id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 november 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.673 Rolnummer: A. 177052/IX-5438 Zaak: Arrest 176673 - Plaatselijk openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 12/11/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-11-23 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 04:03 Fiche Arrest nr 176.673 van 12 november 2007 Openbaar ambt - Plaatselijk openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 176.673 van 12 november 2007 in de zaak A. 177.052/IX-
- In zake : Joris SCHEERS, wonende te LEUVEN, Naamsevest 170 tegen :
- de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, die woonplaats kiest bij advocaat P. DEVERS, kantoor houdende te GENT, Kouter 71-72
- het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering. tussenkomende partijen :
- Annita STEVENS, die woonplaats kiest bij FC CONSULTING BVBA, gevestigd te LENDELEDE, Langemuntelaan 1,
- Sonja VANBLAERE, wonende te HERNE, Brikstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Joris SCHEERS op 23 september 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissingen van 25 juli 2006 van de Vlaamse regering, betreffende de selectieprocedure en de aanstelling van management- en projectleidersfuncties van N-niveau; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 16 november 2006 ingediend door Annita Stevens; Gelet op de beschikking van 11 december 2006 die de tussen- komst van Annita STEVENS toelaat; IX-5438-1/4 Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 28 november 2006 ingediend door Sonja VANBLAERE; Gelet op de beschikking van 11 december 2006 die de tussen- komst van Sonja VANBLAERE toelaat; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 2 maart 2007; Gelet op het schrijven van de verzoekende partij van 16 juli 2007, waarbij zij vraagt om te worden gehoord; Gelet op de beschikking van 26 september 2007, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 5 november 2007; Gehoord het verslag van kamervoorzitter P. LEMMENS; Gehoord de opmerkingen van de verzoeker, van advocaat P. DEVERS, die verschijnt voor de verwerende partij en van Annita STEVENS; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur B. THYS; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- De bestreden beslissing kan niet aan het Vlaamse Gewest toegerekend worden. De tweede verwerende partij dient dan ook buiten de zaak gesteld te worden.
- Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijnen voor het toesturen van de memorie van wederantwoord of van de aanvullende memorie niet eerbiedigt. Bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij heeft de hoofdgriffier te dezen melding gemaakt van het voornoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State. De verzoeker heeft binnen de termijn van zestig dagen bepaald bij artikel 7 van het IX-5438-2/4 besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geen memorie van wederantwoord aan de griffie doen toekomen. In de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14bis, § 1, van het genoemde besluit van de Regent van 23 augustus 1948, is meegedeeld dat de kamer uitspraak zou doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoeker heeft gevraagd om gehoord te worden. Bij zijn verzoek heeft hij een memorie van wederantwoord gevoegd. Op die memorie, die buiten de termijn is ingediend, kan geen acht worden geslagen. Ter terechtzitting legt de verzoeker nog bijkomende stukken neer, overigens zonder ze op voorhand mede te delen aan de andere partijen. Dergelijke bijkomende stukken, die niet het gevolg zijn van een uitdrukkelijke uitnodiging door een van de andere partijen of het auditoraat, dienen eveneens uit de debatten te worden geweerd. De verzoeker voert geen enkele verantwoording aan voor het niet eerbiedigen van de termijn voor het indienen van een memorie van wederantwoord. Dienvolgens staat niets de toepassing van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State in de weg. BESLUIT: Artikel
- Het Vlaamse Gewest wordt buiten de zaak gesteld. Artikel
- Het beroep wordt verworpen. IX-5438-3/4 Artikel 3 De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 12 november 2007, door : de H. P. LEMMENS, kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. P. LEMMENS. IX-5438-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.673 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.