id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 november 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.483 Rolnummer: A. 182055/XII-5067 Zaak: Arrest 176483 - Varia (onderwijs en cultuur) - 06/11/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-11-21 Raadplegingen: 53 - laatst gezien 2026-06-30 03:58 Fiche Arrest nr 176.483 van 6 november 2007 Onderwijs en cultuur - Varia (onderwijs en cultuur) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK nr. 176.483 van 6 november 2007 in de zaak A. 182.055/XII-
- In zake : Willem DECRAEMER, wonende te Kampenhout, Rood Kloosterlaan 55 tegen : de UNIVERSITEIT ANTWERPEN, die woonplaats kiest bij advocaten Chr. Coen en J. Deridder, kantoor houdende te Antwerpen, Mechelsesteenweg 210 A. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Willem Decraemer op 28 maart 2007 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van : “- de beslissing van onbekende datum van de Universiteit Antwerpen om verzoeker definitief te verwijderen als lesgever in plaats van in te gaan op zijn verzoek om tijdelijk vervangen te worden. Dit is de eerste bestreden beslissing. - de beslissing van onbekende datum van de Universiteit Antwerpen om D. Lamoen aan te stellen als nieuwe lesgever in de vakken Fysica I en Fysica II. Dit is de tweede bestreden beslissing”; Gezien het gelijktijdig ingediende verzoekschrift, waarbij dezelfde verzoeker de schorsing van de tenuitvoerlegging vordert van dezelfde beslissingen; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag over het beroep tot nietigverklaring opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van der Gucht op grond van artikel 93 van het besluit van de regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie van de Raad van State; Gezien het verslag over de vordering tot schorsing opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd R. Van der Gucht; XII-5067-1/8 Gelet op de beschikkingen van 6 juni 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 18 september 2007; Gelet op de kennisgeving van de verslagen aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad G. van Haegendoren; Gehoord de opmerkingen van advocaat S. Cauwenberghs, die verschijnt voor verzoeker, en van advocaat J. Deridder, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur- afdelingshoofd R. Van der Gucht; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : De gegevens van de zaak 1.
- Verzoeker is voltijds hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen, waar hij de vakken fysica I en fysica II in de bachelorjaren chemie en bio- ingenieurswetenschappen doceert. 1.
- Op 28 maart 2006 bespreekt de onderwijscommissie chemie een aantal opleidingsrapporten, waaronder die betreffende de vakken fysica I en fysica II. Aan het eind van de bespreking en toelichting door studenten, assistenten en professoren -waaronder verzoeker zelf- beslist de commissie bij geheime stemming en met 25 stemmen vóór, geen tegen en 3 onthoudingen “om de opleidingsonderdelen Fysica 1 en Fysica 2 opnieuw open te verklaren vanaf het academiejaar 2006-2007 en hier voor beide vakken te vragen naar één enkele titularis, zodat de kans op communicatiestoornissen geminimaliseerd wordt”. XII-5067-2/8 1.
- Bij schrijven van 30 maart 2006 deelt verzoeker de voorzitter aan het departement fysica mee : “Gezien men bij de OC Chemie heeft besloten om een andere lesgever voor Fysica aan het departement Fysica te vragen en aangezien het BOC TBW zich ook reeds achter dezelfde redenering schaarde, lijkt het me onverantwoord dat ik nog langer de studenten met mijn geklungellessen zou opschepen. Ik wil u dan ook vragen om, in afwachting van de aanduiding van een nieuwe lesgever door het departement, in mijn voorlopige vervanging te willen voorzien voor de lessen Fysica en de bijhorende Theoretische Oefeningen (die ik vanaf deze semester superviseer) bij de Chemie Ba1 en Ba2 en TBW Ba1 en Ba2”. Om de continuïteit van het onderwijs te garanderen stelt de rector op 31 maart 2006 bij hoogdringendheid Dirk Lamoen aan voor de lesopdrachten fysica I en fysica II in de bachelorjaren chemie en bio-ingenieurswetenschappen. Met een e-mail van 10 april 2006 zendt verzoeker aan de voorzitter en de secretaris van de onderwijscommissie, bij wege van een aantal kanttekeningen op het hem toegezonden exemplaar, zijn bemerkingen bij het verslag van de vergadering van 28 maart 2006 van de onderwijscommissie chemie, om ze als addendum bij het verslag te voegen. Bij de beslissing om de opleidings- onderdelen fysica I en fysica II opnieuw open te verklaren vanaf het academiejaar 2006-2007 brengt verzoeker geen enkele randbemerking -laat staan een bezwaar- aan. De voorzitter stuurt deze mail daags erna ook per mail door aan een ander lid van de onderwijscommissie, met daarbij de vraag of “het punt ‘vervanging W. Decraemer vanaf 1 oktober’” op de volgende faculteitsraad komt. 1.
- In zijn vergadering van 18 april 2006 acteert de faculteitsraad wetenschappen dat verzoeker “zijn ontslag ingediend [heeft] als lesgever en titularis van de vakken Fysica I en Fysica II in de 1e en 2e bachelorjaren Chemie en Bio- ingenieurswetenschappen”, dat de rector “hierop gereageerd [heeft] door D. Lamoen bij hoogdringendheid aan te stellen als plaatsvervangend titularis voor dit academiejaar” en dat het departement fysica een nieuwe lesgever zal voorstellen aan beide betrokken onderwijscommissies. 1.
- In een mail van 20 april 2006 aan de studenten van de betrokken cursus deelt verzoeker mee dat hij, “vooraleer een definitieve vervanger wordt aangeduid voor het volgend academiejaar”, op donderdag 30 maart 2006 het besluit heeft genomen aan het departement fysica “te vragen om voorlopig vervangen te XII-5067-3/8 worden” omdat hij in de gegeven situatie niet gewoon de lessen verder kan doceren tot het einde van het academiejaar. 1.
- Bij mail van 5 mei 2006 zendt de departementsvoorzitter fysica aan “de leden van het ZAP en gelijkgestelden van het departement fysica Universiteit Antwerpen”, waaronder ook verzoeker, het volgende bericht : “Zopas heb ik vanwege de Onderwijscommissies Chemie en Toegepaste Biologische Wetenschappen een vraag ontvangen tot vervanging van de huidige titularissen voor de opleidingsonderdelen Fysica 1 (eerste Bachelor) en Fysica 2 (tweede Bachelor) en dit met ingang van het academiejaar 2006-
- Indien U geïnteresseerd bent in het doceren van één of meerdere cursussen, verzoek ik U uw kandidatuur in te dienen ten laatste op woensdag 10 mei 2006, vóór 12 u”. 1.
- Op 10 mei 2006 bespreekt de departementsraad de twee ingezonden kandidaturen. Verzoeker -geen kandidaat zijnde- verlaat de vergadering na zijn ongenoegen met de gang van zaken te laten notuleren. Bij geheime stemming krijgt D. Lamoen 22 stemmen, M. V. 1 stem en zijn er 2 onthoudingen. Op 15 mei 2006 deelt de departementsvoorzitter van het departement fysica de voornoemde beslissing aan de voorzitter van de onderwijscommissie chemie en toegepaste biologische wetenschappen mee. Bij mail van 16 mei 2006 zendt de departementsvoorzitter de leden van de departementsraad fysica -waaronder verzoeker- de ontwerpnotulen van de departementsraad van 10 mei 2006 en de goedgekeurde notulen van de departementsraad van 22 maart
- 1.
- Op 9 juni 2006 bekrachtigt (of bevestigt) de onderwijscommissie chemie het voorstel van de departementsraad van 10 mei 2006, D. Lamoen aan te stellen als titularis van de bedoelde cursussen fysica. Op 4 september 2006 keurt het dagelijks bestuur van de faculteit wetenschappen de aanstelling van D. Lamoen als titularis van de opleidings- onderdelen fysica I en fysica II in het eerste en tweede bachelorjaar chemie goed. Op 13 oktober 2006 keurt ook de onderwijscommissie toegepaste biologische wetenschappen de aanstelling van D. Lamoen goed. XII-5067-4/8 XII-5067-5/8 De ontvankelijkheid van het beroep 2.
- Als eerste voorwerp van zijn beroep bestrijdt verzoeker “de beslissing van onbekende datum van de Universiteit Antwerpen om verzoeker definitief te verwijderen als lesgever in plaats van in te gaan op zijn verzoek om tijdelijk vervangen te worden”. 2.
- Verzoeker heeft inderdaad op 30 maart 2006 gevraagd om “in afwachting van de aanduiding van een nieuwe lesgever”, in zijn “voorlopige vervanging te willen voorzien”. Dat is wat kennelijk vervolgens ook is gebeurd, wanneer de rector op 31 maart 2006 D. Lamoen bij hoogdringendheid aanstelt voor het vervolg van het academiejaar. Aldus is verwerende partij op dat ogenblik wel degelijk ingegaan op verzoekers vraag om tijdelijk vervangen te worden in afwachting van de aanduiding van een nieuwe lesgever. In die beslissing van de rector ligt derhalve kennelijk geen “definitieve verwijdering” van verzoeker besloten. 2.
- Een andere, uitdrukkelijke beslissing tot “verwijdering”, laat staan “definitieve verwijdering” van verzoeker uit zijn lesopdrachten door enig orgaan van de universiteit is kennelijk onbestaande. Dergelijke beslissing blijkt ook niet impliciet uit de beslissing van 26 maart 2006 van de opleidingscommissie chemie -overigens door verzoeker niet aangevochten- om de beide opleidingsonderdelen open te verklaren vanaf het academiejaar 2006-
- Het was verzoeker immers niet verboden om zich opnieuw kandidaat te stellen. Hij is daartoe zelfs formeel uitgenodigd op 5 mei
- De openverklaring kan derhalve niet worden bestempeld als een vóór-beslissing in de aanstellingsprocedure, die de rechten van verzoeker negatief zou hebben gedetermineerd. Al kan uit de besprekingen tijdens de opleidingscommissie van 26 maart 2006 en uit de mail van 11 april 2006 van de voorzitter van de opleidingscommissie wel worden opgemaakt dat de intentie van die openstelling en om “één enkele titularis” aan te stellen was om -vanaf 1 oktober 2006- een XII-5067-6/8 vervanger voor verzoeker te vinden, dan blijft het een feit dat verzoeker zich daar door zijn eventuele kandidaatstelling tegen kon verzetten en dat, bij ontstentenis van een formeel aan verzoeker gegeven ontslag, slechts door de finale aanstelling van een andere titularis in rechte die vervanging -zo men wil “verwijdering”- van verzoeker kon worden verwezenlijkt. Op de terechtzitting argumenteert verzoeker dat hij zich niet kandidaat stelde omdat hij in de overtuiging leefde dat er slechts tot een tijdelijke vervanging werd besloten en dat over zijn definitieve lot eerst een beslissing zou volgen na afloop van de -overigens nog altijd hangende- evaluatieprocedure. Dit argument kan de Raad van State onmogelijk overtuigen. De opleidingscommissie besloot tot de openstelling van de opleidingsonderdelen “vanaf het academiejaar 2006-2007”. De uitnodiging van de departementsvoorzitter om zich daarvoor kandidaat te stellen meldt een vervanging “met ingang van het academiejaar 2006- 2007”. Van een in de tijd beperkte aanstelling is geen sprake. 2.
- Dit brengt de Raad tot de vaststelling dat verzoeker zijn kandidatuur niet heeft gesteld in de procedure die uiteindelijk is uitgelopen op de aanstelling van D. Lamoen terwijl hij met het tweede voorwerp van zijn beroep toch die aanstelling aanvecht. Een personeelslid dat zonder deugdelijke reden zijn kandidatuur niet stelt terwijl het hem niet onmogelijk was dit te doen, doet kennelijk niet blijken van het belang dat rechtens is vereist om de daaropvolgende benoeming te kunnen bestrijden. Het beroep tegen de aanstelling van D. Lamoen is dan ook kennelijk onontvankelijk. 2.
- Verzoeker heeft dienvolgens al evenmin nog enig belang om zijn “verwijdering” aan te vechten als lesgever uit deze opleidingsonderdelen vanaf het academiejaar 2006-2007, die het impliciete maar zekere gevolg is van de niet ontvankelijk bestreden en definitief geworden aanstelling van D. Lamoen.
- Het beroep is kennelijk onontvankelijk.
- De vordering tot schorsing, als accessorium van het annulatie- beroep, dient hetzelfde lot te ondergaan. XII-5067-7/8 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen. Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes november 2007, door : de HH. G. VAN HAEGENDOREN, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, F. BONTINCK, griffier. De griffier, De voorzitter, F. BONTINCK. G. VAN HAEGENDOREN. XII-5067-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.483 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.