meerdere lozingspunten in de periode gaande van mei 1996 tot 15 november
- 3.
- In haar verzoek tot tussenkomst stelt de tussenkomende partij dat het gemeentebestuur louter akte heeft genomen van de melding en hierdoor te VII-23.066-6/9 kennen heeft gegeven "dat er door de wisseling [van de drukmachines] geen bijkomend risico voor mens of aantasting van het leefmilieu is of de bestaande hinder niet wordt vergroot". Ten slotte voert zij ook aan dat de beroepen beslissing van 23 juni 1997 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Haacht laattijdig werd bekendgemaakt en dit een schending uitmaakt van "de beginselen van behoorlijk bestuur". 3.
- De verwerende partij uit in haar laatste memorie kritiek op de conclusies van het auditoraatsverslag in verband met het tweede middel. Zij stelt hieromtrent dat het bestreden besluit wel afdoende is gemotiveerd en dat "de kwestie van de luchtemissies, (...), pas opgedoken [zou] zijn nà het verlenen van een klasse I-vergunning". Zij geeft echter wel toe dat het hinderlijk aspect van de kwestieuze inrichting in het bestreden besluit minder aan bod kwam, "doch niet verwaarloosd werd". 3.6.
- Artikel 27 van het milieuvergunningsdecreet bepaalt het volgende : "§
- Een vergunning moet worden aangevraagd telkens de verandering van een vergunde inrichting de indeling van die inrichting in een hogere klasse tot gevolg heeft, en bij toevoeging. De aanvraag wordt ingediend bij de overheid die bevoegd is om in eerste aanleg uitspraak te doen overeenkomstig de klasse waartoe de inrichting behoort. §
- In de andere gevallen moet de verandering worden meegedeeld aan de overheid die in eerste aanleg bevoegd is. Die overheid kan de verandering bij wege van aktename vergunnen. Op de aktename zijn de bepalingen van artikel 14, §1, inzake bekendmaking en artikel 23 van toepassing. Een vergunning moet worden aangevraagd indien deze overheid vaststelt dat de verandering van die aard is dat zij een bijkomend risico voor de mens of een aantasting van het leefmilieu inhoudt of de bestaande hinder vergroot. §
- De Vlaamse Regering bepaalt nadere regelen in verband met de verandering van de vergunde inrichting". Uit deze bepaling en uit de motiveringsplicht van de beslissingen waarbij uitspraak wordt gedaan over een door het milieuvergunningsdecreet georganiseerd administratief beroep, vloeit voort dat, wanneer in het kader van het beroep tegen een aktename, geldend als een vergunning, van de verandering van een vergunde inrichting uitdrukkelijk wordt betwist dat de verandering bij wege van aktename kon worden vergund omdat de beoogde verandering een "bijkomend risico voor de mens of een aantasting van het leefmilieu inhoudt of de bestaande hinder vergroot", de beroepsinstantie aan dergelijke argumenten een afdoende motivering wijdt. VII-23.066-7/9 3.6.
- Om uit te maken of de beoogde verandering al dan niet voor vergunningverlening bij wege van aktename in aanmerking kwam, heeft de verwerende partij zich kennelijk gesteund op de omzendbrief nr. 93/01, die echter geen algemeen verordenende strekking heeft voor de beoordeling van de vraag of de verandering van een inrichting al dan niet bij wege van aktename vergund kan worden. Artikel 27, §2, van het milieuvergunningsdecreet vereist immers in dit verband een concreet onderzoek van de zaak. Uit de motivering van het bestreden besluit blijkt te dezen niet dat dergelijk concreet onderzoek werd verricht inzake de mogelijkheid tot verhoging van de hinder voor de omwonenden van het bedrijf ten gevolge van de nieuwe drukmachine. 3.6.
- Te dezen heeft de verwerende partij uit de inhoud van de voornoemde omzendbrief waarbij de aktename geweigerd dient te worden, blijkbaar afgeleid dat elke verandering van minder dan 50 % voor vergunningverlening bij wege van aktename in aanmerking komt. Dergelijke redenering vindt echter geen steun in artikel 27, §2, van het milieuvergunningsdecreet. Als algemene regel geldt namelijk dat de normale vergunningsprocedure moet worden gevolgd, wanneer de vergunningverlenende overheid vaststelt dat "de verandering van die aard is dat zij een bijkomend risico voor de mens of een aantasting van het leefmilieu inhoudt of de bestaande hinder vergroot". De vergunningverlenende overheid moet dan ook op grond van een concreet onderzoek, waarbij alle relevante aspecten aan bod komen, oordelen of de beoogde verandering, door de vergroting van de capaciteit of drijfkracht, een verhoging van de bestaande hinder zou genereren. Dit is niet gebeurd, zodat het bestreden besluit op dit punt niet afdoende is gemotiveerd. De kritiek van de tussenkomende partij op de laattijdige bekendmaking van de beroepen beslissing van 23 juni 1997 is niet gericht tegen het thans bestreden besluit en dus niet terzake dienend. Het tweede middel is gegrond, VII-23.066-8/9 BESLUIT: Artikel
- Vernietigd wordt het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant van 29 juni 2000 waarbij het beroep dat Ivo STORMS had ingesteld tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Haacht van 23 juni 1997, houdende het verlenen aan de n.v. MAFRANS van de vergunning, bij wege van aktename, voor het veranderen van een vergunde drukkerij, gelegen aan de Grote Baan 276 te Haacht, niet wordt ingewilligd en de beroepen beslissing wordt bevestigd. Artikel
- Dit arrest zal worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het vernietigde besluit. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van het Vlaamse Gewest. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 123,95 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twaalf juli tweeduizend en zeven, door de VIIe kamer, die was samengesteld uit : Mevr. M.-R. BRACKE, voorzitter van de Raad van State, de H. E. BREWAEYS, staatsraad, Mevr. Ch. BAMPS, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. M.-R. BRACKE. VII-23.066-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.406 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div