id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 oktober 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.264 Rolnummer: A. 177320/X-13041 Zaak: Arrest 176264 - Huisvesting - 29/10/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-11-09 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 03:51 Fiche Arrest nr 176.264 van 29 oktober 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Huisvesting Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 176.264 van 29 oktober 2007 in de zaak A. 177.320/X-13.
- In zake : Philip SAINTPO, die woonplaats kiest bij advocaten G. SOETE en G. AMPE, kantoor houdende te 8400 OOSTENDE, Kerkstraat 8 bus 1 tegen :
- de burgemeester van de stad OOSTENDE,
- de stad OOSTENDE, die woonplaats kiezen bij advocaten B. ROELANDTS en L. PROOT, kantoor houdende te 9000 GENT, Kasteellaan
- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Philip SAINTPO op 2 oktober 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 13 juli 2006 van de Waarnemend Burgemeester van de stad Oostende waarbij het pand gelegen te 8400 Oostende, Nieuwpoortsesteenweg 415, onbewoonbaar wordt verklaard; Gelet op het arrest nr. 170.397 van 24 april 2007 waarbij de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 15 mei 2007; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging X-13.041-1/3 van het bestreden besluit, aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4ter van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat de verzoekende partij geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging heeft ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1 de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-13.041-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig oktober 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. S. DE CLERCQ, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, S. DE CLERCQ. R. STEVENS. X-13.041-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.264 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.170.397 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div