← België

Arrest 176919 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 20/11/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 november 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.919 Rolnummer: A. 106672/X-10410 Zaak: Arrest 176919 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 20/11/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-11-28 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 04:08 Fiche Arrest nr 176.919 van 20 november 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. nr. 176.919 van 20 november 2007 in de zaak A. 106.672/X-10.

  1. In zake : Jan VANDENBOGAERDE, die woonplaats kiest bij advocaat N. DECLERCQ, kantoor houdende te 8200 SINT-ANDRIES (BRUGGE), Pastoriestraat 137, bus 1 tegen : de deputatie van de provincieraad van WEST-VLAANDEREN. D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Jan VANDENBOGAERDE op 2 juli 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 26 april 2001 van de bestendige deputatie van de provincieraad van West- Vlaanderen waarbij zijn beroep tegen de beslissing van 9 februari 2001 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Brugge, houdende weigering van de stedenbouwkundige vergunning tot het aanleggen van een zwembad, gelegen aan de Zandstraat 500 te Brugge (Sint-Andries), kadastraal bekend sectie C, nrs. 18/h, 18/k, 18/l, 20/b en 21/d, ontvankelijk doch ongegrond wordt verklaard en de vergunning wordt geweigerd; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de beschikking van 26 januari 2005 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien het verzoek tot voortzetting van de verzoeker; X-10410-1/6 Gelet op de beschikking van 20 maart 2007 waarbij de terecht- zitting bepaald wordt op 27 april 2007; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat Y. VASTERSAVENDTS, die loco advocaat N. DECLERCQ verschijnt voor de verzoeker; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  2. Feiten Overwegende dat de feitelijke gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat : 1.
  3. De verzoeker is eigenaar van een woning gelegen aan de Zandstraat 500 te Sint-Andries (Brugge). De eigendom is volgens de bestemmings- voorschriften van het bij koninklijk besluit van 7 april 1977 vastgestelde gewestplan Brugge-Oostkust gelegen in een landschappelijk waardevol agrarisch gebied. Op die percelen zijn tevens de stedenbouwkundige voorschriften van een bijzonder plan van aanleg “Schaapsklauw”, goedgekeurd bij ministerieel besluit van 30 juni 1994, van kracht. Deze voorschriften situeren de eigendom in een zone waar bestaande woningen kunnen verbouwd of uitgebreid worden tot een grondoppervlakte van 200 m2, en waar voorts de bestaande bebouwing alsook de terrein- en groenaanleg qua structuur, karakter en substantie behouden dienen te blijven. 1.
  4. De verzoeker heeft op 13 augustus 1993 de bouwvergunning verkregen om de bestaande woning te verbouwen en uit te breiden tot een grondoppervlakte van 317 m
  5. Op 21 april 2000 heeft de verzoeker tevens de bouwvergunning verkregen om een tuin aan te leggen. 1.
  6. Op 21 december 1999 heeft de verzoeker een aanvraag ingediend bij het college van burgemeester en schepenen van de stad Brugge tot het verkrijgen van een bouwvergunning voor het aanleggen van een zwembad. Dit zwembad wordt X-10410-2/6 op de plannen ingetekend op de plaats waar de plannen voor de tuinaanleg het plaatsen van een buitenterras voorzien. Ondanks een gunstig advies van het college van burgemeester en schepenen van de stad Brugge van 19 mei 2000 om van de voorschriften van het bijzonder plan van aanleg af te wijken, brengt de gemachtigde ambtenaar op 19 januari 2001 een ongunstig advies uit, overwegende dat “het afwijkingsvoorstel in strijd (is) met de basisvisie die aan de grondslag ligt van het plan inzake het beperken van werken en handelingen in deze zone” en dat “ingevolge de BPA- voorschriften, de terrein- en groenaanleg qua structuur, karakter en substantie (dient) behouden te blijven”. Het college van burgemeester en schepenen van de stad Brugge weigert, ingevolge dit ongunstig advies, de gevraagde vergunning bij besluit van 9 februari
  7. 1.
  8. De verzoeker stelt op 6 maart 2001 een beroep in tegen deze weigeringsbeslissing bij de bestendige deputatie van de provincieraad van West- Vlaanderen. Op 26 april 2001 verwerpt de bestendige deputatie het beroep. Dit is het bestreden besluit;
  9. Ontvankelijkheid 2.
  10. Standpunten van de partijen 2.1.
  11. Overwegende dat de verzoeker in zijn verzoekschrift zijn belang uiteenzet als volgt : “Conform de vaststaande rechtspraak is het beroep tot nietigverklaring niet ontvankelijk indien zij gericht is tegen een rechtshandeling die niet griefhoudend is. Het volstaat niet dat de bestuurshandeling op zichzelf, objectief gezien, griefhoudend is wat het voorwerp betreft. Vereist is dat de bestuurshandeling evenzeer een effectief nadeel toebrengt aan de verzoekende partij. Verzoeker heeft in casu een voldoende belang bij de vernietiging, vermits de bestreden beslissing voor verzoeker griefhoudende gevolgen kent, nl. hem schaadt. Als eigenaar en bewoner van de woning, gelegen te 8200 Sint-Andries, Zandstraat 500, waarop de beslissing slaat, heeft verzoeker een vanzelfsprekend rechtstreeks en persoonlijk belang bij het instellen van deze annulatieprocedure”; X-10410-3/6 2.1.
  12. Overwegende dat de verwerende partij in haar memorie van antwoord onder meer de volgende exceptie van onontvankelijkheid wegens gebrek aan belang opwerpt : “Bovendien heeft verzoeker geen belang omdat een eventuele vernietiging hem, gelet op het feit dat de werken reeds gerealiseerd werden, geen enkel nuttig effect kan bijbrengen. Ook al zou de Raad van State de bestreden beslissing vernietigen, dan nog zou verzoeker nooit meer een voorafgaande vergunning kunnen bekomen, maar zou de procedure voor een regularisatie- vergunning dienen te worden aangevat. Krachtens artikel 159 van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening (DORO) kan een regularisatievergunning slechts worden verleend na de opstelling van een certificaat (zgn. certificaat A). Dit certificaat wordt verleend door de stedenbouwkundige inspecteur nadat deze met de aanvrager van de vergunning een vergelijk heeft getroffen. In casu ligt dergelijk certificaat niet voor, dus kan de bestendige deputatie onmogelijk een vergunning verlenen”; 2.1.
  13. Overwegende dat de verzoeker in zijn memorie van wederantwoord op dit argument niet antwoordt ; 2.
  14. Beoordeling 2.2.
  15. Overwegende dat de verwerende partij ter staving van haar exceptie een fotoreportage neerlegt, gedateerd op 26 september 2001, waaruit blijkt dat het kwestieuze zwembad reeds zonder vergunning werd aangelegd; dat dit door de verzoeker niet wordt betwist; dat, te meer nu de verzoeker met betrekking tot zijn wettig belang in zijn memorie van wederantwoord zelf melding maakt van “de regularisatie van een bestaande toestand”, blijkt dat de verzoeker met zijn annulatie- beroep de regularisatie van de constructie nastreeft; 2.2.
  16. Overwegende dat artikel 158 van het decreet van 18 mei 1999 houdende organisatie van de ruimtelijke ordening (hierna : D.R.O.), zoals het van toepassing was op het ogenblik van het instellen van het beroep tot nietigverklaring, bepaalde wat volgt : “§
  17. Bestaat het in artikel 146 bedoelde misdrijf niet in het uitvoeren van werken of het verrichten of voortzetten van handelingen of wijzigingen die een inbreuk plegen op de ruimtelijke uitvoeringsplannen of plannen van aanleg of op de uitvoering van de krachtens dit decreet vastgestelde verordeningen of op de voorschriften van een verkavelingsvergunning, en komen die werken, handelingen en wijzigingen in aanmerking voor de afgifte van de vereiste vergunning, dan kan de stedenbouwkundige inspecteur, met toestemming van de vergunningverlenende overheid, een vergelijk treffen met de overtreder op X-10410-4/6 voorwaarde dat hij een geldsom betaalt, hierna transactiesom te noemen, en een regularisatievergunning aanvraagt. De regularisatievergunning moet worden aangevraagd binnen een termijn van zes maanden na het voorstel van vergelijk. Het vergelijk wordt slechts definitief indien de overtreder de regularisatie- vergunning, bedoeld in artikel 159, heeft verkregen en de transactiesom heeft betaald. Door het definitief geworden vergelijk vervallen de strafvordering en het recht van de overheid om herstel te vorderen. §
  18. De Vlaamse regering bepaalt het bedrag van de transactiesom, alsook de wijze en de modaliteiten van betaling van de transactiesom. De rekenplichtige van het grondfonds geeft van de betaling onmiddellijk kennis aan de stedenbouwkundige inspecteur. Deze ambtenaar stelt vervolgens, op voorwaarde dat de regularisatievergunning werd aangevraagd en kan worden verleend zoals bepaald in § 1, een certificaat op waarin de betaling van de transactiesom en de aanvraag van de regularisatievergunning bevestigd worden en bezorgt dit certificaat aan de overtreder, de vergunningverlenende overheid en de procureur des Konings. De stedenbouwkundige inspecteur licht hen ook onmiddellijk in over de weigering van het vergelijk of het verstrijken van de in § 1 bedoelde termijn. Een afschrift van het certificaat wordt eveneens bezorgd aan de hypotheekbewaarder, bedoeld in artikel 160”; 2.2.
  19. Overwegende dat artikel 159 D.R.O., zoals het van toepassing was op het ogenblik van het instellen van het beroep tot nietigverklaring, luidde als volgt: “In de gevallen bedoeld in artikel 158, § 1, kan een vergunning worden verleend volgens de vergunningsprocedure van dit decreet. Deze regularisatie- vergunning kan echter slechts worden verleend na de opstelling van het certificaat, bedoeld in artikel 158, §
  20. Indien de vergunning niet wordt verleend, wordt de transactiesom onmiddellijk terugbetaald. De lasten en voorwaarden die kunnen opgelegd worden in het kader van de vergunning zijn ook hier van toepassing”; 2.2.
  21. Overwegende dat krachtens artikel 159, eerste lid, D.R.O., zoals het van toepassing was op het ogenblik van het instellen van het beroep tot nietigverklaring, een regularisatievergunning slechts kon worden verleend na het opstellen van het certificaat bedoeld in het op dat ogenblik geldende artikel 158, § 2, D.R.O.; dat niet blijkt dat op dat ogenblik aan de door voornoemd artikel 159, eerste lid, D.R.O. opgelegde voorwaarde was voldaan; dat aldus de bevoegde vergunningverlenende overheid hoe dan ook de gevraagde regularisatievergunning moest weigeren omdat de alsdan geldende dwingende bepaling van artikel 159, eerste lid, tweede zin, D.R.O. zich ertegen verzette dat de regularisatievergunning werd verleend zo het vereiste certificaat niet voorlag; dat de verzoeker derhalve op het ogenblik van het instellen van het beroep tot nietigverklaring geen belang had X-10410-5/6 bij de vernietiging van het bestreden besluit; dat de exceptie gegrond is; dat het beroep niet ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  22. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  23. De kosten van het beroep, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twintig november 2007, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. BOVIN, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-10410-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.176.919 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.