← België

Arrest 173493 - Overheidsopdrachten - 12/07/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 juli 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.493 Rolnummer: A. 142239/XII-3949 Zaak: Arrest 173493 - Overheidsopdrachten - 12/07/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-07-20 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-29 23:01 Fiche Arrest nr 173.493 van 12 juli 2007 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 173.493 van 12 juli 2007 in de zaak A. 142.239/XII-

  1. In zake : de NV AVENTIS PASTEUR MSD, die woonplaats kiest bij advocaten P. De Maeyer en X. Leurquin, kantoor houdende te 1160 Brussel, Tedescolaan 7 tegen : het VLAAMSE GEWEST, dat woonplaats kiest bij advocaat K. Ronse, kantoor houdende te 1050 Brussel, Louizalaan 149 bus 20 tussenkomende partij : de NV GLAXOSMITHKLINE, die woonplaats kiest bij advocaten S. Callens en S. Brillon, kantoor houdende te 1040 Brussel, Tervurenlaan
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de NV Aventis Pasteur MSD op 1 oktober 2003 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van : “
  3. het besluit van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur d.d. 30 september 2002 waarbij haar werd medegedeeld dat haar offerte niet in aanmerking kon genomen worden voor de overheidsopdracht inzake de levering van vaccins (bestek nr. PSG/GI/NF/2003/2). Dit besluit werd aan verzoekster ter kennis gebracht bij aangetekend schrijven d.d. 30 september 2003, ontvangen op 1 oktober
  4. het besluit van onbekende datum (die niet ter kennis werd van verzoekster van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur om de opdracht toe te wijzen aan de firma GSK”; Gelet op het arrest nr. 124.067 van 9 oktober 2003 waarbij het verzoek tot tussenkomst van de NV Glaxosmithkline in de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt ingewilligd, de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid wordt verworpen, de uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst XII-3949-1/3 dringende noodzakelijkheid ten laste van de verzoekende partij worden gelegd en de kosten van de tussenkomst in de schorsingsprocedure bij uiterst dringende noodzakelijkheid ten laste van de tussenkomende partij worden gelegd; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 30 oktober 2003 ingediend door de verzoekende partij; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 31 december 2003 van de NV Glaxosmithkline; Gelet op de beschikking van 6 februari 2004 die de tussenkomst van de NV Glaxosmithkline toelaat; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur J. Stevens; Gelet op de beschikking van 6 februari 2007, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 22 februari 2007; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; XII-3949-2/3 Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
  5. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  6. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twaalf juli 2007, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-3949-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.493 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2003:ARR.124.067 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.