← België

Arrest 174684 - Milieuvergunningen - 20/09/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 september 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.684 Rolnummer: A. 92224/VII-21436 Zaak: Arrest 174684 - Milieuvergunningen - 20/09/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-09-25 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-30 01:27 Fiche Arrest nr 174.684 van 20 september 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 174.684 van 20 september 2007 in de zaak A. 92.224/VII-21.

  1. In zake : de n.v. GEBROEDERS LAMBRECKS, gevestigd te HASSELT, Herkenrodesingel 87 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat E. NICOLAI, kantoor houdende te GENK, Reinpadstraat
  2. tussenkomende partij : de Openbare Afvalstoffenmaatschappij voor het Vlaamse Gewest (OVAM), die woonplaats kiest bij advocaat B. BRONDERS, kantoor houdende te OOSTENDE, E. Beernaertstraat
  3. ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. GEBROEDERS LAM- BRECKS op 26 mei 2000 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw van 19 maart 2000 waarbij het beroep dat de Openbare Afvalstoffenmaatschappij voor het Vlaamse Gewest (OVAM) heeft ingesteld tegen de beslissing van de bestendige deputatie van de provincieraad van Limburg van 23 september 1999, houdende het verlenen aan de verzoekende partij van de vergunning voor de verandering van een inrichting voor het uitvoeren van grond- en wegeniswerken, gelegen aan de Herkenrodesingel 87 te Hasselt, gegrond wordt verklaard in de mate dat een gedeelte van de vergunde activiteiten wordt ge(her)kwalificeerd als zijnde een inrichting voor de opslag en mechanische behandeling van inerte afvalstoffen, de dienovereenkomstige sectorale milieuvoorwaarden van Vlarem II van toepassing worden verklaard en de in eerste VII-21.436-1/4 aanleg opgelegde bijzondere voorwaarden worden gewijzigd en aangevuld; Gelet op het arrest nr. 93.655 van 1 maart 2001 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 21 maart 2001; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 23 mei 2001; Gelet op de beschikking van 14 juni 2001 die de tussenkomst van OVAM toelaat; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederant- woord; Gelet op het verslag opgemaakt door auditeur P. SOURBRON; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; VII-21.436-2/4 Overwegende dat het arrest nr. 93.655 van 1 maart 2001 de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit heeft verworpen; Overwegende dat de verzoekende partij haar verzoek tot voortzetting van de rechtspleging niet heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat het laattijdige verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging evenwel werd gezegeld ten belope van 7.000 frank; dat, gelet op de toepassing van artikel 15ter, § 1, van voornoemd koninklijk besluit van 5 december 1991, er 173,53 euro moet worden terugbetaald aan de verzoekende partij en de inschrijving in debet in hoofde van de tussenkomende partij voor wat betreft het annulatieberoep, voor het bedrag van 5.000 frank, wordt geschrapt, BESLUIT: Artikel
  4. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  5. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Artikel
  6. De te veel betaalde fiscale zegels ten bedrage van 173,53 euro moeten worden terugbetaald aan de verzoekende partij. De inschrijving in debet in hoofde van de tussenkomende partij voor wat betreft het annulatieberoep, voor het bedrag van 123,95 euro, wordt geschrapt. VII-21.436-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twintig september tweeduizend en zeven, door : de H. E. BREWAEYS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. E. BREWAEYS. VII-21.436-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.174.684 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.93.655 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.