← België

Arrest 176175 - Verkiezingen, onverenigbaarheden en vervallenverklaringen - 25/10/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 oktober 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.175 Rolnummer: A. 184243/XII-5145 Zaak: Arrest 176175 - Verkiezingen, onverenigbaarheden en vervallenverklaringen - 25/10/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-10-31 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 03:46 Fiche Arrest nr 176.175 van 25 oktober 2007 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Verkiezingen, onverenigbaarheden en vervallenverklaringen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 176.175 van 25 oktober 2007 in de zaak A. 184.243/XII-

  1. VERVALLENVERKLARING VAN HET MANDAAT VAN GEMEENTERAADSLID VAN DE GEMEENTE WETTEREN In zake : Walter GOVAERT, die woonplaats kiest bij advocaat L. Steyaert, kantoor houdende te Dendermonde, Sint-Gillislaan 36 belanghebbende partij : Marc GYBELS, die woonplaats kiest bij advocaat W. Van der Gucht, kantoor houdende te Gent, Sint-Denijslaan
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Walter Govaert op 3 juli 2007 heeft ingediend om te vragen dat de nietigverklaring wordt bevolen van het besluit van 21 juni 2007 van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen van de provincie Oost-Vlaanderen waarbij zijn bezwaar van 25 mei 2007 wordt verworpen, en dat Marc Gybels vervallen wordt verklaard van zijn mandaat van gemeenteraadslid te Wetteren; Overwegende dat de vormvereisten voorgeschreven bij artikel 5, van het koninklijk besluit van 15 juli 1956, tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, in geval van beroep als bedoeld bij artikel 76bis van de gemeentekieswet, gewijzigd bij koninklijk besluiten van 16 september 1982 en 28 oktober 1994, werden nageleefd; Gezien het administratief dossier; Gezien de memorie van antwoord van de belanghebbende partij; XII-5145-1/6 Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur B. Thys; Gelet op de beschikking van 21 september 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 9 oktober 2007; Gelet op de kennisgeving aan partijen van de beschikking tot vaststelling en van het verslag; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. Vanlouwe, die loco advocaat L. Steyaert verschijnt voor verzoeker, en van advocaat W. Van der Gucht, die verschijnt voor de belanghebbende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur B. Thys; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : De voorgaanden
  3. Bij arrest nr. 168.173 van 22 februari 2007 verklaart de Raad van State de gemeenteraadsverkiezing van 8 oktober 2006 te Wetteren ongeldig. Dientengevolge wordt op 15 april 2007 te Wetteren opnieuw een gemeenteraadsverkiezing georganiseerd. Verzoeker wordt verkozen als gemeenteraadslid van de lijst RESPECT. Marc Gybels, die lijstaanvoerder is van de lijst CD&V, wordt verkozen als gemeenteraadslid van de laatstgenoemde lijst. Op 25 mei 2007 dient verzoeker bij de Raad voor Verkiezingsbetwistingen van Oost-Vlaanderen een bezwaarschrift in, waarbij hij vraagt Marc Gybels op grond van artikel 85quater, § 2, van de gemeentekieswet van zijn mandaat van gemeenteraadslid vervallen te verklaren. De Raad voor XII-5145-2/6 Verkiezingsbetwistingen bevindt op 21 juni 2007 het bezwaarschrift van verzoeker ontvankelijk, maar niet gegrond. De ontvankelijkheid
  4. Volgens de memorie van antwoord van de belanghebbende partij is het beroep te laat ingediend. Geargumenteerd wordt dat de kennisgeving van de bestreden beslissing aan verzoeker op 25 juni 2007 plaatsvond en dat het voorliggende verzoekschrift op 4 juli 2007 op de griffie van de Raad van State toekwam, zodat de voorgeschreven beroepstermijn van acht dagen werd overschreden.
  5. Luidens artikel 85septies van de gemeentekieswet kunnen diegenen aan wie van de beslissing van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen kennis wordt gegeven, binnen acht dagen na de kennisgeving beroep instellen bij de Raad van State. Te dezen is de bestreden beslissing van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen met een aangetekende brief van 25 juni 2007 aan verzoeker ter kennis gebracht. Zelfs in de veronderstelling dat verzoeker de brief reeds de volgende dag, op 26 juni 2007, heeft ontvangen, is het beroep nog tijdig. Immers verstreek alsdan de beroepstermijn op 4 juli 2007, wijl het onderhavige beroep is ingesteld met een op 3 juli 2007 ter post aangetekend verzonden verzoekschrift. De grond van het beroep
  6. Verzoeker voert twee middelen aan. In een eerste middel doet hij gelden dat artikel 1 van het besluit van 7 juli 2006 van de Vlaamse regering houdende de algemene regels voor het aanbrengen van verkiezingsaffiches en het organiseren van gemotoriseerde optochten (hierna: het besluit van 7 juli 2006) geschonden is doordat CD&V Wetteren tijdens de sperperiode van de gemeenteraadsverkiezing van 15 april 2007 verkiezingsaffiches van verschillende kandidaten, onder wie Marc Gybels, heeft aangeplakt op de conciërgewoning van het gemeentelijke domein “De Warande”, Warandelaan 13 te Wetteren. In een tweede middel wordt artikel 2 van het besluit van 7 juli 2006 geschonden genoemd XII-5145-3/6 doordat CD&V Wetteren op de dag van de gemeenteraadsverkiezing van 15 april 2007, ’s voormiddags, nog verkiezingsfolders heeft uitgedeeld.
  7. Het in de middelen geschonden geachte besluit van 7 juli 2006 geeft uitvoering aan artikel 8sexies, § 2, van het decreet van 7 mei 2004 houdende regeling van de controle van de verkiezingsuitgaven en de herkomst van de geldmiddelen voor de verkiezing van het Vlaams Parlement, de provincieraden, de gemeenteraden en de districtsraden (hierna: het decreet van 7 mei 2004). Overeenkomstig dat voorschrift bepaalt de Vlaamse regering, voor onder meer de periode van drie maanden die aan de datum van de gemeenteraadsverkiezingen voorafgaat, de algemene regels voor het aanbrengen van verkiezingsaffiches en het organiseren van gemotoriseerde optochten. Aldus volgt uit artikel 1 van het besluit van 7 juli 2006 dat er, vanaf 8 juli 2006, alleen mag worden aangeplakt op de plaatsen die door de gemeenteoverheden voor aanplakking zijn bestemd of die werden vergund door de eigenaar of de gebruiksgerechtigde, en dat er niet mag worden aangeplakt op andere goederen die tot het publiek domein behoren of eigendom zijn van intercommunales en evenmin op goederen van privépersonen zonder hun uitdrukkelijke toestemming. Artikel 2 van het besluit van 7 juli 2006 verbiedt opschriften affiches, beeld- en fotografische voorstellingen, vlugschriften en plakbriefjes aan te brengen tot en met 7 oktober 2006, tussen 22 en 7 uur, en van 7 oktober 2006, om 22 uur, tot en met 8 oktober 2006, om 16 uur.
  8. Ambtshalve wordt vastgesteld dat het besluit van 7 juli 2006, dat reglementair van aard is, niet aan het voorafgaande advies van de afdeling wetgeving van de Raad van State werd onderworpen. Artikel 3, § 1, eerste lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt nochtans: “Buiten het met bijzondere redenen omklede geval van hoogdringendheid en de ontwerpen betreffende begrotingen, rekeningen, leningen, domeinverrichtingen en het legercontingent uitgezonderd onderwerpen de Ministers, de leden van de gemeenschaps- of gewestregeringen, de leden van het College van de Franse Gemeenschapscommissie en de leden van het Verenigd College respectievelijk bedoeld in het derde en het vierde lid van artikel 60 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen, ieder wat hem betreft, aan het met redenen omkleed advies van de afdeling wetgeving de tekst van alle voorontwerpen van wet, decreet, ordonnantie of van ontwerpen van reglementaire besluiten. De XII-5145-4/6 adviesaanvraag vermeldt de naam van de gemachtigde of van de ambtenaar die de minister aanwijst om de afdeling wetgeving de dienstige toelichtingen te verstrekken. Het advies en het voorontwerp worden gehecht aan de memorie van toelichting van de ontwerpen van wet, decreet of ordonnantie. Het advies wordt gehecht aan de verslagen aan de Koning, aan de Regering, aan het College van de Franse Gemeenschapscommissie en aan het Verenigd College”. De aanhef van het besluit van 7 juli 2006 van de Vlaamse regering, maakt geen gewag van hoogdringendheid die een adviesaanvraag bij de afdeling wetgeving van de Raad van State in de weg stond, laat staan van “bijzondere redenen” die het inroepen van dergelijke hoogdringendheid kunnen verantwoorden. Bij gemis aan een voorafgaande adviesaanvraag bij de afdeling wetgeving van de Raad van State en gelet op de afwezigheid van een met bijzondere redenen omkleed geval van hoogdringendheid, moet worden besloten dat het besluit van 7 juli 2006 van de Vlaamse regering tot stand is gekomen met miskenning van een substantieel vormvereiste dat de openbare orde aanbelangt. Met toepassing van artikel 159 van de Grondwet moet het dan ook buiten toepassing worden gelaten. De op dat besluit gesteunde middelen kunnen niet tot nietigverklaring leiden en zijn als onontvankelijk te verwerpen. Het verzoek van de belanghebbende partij tot vaststelling van het oogmerk van verzoeker om te schaden
  9. De belanghebbende partij vraagt in de memorie van antwoord om “in het licht van art. 85ter, § 5 van de gemeentekieswet vast te stellen dat [verzoekers] bezwaar niet alleen ongegrond is, maar ook werd ingediend met het oogmerk de tussenkomende partij te schaden”. Zij wijst er daartoe op dat verzoekers bezwaren op niets zijn gesteund, dat hij veertig dagen heeft gewacht om zijn bezwaren bij de Raad voor Verkiezingsbetwistingen in te dienen, niettegenstaande hij van de aangeklaagde feiten al veel vroeger kennis moet hebben gehad, en dat verzoeker de procedure misbruikt om haar schade te berokkenen.
  10. Krachtens het door de belanghebbende partij ingeroepen artikel 85ter, § 5, van de gemeentekieswet, wordt “[e]enieder die een bezwaar heeft ingediend dat ongegrond blijkt en waarvan vaststaat dat het is ingediend met het oogmerk om te schaden” gestraft met een geldboete van 50 tot 500 euro. XII-5145-5/6 De betrokken geldboete is van strafrechtelijke aard. Het behoort niet tot de bevoegdheid van de Raad van State om een dergelijke geldboete op te leggen, noch om na te gaan of de voorwaarden vervuld zijn opdat er voor de wél bevoegde rechter aanleiding zou zijn een dergelijke geldboete op te leggen. Het verzoek van de belanghebbende partij wordt verworpen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  11. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  12. Het verzoek van Marc Gybels om “in het licht van art. 85ter, § 5 van de gemeentekieswet” vast te stellen dat het bezwaar van Walter Govaert werd ingediend met het oogmerk hem te schaden, wordt verworpen. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijfentwintig oktober 2007, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-5145-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.175 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.