← België

Arrest 174112 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 23/08/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 augustus 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.112 Rolnummer: A. 102191/X-10225 Zaak: Arrest 174112 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 23/08/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-09-05 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 00:06 Fiche Arrest nr 174.112 van 23 augustus 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 174.112 van 23 augustus 2007 in de zaak A. 102.191/X-10.

  1. In zake : de gemeente Kruibeke, die woonplaats kiest bij advocaat H. STRYCKERS, kantoor houdende te 3510 HASSELT, Diestersteenweg198-200 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat H. SEBREGHTS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg
  2. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de gemeente Kruibeke op 23 maart 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 19 oktober 2000 van de minister vice-president van de Vlaamse regering en Vlaams minister van Mobiliteit, Openbare Werken en Energie waarbij wordt beslist dat het algemeen nut de onmiddellijke inbezitneming vordert van de percelen, gelegen op het grondgebied van de gemeente Kruibeke, die nodig zijn voor de aanleg van een zandstock en het opstarten van de ringdijken langs het gecontroleerd overstromingsgebied Kruibeke - Bazel - Rupelmonde op de linkeroever van de Zeeschelde, en welke zijn aangeduid met een gele tint op de erbij behorende ondertekende onteigeningsplannen met nrs. B4/7881 en dat de rechtspleging bij hoogdringende omstandigheden, bepaald bij de wet van 26 juli 1962 op de onteigening van de hierboven bedoelde goederen van toepassing is; Gelet op het arrest nr. 100.370 van 26 oktober 2001 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting, op 4 december 2001 ingediend door de gemeente Kruibeke; X-10.225-1/3 Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd F. DE BUEL ; Gelet op de beschikking van 19 september 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 15 november 2006; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de Hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van het toenmalige artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord, X-10.225-2/3 BESLUIT: Artikel
  3. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  4. De kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig augustus 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-10.225-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.112 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.100.370 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.