id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 september 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.175.079 Rolnummer: A. 74183/VII-15467 Zaak: Arrest 175079 - Milieuvergunningen - 27/09/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-10-05 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-30 02:06 Fiche Arrest nr 175.079 van 27 september 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 175.079 van 27 september 2007 in de zaak A. 74.183/VII-15.
- In zake :
- Erik DEPRÉ, wonende te LUBBEEK, Kalenberg 21,
- de v.z.w. REGIONAAL STUDIECENTRUM VOOR LEEF- MILIEU (R.S.L.), gevestigd te LUBBEEK, Kalenberg 21 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat J. BERGÉ, kantoor houdende te LEUVEN, Naamsestraat
- tussenkomende partij : de b.v.b.a. ZANDGROEVEN ROELANTS, die woonplaats kiest bij advocaat P. FLAMEY, kantoor houdende te ANTWERPEN, Jan Van Rijswijcklaan
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Erik DEPRÉ en de v.z.w. REGIONAAL STUDIECENTRUM VOOR LEEFMILIEU op 29 april 1997 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling van 10 februari 1997 waarbij de beroepen ingesteld tegen de beslissing van de bestendige deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant van 6 augustus 1996, houdende het verlenen van een milieuvergun- ning aan de b.v.b.a. ROELANTS voor het verder exploiteren en veranderen van een stortplaats categorie 3, gelegen aan de Aardebrug te Lubbeek, worden verworpen; Gelet op het arrest nr. 68.975 van 23 oktober 1997 waarbij in hoofde van eerste verzoeker de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; VII-15.467-1/3 Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 28 november 1997 ingediend door eerste verzoeker; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 16 april 1998; Gelet op de beschikking van 4 mei 1998 die de tussenkomst van de b.v.b.a. ZANDGROEVEN ROELANTS toelaat; Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur P. SOURBRON; Gelet op de beschikking van 11 juli 2006, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgevingen van dat verslag aan de verzoekende partijen op respectievelijk 10 november 2006 en 12 oktober 2006; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de kennisgevingen aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgevingen van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1, van voornoemd besluit van de Regent; VII-15.467-2/3 Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzet- ting van de procedure hebben ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te hunner aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing in hoofde van eerste verzoeker, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van eerste verzoeker. De kosten van het annulatieberoep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. De kosten van de tussenkomst, zowel wat betreft de vordering tot schorsing als het annulatieberoep, bepaald op 247,90 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zevenentwintig september tweeduizend en zeven, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. E. IMPENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-15.467-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.175.079 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:1997:ARR.68.975 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div