id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 augustus 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.102 Rolnummer: A. 177845/X-13052 Zaak: Arrest 174102 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 23/08/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-09-05 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-30 00:02 Fiche Arrest nr 174.102 van 23 augustus 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 174.102 van 23 augustus 2007 in de zaak A. 177.845/X-13.
- In zake :
- Herman VAN RIET,
- de n.v. HEMA CONSULT en INVEST, die woonplaats kiezen bij advocaat E. EMPEREUR, kantoor houdende te 2600 BERCHEM, Uitbreidingstraat 16 tegen : het Vlaamse gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat P. AERTS, kantoor houdende te 9000 GENT, Coupure
- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Herman VAN RIET en de n.v. HEMA CONSULT en INVEST op 20 oktober 2006 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 18 augustus 2006 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening, houdende inwilliging van het beroep van de gemachtigde ambtenaar tegen het besluit van 28 april 2005 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant, waarbij het beroep van eerste verzoeker, tegen de beslissing van 14 juni 2004 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Meise tot weigering van de stedenbouwkundige vergunning voor het herbouwen van een woning aan de Robbeekstraat te Meise, op een perceel kadastraal bekend sectie D, nr. 457/d, gedeeltelijk en voorwaardelijk wordt ingewilligd, en voormeld besluit van 28 april 2005 van de bestendige deputatie wordt vernietigd; Gelet op het arrest nr.169.390 van 26 maart 2007 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partijen op 18 april 2007; X-13.052-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit, aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter, ten aanzien van de verzoekende partijen een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indienen binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat de verzoekende partijen geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging hebben ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. X-13.052-2/3 Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, ieder voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig augustus 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.052-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.102 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.169.390 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div