id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 september 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.284 Rolnummer: A. 122953/VII-27073 Zaak: Arrest 174284 - Milieuvergunningen - 06/09/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-09-14 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-30 00:30 Fiche Arrest nr 174.284 van 6 september 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 174.284 van 6 september 2007 in de zaak A. 122.953/VII-27.
- In zake : het CENTRUM VOOR ONDERZOEK IN DIERGENEESKUNDE EN AGROCHEMIE (CODA), dat woonplaats kiest bij advocaat M. HENQUIN, kantoor houdende te STABROEK-HOEVENEN, Kerkstraat 39 B tegen : het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Brusselse Hoofdstedelijke regering, dat woonplaats kiest bij advocaten J. BOUCKAERT en J. GORIS, kantoor houdende te BRUSSEL, Loksumstraat
- ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat het CENTRUM VOOR ONDER- ZOEK IN DIERGENEESKUNDE EN AGROCHEMIE (CODA) op 25 juni 2002 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke regering van 25 april 2002 betreffende het beroep ingesteld tegen de beslissing van het Brussels Instituut voor Milieubeheer van 28 augustus 2001 houdende wijziging van de uitbatingsvoorwaarden van de milieuvergunningen in het bezit van CODA voor de uitbating van drie tanken met vloeibare stikstof te Brussel, Groeselenberg 99; Gelet op het arrest nr. 113.572 van 12 december 2002 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 22 januari 2003 ingediend door de verzoekende partij; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; VII-27.073-1/3 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de beschikking van 5 december 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 20 december 2006; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. VII-27.073-2/3 Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van het annulatieberoep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes september tweeduizend en zeven, door : de H. E. BREWAEYS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. E. BREWAEYS. VII-27.073-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.284 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2002:ARR.113.572 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div