← België

Arrest 176265 - Plannen van aanleg - 29/10/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 oktober 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.265 Rolnummer: A. 180611/X-13163 Zaak: Arrest 176265 - Plannen van aanleg - 29/10/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-11-09 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 03:51 Fiche Arrest nr 176.265 van 29 oktober 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Plannen van aanleg Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 176.265 van 29 oktober 2007 in de zaak A. 180.611/X-13.

  1. In zake :
  2. Freddy STEVENS, wonende te 9830 SINT-MARTENS-LATEM, Kortrijksesteenweg 91,
  3. Pieter VANDERHEYDEN, wonende te 9830 SINT-MARTENS-LATEM, Dorsweg 4 tegen :
  4. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat V. TOLLENAERE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan 128,
  5. de gemeente SINT-MARTENS-LATEM, die woonplaats kiest bij advocaat P. AERTS, kantoor houdende te 9000 GENT, Coupure
  6. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Freddy STEVENS en Pieter VANDERHEYDEN op 27 januari 2007 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 27 oktober 2006 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening houdende goedkeuring van de gedeeltelijke herziening en uitbreiding van “BPA Kortrijksesteenweg” genaamd, van de gemeente Sint-Martens-Latem; Gelet op de kennisgeving van de memories van antwoord aan de eerste verzoekende partij op 15 mei 2007 en aan de tweede verzoekende partij op 21 mei 2007; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; X-13.163-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord aan de verzoekende partijen de hoofdgriffier melding heeft gemaakt van artikel 21, tweede lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie hebben toegestuurd; dat krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid vastgesteld dient te worden dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt; dat, op grond van artikel 14bis, § 1 van voornoemd besluit van de Regent, de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Overwegende dat geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord; BESLUIT: Artikel
  7. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  8. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-13.163-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig oktober 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. S. DE CLERCQ, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, S. DE CLERCQ. R. STEVENS. X-13.163-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.265 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.